Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

De Wachttoren — studie-uitgave  |  juni 2017

Los jij meningsverschillen op en bevorder je de vrede?

Los jij meningsverschillen op en bevorder je de vrede?

JEHOVAH verlangt van ons dat we vrede hebben onder elkaar, dat we vrede tot een belangrijk deel van ons leven maken. Door vredelievend te zijn, ervaren Jehovah’s aanbidders een overvloed aan vrede. Dat maakt de christelijke gemeente aantrekkelijk voor anderen die ook niet van conflicten houden.

Een vooraanstaand medicijnman in Madagaskar merkte de harmonie onder Jehovah’s Getuigen op. Hij zei bij zichzelf: ‘Als ik me ooit nog eens bij een geloof wil aansluiten, zou dat hun geloof zijn.’ Na verloop van tijd stopte hij met zijn spiritistische praktijken, werkte er maandenlang aan om zijn onbijbelse huwelijkssituatie op orde te krijgen en werd een aanbidder van Jehovah, de God van vrede.

Elk jaar vinden duizenden mensen, net als die man, in de christelijke gemeente de vrede waar ze zo wanhopig naar verlangden. Maar de Bijbel maakt duidelijk dat de aanwezigheid van ‘bittere jaloezie en twistgierigheid’ in de gemeente vriendschappen kan kapotmaken en problemen kan veroorzaken (Jak. 3:14-16). Gelukkig bevat de Bijbel ook positieve adviezen over hoe je problemen kunt voorkomen en de vrede kunt bevorderen. Sta eens stil bij enkele situaties die uit het leven zijn gegrepen.

PROBLEMEN EN OPLOSSINGEN

‘Ik kon niet goed opschieten met een broeder met wie ik samenwerkte. Een keer kwamen er twee mensen binnen terwijl we net tegen elkaar aan het schreeuwen waren.’ — CHRIS.

‘Een zuster met wie ik vaak in de velddienst ging, zei ineens onze velddienstafspraken af. Later praatte ze helemaal niet meer tegen me. Ik had geen flauw idee waarom.’ — JANET.

‘Ik had eens een telefonisch groepsgesprek met twee anderen. Eén van hen nam afscheid, en ik dacht dat hij had opgehangen. Ik begon onaardige dingen over hem te zeggen, maar toen bleek dat hij nog niet had opgehangen.’ — MICHAEL.

‘In onze gemeente ontstonden problemen tussen twee pioniersters. De een begon zelfs tekeer te gaan tegen de ander. Door hun geruzie raakten anderen ontmoedigd.’ — GARY.

Misschien lijken deze incidenten niet zo ernstig. Maar elk voorval had blijvende emotionele en geestelijke schade kunnen veroorzaken bij de betrokkenen. Gelukkig hebben deze broeders en zusters de vrede kunnen herstellen. Ze hebben zich allemaal door de Bijbel laten leiden. Wat denk jij, welke Bijbelse richtlijnen hebben ze met succes toegepast?

 ‘Wordt onderweg niet verbitterd [of boos] op elkaar’ (Gen. 45:24). Die raad gaf Jozef aan zijn broers toen ze teruggingen naar hun vader. Wat een wijze woorden! Als iemand zijn gevoelens niet onder controle heeft en snel boos wordt, kan hij anderen daarmee ergeren. Chris kwam erachter wat zijn zwakheden waren. Hij was trots en vond het moeilijk leiding te accepteren. Maar hij wilde veranderen. Hij bood de broeder met wie hij ruzie had zijn excuses aan en deed zijn best om zijn opvliegende karakter de baas te worden. Toen zijn collega merkte dat Chris aan zichzelf probeerde te werken, ging hij dat ook doen. Nu vinden ze het fijn om Jehovah samen te dienen.

‘Plannen zijn tot mislukking gedoemd waar geen vertrouwelijk gesprek is’ (Spr. 15:22). Janet ging beseffen dat ze die waarheid nog beter moest toepassen in haar leven. Ze besloot het gesprek aan te gaan met de betreffende zuster. Tijdens het gesprek moedigde Janet de zuster tactvol aan om haar ergernissen te uiten. In het begin was het niet zo’n ontspannen gesprek. Maar het werd beter, omdat ze het probleem op een rustige, kalme manier bespraken. De zuster kwam erachter dat ze iets verkeerd begrepen had en dat Janet er niets mee te maken had. Ze bood haar excuses aan, en nu dienen ze Jehovah weer als een team.

‘Wanneer gij daarom uw gave naar het altaar brengt en u daar herinnert dat uw broeder iets tegen u heeft, laat uw gave dan daar vóór het altaar en ga heen; sluit eerst vrede met uw broeder’ (Matth. 5:23, 24). Je kent deze raad uit de Bergrede natuurlijk wel. Toen Michael besefte hoe lomp hij was geweest, voelde hij zich vreselijk. Hij was vastbesloten te proberen de vrede te herstellen. Hij ging naar de broeder die hij had gekwetst toe en bood hem nederig zijn excuses aan. Het resultaat? Michael zegt: ‘Hij vergaf me van harte.’ Hun vriendschap was hersteld.

