Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

DE WACHTTOREN FEBRUARI 2013

 DE BIJBEL VERANDERT LEVENS

„Ze wilden dat ik zelf onderzocht wat de waarheid was”

„Ze wilden dat ik zelf onderzocht wat de waarheid was”
  • GEBOORTEJAAR: 1982

  • LAND VAN HERKOMST: DOMINICAANSE REPUBLIEK

  • VOORGESCHIEDENIS: OPGEVOED ALS MORMOON

MIJN VERLEDEN:

Ik ben geboren in Santo Domingo (Dominicaanse Republiek) en ik ben de jongste van vier kinderen. Mijn ouders hadden een goede opleiding gehad en wilden dat hun kinderen in een gezond sociaal milieu opgroeiden. Vier jaar voor mijn geboorte kwamen mijn ouders in contact met zendelingen van de mormonen. De jonge mannen waren netjes en goedgemanierd, en dat maakte indruk op mijn ouders. Ze besloten al snel dat ons gezin een van de eerste gezinnen in het land zou worden die zich aansloten bij De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, de mormoonse kerk.

Als kind vond ik het sociale gebeuren in de kerk heel leuk en ik kreeg respect voor de nadruk die werd gelegd op het gezinsleven en morele waarden. Ik was er trots op dat ik een mormoon was en wilde zendeling worden.

Toen ik achttien was, verhuisden we naar de Verenigde Staten zodat ik daar een goede opleiding kon volgen. Ongeveer een jaar later kwamen mijn oom en tante, die Getuigen van Jehovah zijn, bij ons in Florida op bezoek. Ze vroegen ons mee naar een Bijbels congres. Daar viel het me op dat iedereen de Bijbelteksten opzocht en aantekeningen maakte. Dus vroeg ik om pen en papier en begon hetzelfde te doen.

Mijn oom en tante wisten dat ik zendeling wilde worden, dus zeiden ze na het congres dat ze me wel wilden helpen wat meer over de Bijbel te leren. Dat vond ik een goed idee, want ik wist meer van het Boek van Mormon dan van de Bijbel.

DE BIJBEL VERANDERT MIJN LEVEN:

Tijdens onze Bijbelse gesprekken over de telefoon moedigden mijn oom en tante me steeds aan om wat ik geloofde te vergelijken met  wat de Bijbel leert. Ze wilden dat ik zelf onderzocht wat de waarheid was.

Er waren veel dingen van het mormoonse geloof die ik voor waar had aangenomen, maar ik wist niet goed of die ideeën door de Bijbel werden ondersteund. Mijn tante stuurde me de Ontwaakt! van 8 november 1995 (uitgegeven door Jehovah’s Getuigen) waar een paar artikelen over het mormoonse geloof in stonden. Ik was verbaasd dat ik veel van de mormoonse leerstellingen niet kende. Daarom ging ik naar de officiële website van de mormonen om te checken of de informatie in de Ontwaakt! klopte. Die klopte inderdaad, en ik kreeg verdere bevestiging toen ik een paar mormoonse museums in Utah bezocht.

Ik had altijd geloofd dat het Boek van Mormon en de Bijbel elkaar aanvulden. Maar toen ik de Bijbel serieus begon te lezen, kwam ik dingen tegen die strijdig waren met mormoonse leerstellingen. Zo zegt de Bijbel in Ezechiël 18:4 dat de ziel sterft. Maar in het Boek van Mormon staat in Alma 42:9 dat „de ziel nooit kon sterven”.

Naast die leerstellige tegenstrijdigheden had ik problemen met de nationalistische ideeën van de mormonen. Ze leren bijvoorbeeld dat de Hof van Eden in Jackson County (Missouri, VS) lag. En profeten van de kerk zeggen dat wanneer „het Koninkrijk Gods zal gaan regeren, de vlag van de Verenigde Staten trots en onbezoedeld zal wapperen aan de vlaggenmast van vrijheid en gelijke rechten”.

Ik vroeg me af hoe mijn geboorteland, of enig ander land, in dat plaatje paste. Toen ik op een avond werd gebeld door een jonge mormoon die als zendeling werd opgeleid, begon ik daarover. Ik vroeg hem rechtstreeks of hij tegen andere mormonen zou vechten als zijn land met hun land in oorlog was. Tot mijn verbazing zei hij ja! Ik verdiepte me nog meer in de leringen van mijn geloof en ging ook met belangrijke leiders van mijn kerk praten. Die zeiden dat de antwoorden op mijn vragen met mysteries te maken hadden die ooit duidelijk zouden worden als het licht helderder werd.

Teleurgesteld dacht ik nog eens na over mijn motieven om zendeling te worden. Ik besefte dat één reden was dat ik gewoon andere mensen wilde helpen. Ook de status die je als zendeling had, sprak me wel aan. Maar ik kon niet echt zeggen dat ik veel over God wist. Hoewel ik in het verleden vaak in de Bijbel had gekeken, had ik er niet veel waarde aan gehecht. Ik wist niets over Gods voornemen met de aarde en de mensen.

DE VOORDELEN:

Toen ik met Jehovah’s Getuigen de Bijbel bestudeerde, kwam ik onder andere te weten wat Gods naam is, wat er bij de dood gebeurt en wat Jezus’ rol is in de realisatie van Gods voornemen. Eindelijk leerde ik dit prachtige boek beter kennen, en ik praatte graag met anderen over wat ik leerde. Ik had altijd al geweten dat God bestond, maar nu kon ik in gebed met hem praten als mijn beste Vriend. Op 12 juli 2004 werd ik als een van Jehovah’s Getuigen gedoopt, en een halfjaar later werd ik fulltimeprediker.

Ik heb vijf jaar op het internationale hoofdkantoor van Jehovah’s Getuigen in Brooklyn (New York) gewerkt. Ik vond het geweldig mee te kunnen werken aan het maken van bijbels en Bijbelse lectuur voor miljoenen mensen over de hele wereld, en ik geniet er nog steeds van anderen te helpen God beter te leren kennen.