Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

DE WACHTTOREN (STUDIE-UITGAVE) SEPTEMBER 2016

‘Mogen uw handen niet verslappen’

‘Mogen uw handen niet verslappen’

‘Mogen uw handen niet verslappen.’ — ZEF. 3:16.

LIEDEREN: 81, 32

1, 2. (a) Met welke problemen hebben veel mensen te maken, en wat voor gevolgen heeft dat? (b) Waarvan verzekert Gods Woord ons in Jesaja 41:10, 13?

EEN pionierster die getrouwd is met een ouderling zei: ‘Ondanks een goede geestelijke routine worstel ik al jaren met angstgevoelens. Het berooft me van mijn nachtrust, tast mijn gezondheid aan en beïnvloedt de manier waarop ik met anderen omga. Soms wil ik het liefst in een hoekje wegkruipen en het gewoon opgeven.’

2 Herken je die gevoelens? Helaas oefent Satans wereld een enorme druk uit op mensen, waardoor ze zich uitgeput en down kunnen gaan voelen, alsof ze iets heel zwaars dragen en niet vooruitkomen (Spr. 12:25). Wat kan dat soort gevoelens veroorzaken? Misschien heb je iemand in de dood verloren of heb je te maken met een ernstige ziekte. Of je probeert in deze financieel zware tijden in het onderhoud van je gezin te voorzien. Misschien heb je te maken met tegenstand. De stress die door zulke situaties wordt veroorzaakt, kan je van je kracht beroven. Het kan je zelfs beroven van je vreugde. Toch kun je er zeker van zijn dat Jehovah zijn helpende hand naar je uitsteekt. (Lees Jesaja 41:10, 13.)

3, 4. (a) Hoe gebruikt de Bijbel het woord ‘handen’? (b) Wat kan er de oorzaak van zijn dat iemand zijn handen laat verslappen?

3 In de Bijbel staan veel illustraties waarbij delen van het  lichaam worden gebruikt om iets af te beelden. De hand bijvoorbeeld wordt honderden keren genoemd. Je handen versterken kan de betekenis hebben van aangemoedigd of gesterkt worden om iets te doen (1 Sam. 23:16; Ezra 1:6). Verder kan het betekenen dat je een positieve, hoopvolle toekomst voor je ziet.

4 De handen laten verslappen is weleens gebruikt om te zeggen dat iemand zich ontmoedigd of verslagen voelt, of geen hoop heeft (2 Kron. 15:7; Hebr. 12:12). In zo’n situatie zou iemand het normaal gesproken opgeven. Wat als jouw omstandigheden je stress bezorgen of als ze je lichamelijk, emotioneel of zelfs geestelijk verzwakken? Hoe kun je dan aangemoedigd worden? Hoe kun je de wil en de kracht vinden om te volharden en je vreugde te behouden?

‘DE HAND VAN JEHOVAH IS NIET TE KORT’

5. (a) Wat is misschien onze neiging als we problemen hebben, maar wat moeten we in gedachte houden? (b) Wat gaan we bespreken?

5 Lees Zefanja 3:16, 17. In plaats van toe te geven aan angst en ontmoediging — de handen laten verslappen — moeten we al onze zorgen bij onze lieve Vader neerleggen (1 Petr. 5:7). Hij geeft om ons, zoals hij om het volk Israël gaf. Hij zei tegen hen dat zijn hand ‘niet te kort’ was om ze te redden (Jes. 59:1). En hij staat nog steeds voor zijn trouwe aanbidders klaar. We gaan nu drie bijzondere Bijbelse voorbeelden bespreken die laten zien dat Jehovah zijn aanbidders de kracht kan en wil geven om zijn wil te doen ondanks schijnbaar onoverkomelijke moeilijkheden. Kijk eens hoe deze voorbeelden je kunnen helpen.

6, 7. Wat kunnen we leren van Israëls overwinning op de Amalekieten?

