Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

De Wachttoren  |  juli 2011

 Nader dicht tot God

Heeft Jehovah gevoelens?

Heeft Jehovah gevoelens?

ALS het antwoord op die vraag ja is, komt er meteen een volgende vraag op: heeft ons gedrag invloed op Gods gevoelens? Met andere woorden, kunnen we hem gelukkig maken of pijn doen door onze daden? Sommige filosofen uit de oudheid dachten van niet. Ze redeneerden dat niemand God kan beïnvloeden en dat God daarom geen gevoel kan hebben. Maar de Bijbel geeft een ander beeld, namelijk dat Jehovah tedere gevoelens heeft en dat het voor hem heel veel uitmaakt wat we doen. Laten we eens stilstaan bij Psalm 78:40, 41.

Psalm 78 vertelt wat Jehovah allemaal voor het vroegere Israël heeft gedaan. Nadat hij het volk uit slavernij in Egypte had bevrijd, deed hij het aanbod een speciale relatie met hen aan te gaan. Hij beloofde hun dat ze, als ze gehoorzaam zouden blijven aan zijn wetten, zijn „speciale bezit” zouden worden en een bijzondere rol zouden spelen in zijn voornemen met de mensheid. Het volk stemde hiermee in en werd in het Wetsverbond opgenomen. Hielden ze zich aan hun belofte? — Exodus 19:3-8.

We kunnen Jehovah niets waardevollers geven dan te leven op een manier die hem blij maakt

De psalmist zegt: „Hoe dikwijls plachten zij weerspannig tegen hem te zijn in de wildernis!” (vers 40) Het volgende vers voegt eraan toe: „Herhaaldelijk plachten zij God op de proef te stellen” (vers 41). Het gaat hier dus om steeds terugkerende opstandigheid. Die vervelende houding werd al vroeg zichtbaar: in de woestijn, kort na hun bevrijding uit Egypte. Het volk ging tegen God klagen en trok in twijfel of hij wel voor hen kon en wilde zorgen (Numeri 14:1-4). Een naslagwerk voor Bijbelvertalers zegt dat de woorden ’zij plachten weerspannig tegen hem te zijn’ „soms idiomatisch weergegeven worden als ’ze verhardden hun hart tegen God’ of ’ze zeiden nee tegen God’”. Toch was Jehovah zo goed zijn volk te vergeven als ze berouw hadden. Maar dan vervielen ze weer in hun oude gedrag en werden ze weer opstandig, en dat ging steeds zo door (Psalm 78:10-19, 38).

Hoe voelde Jehovah zich als zijn wispelturige volk in opstand kwam? „Steeds weer maakten zij dat hij zich gegriefd voelde”, zegt vers 40. Volgens een andere vertaling „kwetsten zij hem”. Een Bijbels naslagwerk legt uit: „Dit betekent dat de manier waarop de Hebreeën zich gedroegen pijn veroorzaakte, zoals het gedrag van een ongehoorzaam en opstandig kind pijn doet.” Net zoals een onhandelbaar kind zijn ouders veel verdriet kan doen, „bedroefden [de opstandige Israëlieten] zelfs de Heilige Israëls” (vers 41).

Wat kunnen we uit deze psalm leren? Het is geruststellend te zien dat Jehovah erg gehecht is aan zijn aanbidders en ze niet gauw laat vallen. Tegelijkertijd is het een ernstige gedachte dat Jehovah gevoelens heeft en dat ons gedrag zijn gevoelens kan beïnvloeden. Zet dat u ertoe aan het goede te willen doen?

In plaats van een slecht leven te leiden en Jehovah verdriet te doen, kunnen we ervoor kiezen goed te leven en zijn hart blij te maken. En dat is precies wat hij van zijn aanbidders vraagt: „Wees wijs, mijn zoon, en verheug mijn hart” (Spreuken 27:11). We kunnen Jehovah niets waardevollers geven dan te leven op een manier die hem blij maakt.

Bijbelleesgedeelte voor juli: