Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

DE WACHTTOREN APRIL 2008

 Om met uw kinderen te lezen

Timotheüs was bereid om te dienen

Timotheüs was bereid om te dienen

TIMOTHEÜS was iemand die altijd heel bereidwillig was. Toen hij werd uitgenodigd om God te dienen, had hij dezelfde houding als een andere aanbidder van God, die zei: „Hier ben ik! Zend mij” (Jesaja 6:8). Omdat Timotheüs zo bereidwillig was, heeft hij een spannend leven gehad. Zou je daar meer over willen horen? —

Timotheüs werd honderden kilometers van Jeruzalem in Lystra geboren. Zijn oma Loïs en zijn moeder, Eunice, bestudeerden Gods Woord goed. Toen Timotheüs nog heel klein was, begonnen ze hem er al over te vertellen. — 2 Timotheüs 1:5; 3:15.

Wat is er gebeurd?

Toen Timotheüs waarschijnlijk nog maar een tiener was, maakte de apostel Paulus samen met Barnabas zijn eerste lange predikingstocht. Ze kwamen ook in Lystra. Waarschijnlijk werden Timotheüs’ moeder en oma toen christenen. Weet je wat Paulus en Barnabas daar meemaakten? — Mensen die niet van christenen hielden, gooiden stenen naar Paulus, sloegen hem tegen de grond en sleepten hem de stad uit. Ze dachten dat hij dood was.

Maar de mensen die geloofden wat Paulus vertelde, kwamen naar hem toe en hij stond weer op. De volgende dag gingen Paulus en Barnabas weg, maar al snel kwamen ze terug naar Lystra. Paulus hield toen een lezing en zei tegen de discipelen: „Wij moeten door veel verdrukkingen heen het koninkrijk Gods binnengaan” (Handelingen 14:8-22). Weet je wat Paulus daarmee bedoelde? — Hij bedoelde dat anderen het je moeilijk zouden maken als je God dient. Paulus schreef later aan Timotheüs dat iedereen die als christen wil leven, vervolgd zal worden. — 2 Timotheüs 3:12; Johannes 15:20.

Nadat Paulus en Barnabas uit Lystra waren weggegaan, gingen ze terug naar huis. Een paar maanden later koos Paulus Silas uit om met hem  mee te reizen. Samen gingen ze terug om de nieuwe discipelen aan te moedigen in de plaatsen waar Paulus geweest was. Wat moet Timotheüs blij zijn geweest Paulus weer te zien toen ze in Lystra kwamen! Timotheüs was nog blijer toen hij werd uitgenodigd om met Paulus en Silas mee te reizen. Timotheüs nam de uitnodiging bereidwillig aan. — Handelingen 15:40–16:5.

Met z’n drieën liepen ze heel wat kilometers, en toen gingen ze aan boord van een boot die naar Griekenland ging. Toen ze weer aan land kwamen, liepen ze naar Thessalonika. Veel mensen daar werden christenen. Maar anderen werden boos en wilden Paulus, Silas en Timotheüs aanvallen. Hun leven was in gevaar en daarom vertrokken ze naar Berea. — Handelingen 17:1-10.

Paulus maakte zich zorgen over de nieuwe christenen, dus stuurde hij Timotheüs terug naar Thessalonika. Weet je waarom hij dat deed? — Paulus legde later aan de christenen in Thessalonika uit dat het was om hen te troosten en aan te moedigen, zodat ze zich niet uit het veld zouden laten slaan. Weet je waarom Paulus Timotheüs zo’n gevaarlijke opdracht gaf, ook al was hij nog maar jong? — Omdat de meeste tegenstanders Timotheüs nog niet kenden, en hij was bereid te gaan. Daar was veel moed voor nodig! Hoe ging het bezoek? Toen Timotheüs bij Paulus terugkwam, vertelde hij hem hoe trouw de Thessalonicenzen waren. Paulus schreef hun dat dat een hele geruststelling was. — 1 Thessalonicenzen 3:2-7.

Timotheüs werkte daarna tien jaar met Paulus samen. Toen werd Paulus in Rome gevangengezet. Timotheüs had kort daarvoor zelf ook in de gevangenis gezeten, maar hij ging naar Paulus toe om bij hem te zijn. Vanuit de gevangenis stuurde Paulus een brief aan de Filippenzen, die hij misschien door Timotheüs heeft laten opschrijven. Paulus zei dat hij hoopte Timotheüs naar ze toe te kunnen sturen, omdat hij niemand had die zo trouw was en hen zo goed kon dienen. — Filippenzen 2:19-22; Hebreeën 13:23.

Wat moet dat Timotheüs blij hebben gemaakt! Paulus ging heel veel van Timotheüs houden omdat hij bereid was te dienen. Wij hopen dat jij net zo bereidwillig zult zijn.