6 Kort nadat de Israëlieten door een wonder waren bevrijd uit slavernij in Egypte, werden ze door de Amalekieten aangevallen. Op aanwijzing van Mozes gingen ze de strijd aan, aangevoerd door de moedige Jozua. Mozes ging, samen met Aäron en Hur, naar een heuvel vlakbij, vanwaar ze de strijd konden zien. Renden deze drie mannen uit angst weg van de strijd? Absoluut niet.

7 Mozes had een plan dat de sleutel tot hun succes bleek te zijn. Hij hield de staf van de ware God omhoog richting de hemel. Zolang hij dat deed, gaf Jehovah de Israëlieten de kracht om de Amalekieten de baas te blijven. Maar toen Mozes moe begon te worden en zijn armen liet zakken, begonnen de Amalekieten te winnen. Aäron en Hur kwamen meteen in actie en ‘namen vervolgens een steen en legden die onder [Mozes], en hij ging erop zitten; en Aäron en Hur ondersteunden zijn handen, de een aan deze zijde en de ander aan gene zijde, zodat zijn handen onbeweeglijk bleven totdat de zon onderging’. Door de kracht van Gods hand konden de Israëlieten de strijd winnen (Ex. 17:8-13).

8. (a) Wat deed Asa toen de Ethiopiërs een bedreiging vormden voor Juda? (b) Hoe kunnen we het voorbeeld van Asa volgen?

8 Ook in de tijd van koning Asa bleek Jehovah’s hand niet te kort te zijn. De Bijbel beschrijft veel veldslagen. Het grootste leger dat wordt genoemd, was dat van Zera de Ethiopiër, die over 1.000.000 ervaren soldaten beschikte. Dat waren er bijna twee keer zo veel als Asa’s soldaten. Je kunt je voorstellen dat het voor de hand lag dat Asa bang zou worden en zijn ‘handen zou laten verslappen’. Maar in plaats daarvan zocht Asa onmiddellijk hulp bij Jehovah. Strategisch gezien zou Asa de Ethiopiërs onmogelijk kunnen verslaan, maar ‘bij God zijn alle dingen mogelijk’ (Matth. 19:26). God toonde zijn kracht en versloeg de Ethiopiërs voor Asa, wiens ‘hart zelf al  zijn dagen onverdeeld met Jehovah bleek te zijn’ (1 Kon. 15:14; 2 Kron. 14:8-13).

9. (a) Met welke moeilijkheden had Nehemia te maken? (b) Hoe verhoorde Jehovah Nehemia’s gebed?

9 Stel je voor hoe Nehemia zich gevoeld moet hebben toen hij naar Jeruzalem ging. De stad was kwetsbaar voor aanvallen en de Joden waren erg ontmoedigd. Door de bedreigingen van buitenlandse tegenstanders hadden de Joden hun handen laten verslappen en waren ze niet bezig met de herbouw van de stadsmuren. Hoe zou Nehemia reageren? Zou ook hij zich laten ontmoedigen, zijn handen laten verslappen? Nee. Nehemia had altijd al voor hulp op Jehovah vertrouwd, net zoals Mozes, Asa en andere trouwe aanbidders van Jehovah dat hadden gedaan. En ook deze keer vroeg Nehemia zijn God om hulp. Terwijl het leek alsof de Joden verloren waren, verhoorde Jehovah het oprechte gebed van Nehemia. God gebruikte zijn ‘grote kracht’ en ‘sterke hand’ om de handen van de Joden te sterken. (Lees Nehemia 1:10; 2:17-20; 6:9.) Geloof jij dat Jehovah zijn ‘grote kracht’ en ‘sterke hand’ gebruikt om zijn aanbidders in deze tijd te helpen?

JEHOVAH VERSTERKT ONZE HANDEN

10, 11. (a) Wat doet Satan om onze handen te laten verslappen? (b) Wat doet Jehovah om ons te versterken? (c) Wat heb jij aan theocratisch onderwijs gehad?

