Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

DE WACHTTOREN APRIL 2011

 Om met uw kinderen te lezen

Voel je je weleens alleen en bang?

Voel je je weleens alleen en bang?

ER ZIJN veel mensen die zich alleen voelen. Ze denken dat niemand van ze houdt. Oudere mensen voelen zich vaak zo. Maar ook een heleboel kinderen, zelfs veel kinderen die God dienen, voelen zich weleens alleen en bang. Weet je hoe dat komt?  *

Dat kan door veel dingen komen. Kijk maar eens naar het voorbeeld van een man die lang geleden leefde, bijna duizend jaar voordat Jezus werd geboren. Hij heette Elia. In zijn tijd wilden de mensen in Israël Jehovah, de ware God, niet meer dienen. De meesten waren de valse god Baäl gaan aanbidden. Elia zei: ’Ik ben alleen overgebleven.’ Maar denk je dat Elia echt de enige was die Jehovah nog diende? 

Er waren nog andere mensen in Israël die de ware God dienden, ook al wist Elia dat niet. Maar ze hadden zich verstopt. Ze waren bang. Weet je waarom? 

Achab, de koning van Israël, diende Jehovah niet. Hij was een aanbidder van Baäl, de valse god van Achabs slechte vrouw, Izebel. Zij en Achab zochten naar Jehovah’s aanbidders, en vooral naar Elia, om ze te doden. Daarom vluchtte Elia. Hij liep bijna vijfhonderd kilometer naar de woestijn bij de berg Horeb, die in de Bijbel ook wel Sinaï wordt genoemd. Daar had Jehovah zijn volk honderden jaren eerder de tien geboden en de rest van zijn Wet gegeven. Elia verstopte zich  helemaal alleen in een grot in de Horeb. Denk je dat Elia bang had hoeven zijn? 

De Bijbel zegt dat Jehovah Elia had gebruikt om grote wonderen te doen. Jehovah had bijvoorbeeld vuur uit de hemel laten komen om een offer te verbranden. Dat was een antwoord op een gebed van Elia. Op die manier had Jehovah laten zien dat Hij de ware God was, en niet Baäl. En nu praatte Jehovah met Elia in de grot.

’Wat doe je hier, Elia?’, vroeg Jehovah. Toen zei Elia: ’Ik ben van al uw aanbidders alleen overgebleven.’ Jehovah verbeterde Elia vriendelijk en zei: ’Er zijn nog zevenduizend mensen die mij dienen.’ Jehovah vroeg Elia terug te gaan en legde uit dat hij nog meer werk voor hem te doen had.

Wat kunnen we volgens jou van Elia’s voorbeeld leren? — Zelfs mensen die Jehovah dienen, kunnen weleens bang zijn. Dus moeten we allemaal, jong en oud, eraan denken dat we Jehovah om hulp vragen. De Bijbel belooft: ’Jehovah is dicht bij iedereen die hem om hulp vraagt.’

We kunnen er nog iets van leren: We hebben overal broeders en zusters die van Jehovah houden en ook van ons. De Bijbel zegt: ’Onze broeders en zusters in de hele wereld maken dezelfde nare dingen mee.’ Vind je het niet fijn dat je nooit helemaal alleen bent? 

^ ¶3 Als u een kind voorleest, kunt u bij het streepje even pauzeren om het kind iets te laten zeggen.