10 De Duivel zal zijn handen nooit laten verslappen; hij blijft proberen ons te laten stoppen met onze christelijke activiteiten. Hij maakt gebruik van leugens en bedreigingen van overheden, religieuze leiders en afvalligen. Wat is zijn doel? Hij wil dat we onze handen laten verslappen in het prediken van het goede nieuws van het Koninkrijk. Maar Jehovah kan en wil ons door zijn heilige geest kracht geven (1 Kron. 29:12). Het is essentieel dat we gebruikmaken van die kracht, want die kan ons in staat stellen om welke moeilijkheden Satan en zijn wereld ons ook maar bezorgen, te overwinnen (Ps. 18:39; 1 Kor. 10:13). Verder kunnen we blij zijn dat we de Bijbel hebben, een product van de heilige geest. Denk ook eens aan al het geestelijke voedsel dat we elke maand krijgen, dat op de Bijbel gebaseerd is. De woorden in Zacharia 8:9, 13 (lees) werden tijdens de herbouw van de tempel in Jeruzalem uitgesproken, en ook voor ons zijn die woorden heel toepasselijk.

11 We worden ook gesterkt door al het Bijbelse onderwijs op onze gemeentevergaderingen, kringvergaderingen, congressen en theocratische scholen. Dat onderwijs kan ons helpen om de juiste motivatie te houden, onze christelijke verantwoordelijkheden na te komen en onszelf geestelijke doelen te stellen (Ps. 119:32). Doe jij je best om kracht te halen uit dat onderwijs?

12. Wat moeten we doen om geestelijk sterk te blijven?

12 Jehovah hielp de Israëlieten om de Amalekieten en de Ethiopiërs te verslaan, en hij gaf Nehemia en zijn volksgenoten de kracht om de herbouw van de muren af te ronden. Jehovah zal ook ons de kracht geven om weerstand te bieden tegen angst, tegenstand of onverschilligheid van mensen, zodat we kunnen doorgaan met het predikingswerk (1 Petr. 5:10). We verwachten niet dat Jehovah wonderen voor ons zal doen. We beseffen dat we ons deel moeten doen. Dat houdt in dat we elke dag de Bijbel lezen, wekelijks de vergaderingen voorbereiden en bezoeken, ons hart en onze geest voeden door persoonlijke studie en gezinsaanbidding, en Jehovah altijd om zijn kracht bidden. We moeten nooit toelaten dat andere doelen of activiteiten belangrijker worden dan de voorzieningen  die Jehovah ons heeft gegeven om ons te sterken en aan te moedigen. Als je merkt dat je op een bepaald terrein je handen hebt laten verslappen, vraag Jehovah dan om hulp. Je zult merken dat Gods geest je tot actie aanzet en je zowel de wil als de kracht geeft om te handelen (Fil. 2:13). Maar wat kun je doen om anderen te versterken?

VERSTERK DE HANDEN VAN JE BROEDERS EN ZUSTERS

13, 14. (a) Hoe werd een broeder gesterkt na de dood van zijn vrouw? (b) Hoe kunnen we anderen sterken?

13 Jehovah heeft ons een wereldwijde broederschap gegeven van mensen die om ons geven en die ons kunnen aanmoedigen. Denk aan wat Paulus schreef: ‘Richt de neerhangende handen en de verslapte knieën op, en blijft rechte paden voor uw voeten maken’ (Hebr. 12:12, 13). Veel christenen in de eerste eeuw pasten die raad toe en gaven anderen geestelijke aanmoediging. En dat is in deze tijd niet anders. Nadat een broeder zijn vrouw had verloren in de dood en andere pijnlijke dingen had meegemaakt, zei hij: ‘Ik weet nu dat we onze beproevingen niet kunnen uitkiezen, en ook niet wanneer ze komen of hoe vaak. Gebed en persoonlijke studie zijn voor mij als een reddingsvest geweest dat mijn hoofd boven water heeft gehouden. En de steun van mijn broeders en zusters heeft me veel troost gegeven. Ik ben gaan beseffen hoe belangrijk het is om een goede persoonlijke band met Jehovah te ontwikkelen nog vóór er moeilijkheden op je pad komen.’

Iedereen in de gemeente kan een ander aanmoedigen (Zie alinea 14)

14 Aäron en Hur ondersteunden Mozes letterlijk tijdens de strijd. Wij kunnen naar manieren zoeken waarop we anderen kunnen ondersteunen door praktische hulp te geven. Aan wie zouden we kunnen denken? Aan degenen die te maken hebben met gezondheidsproblemen, de gevolgen van het ouder worden, tegenstand van familieleden, eenzaamheid of het verlies van iemand van wie ze houden. We kunnen ook de jongeren versterken. Zij staan onder druk om verkeerde dingen te doen, of om het helemaal te gaan maken in deze wereld door hoger onderwijs te volgen, veel geld te verdienen of een goede carrière te hebben (1 Thess. 3:1-3; 5:11, 14). Zoek naar manieren om oprechte belangstelling voor anderen te tonen in de velddienst, in de Koninkrijkszaal, tijdens een gezamenlijke maaltijd of tijdens een telefoongesprek.

15. Welke uitwerking kunnen positieve woorden op anderen hebben?

15 Na de spectaculaire overwinning die Asa had behaald, moedigde de profeet Azarja hem en zijn volk aan met de woorden: ‘En gij, weest moedig en laat uw handen niet verslappen, want er bestaat een beloning voor uw activiteit’ (2 Kron. 15:7). Die woorden zetten Asa ertoe aan grote veranderingen door te voeren om de ware aanbidding te herstellen. Ook jouw positieve woorden kunnen veel invloed op anderen hebben en hen er misschien toe aanzetten zich vollediger voor Jehovah in te zetten (Spr. 15:23). En onderschat nooit wat voor invloed het op anderen kan hebben als je op vergaderingen je hand opsteekt en opbouwende commentaren geeft!

16. Hoe kunnen ouderlingen, net als Nehemia, anderen versterken? Hoe ben je zelf door je broeders en zusters geholpen?

16 Nehemia en zijn volksgenoten ‘sterkten hun handen’ voor het werk dat gedaan moest worden, met Jehovah’s steun. In 52 dagen waren de muren van Jeruzalem klaar! (Neh. 2:18; 6:15, 16) Nehemia hield niet alleen maar toezicht op het werk, maar hielp zelf ook mee met de herbouw  van de muren (Neh. 5:16). Veel liefdevolle ouderlingen hebben het voorbeeld van Nehemia gevolgd door mee te helpen bij theocratische bouwprojecten of bij het schoonmaken en onderhouden van de plaatselijke Koninkrijkszaal. Door met broeders en zusters samen te werken in de velddienst en door herderlijke bezoeken te brengen, hebben ze ook degenen gesterkt die het moeilijk hadden. (Lees Jesaja 35:3, 4.)

‘MOGEN UW HANDEN NIET VERSLAPPEN’

17, 18. Wat moeten we bedenken als we het moeilijk hebben?

17 Jehovah dienen samen met onze broeders en zusters bevordert de eenheid. Ook ontstaan hierdoor levenslange vriendschappen en versterken we elkaars hoop op de toekomstige zegeningen onder Gods Koninkrijk. Als we anderen versterken, helpen we ze om te vechten tegen ontmoediging en om de toekomst positief en hoopvol tegemoet te zien. En door anderen te versterken, blijven we zelf ook op geestelijke dingen geconcentreerd. Het helpt ons te beseffen dat wat Jehovah ons heeft beloofd ook echt gaat uitkomen — het versterkt onze eigen handen!

18 Als we lezen hoe Jehovah bij verschillende gelegenheden zijn trouwe aanbidders in het verleden heeft ondersteund en beschermd, versterkt dat ons geloof en vertrouwen in hem. Als jij met problemen en druk te maken krijgt, laat dan je handen niet verslappen! Vraag Jehovah om hulp, en laat zijn machtige hand je versterken en je naar Koninkrijkszegeningen leiden (Ps. 73:23, 24).