‘Blijft elkaar verdragen en elkaar vrijelijk vergeven als de een tegen de ander een reden tot klagen heeft’ (Kol. 3:12-14). Een vriendelijke ouderling wees de twee zusters die al lange tijd pionierden erop dat anderen van slag raakten door hun geruzie. Hij herinnerde ze eraan dat ze geduldig met elkaar moesten omgaan en tot de vrede in de gemeente moesten bijdragen. Ze aanvaardden de raad van de ouderling en pasten die ook toe. Nu kunnen ze het goed met elkaar vinden en werken ze graag met elkaar samen in de velddienst.

Als iemand je gekwetst heeft, is het toepassen van de raad uit Kolossenzen 3:12-14  misschien een goed punt om mee te beginnen. Velen hebben ervaren dat ze door nederig te zijn, kunnen vergeven en vergeten. Maar wat als je die raad probeert toe te passen, maar merkt dat dat niet genoeg is? Zou je dan het principe uit Mattheüs 18:15 kunnen toepassen? Hoewel Jezus het in die tekst eigenlijk over ernstige zonden had, beschreef hij iets wat je altijd kunt doen als je een probleem met iemand hebt. Ga gewoon naar je broeder of zuster toe, probeer het probleem vriendelijk en nederig te bespreken, en los het op.

De Bijbel bevat natuurlijk ook andere praktische suggesties. Vaak komen die neer op het ontwikkelen van ‘de vrucht van de geest’, namelijk ‘liefde, vreugde, vrede, lankmoedigheid, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtaardigheid, zelfbeheersing’ (Gal. 5:22, 23). Net zoals olie een machine goed laat draaien, zorgen die eigenschappen ervoor dat we op een prettige manier met elkaar omgaan en problemen snel oplossen.

VERSCHILLENDE PERSOONLIJKHEDEN — EEN VERRIJKING VOOR DE GEMEENTE

Iemands persoonlijkheid — de unieke som van karaktertrekken die elk van ons heeft en die van persoon tot persoon verschilt — kan een vriendschap enorm verrijken. Maar verschillen in persoonlijkheid kunnen ook tot conflicten leiden. Een ervaren ouderling zegt: ‘Iemand die verlegen is, kan het moeilijk vinden met iemand om te gaan die extravert en uitbundig is. Dat verschil kan onbelangrijk lijken, maar het kan wel tot ernstige problemen leiden.’ Denk jij dat als mensen tegenpolen van elkaar zijn, dat gegarandeerd tot problemen leidt? Neem de apostelen Petrus en Johannes. Als je aan Petrus denkt, zie je misschien iemand voor je die snel zijn mening gaf en impulsief was. Bij Johannes denk je misschien aan iemand die een zacht karakter had en die meestal eerst nadacht voordat hij iets zei of deed. Het lijkt er inderdaad op dat ze verschillend waren. Toch werkten ze goed samen (Hand. 8:14; Gal. 2:9). Zo is het ook voor  christenen in deze tijd mogelijk om ondanks grote verschillen in persoonlijkheid goed met elkaar samen te werken.

Misschien is er een broeder in jouw gemeente aan wie je je ergert. Bedenk dan dat Christus ook voor hem is gestorven en dat hij je vraagt liefde voor die persoon te tonen (Joh. 13:34, 35; Rom. 5:6-8). Denk dus niet dat je nooit een vriendschap met hem zou kunnen opbouwen en ga je broeder niet uit de weg, maar vraag je af: Doet hij iets wat in de Bijbel duidelijk wordt veroordeeld? Probeert hij me bewust pijn te doen? Of zijn we gewoon heel verschillend? Het is ook belangrijk je af te vragen: wat kan ik van hem leren?

Die laatste vraag is cruciaal. Als de broeder bijvoorbeeld echt een prater is en jij niet, denk er dan aan hoe makkelijk hij gesprekken aanknoopt in de velddienst. Maak eens een velddienstafspraak en kijk wat je van hem kunt leren. Of misschien is hij vrijgevig en ben jij een beetje gierig. Let er dan eens op hoe gelukkig het maakt om te geven aan bijvoorbeeld ouderen, zieken en hulpbehoevenden. Het punt is: ook al zijn jullie verschillend, als je je op positieve dingen focust, kunnen jullie misschien een hechtere band ontwikkelen. Jullie zullen misschien niet de beste vrienden worden, maar het kan je wel helpen een band met hem te krijgen en de vrede te bevorderen — innerlijke vrede en de vrede in de gemeente.

Euodia en Syntyche waren misschien wel heel verschillend van elkaar. Toch moedigde de apostel Paulus hen aan om ‘gelijkgezind te zijn in de Heer’ (Fil. 4:2). Probeer ook jij dat doel te bereiken en, wat ermee samenhangt, de vrede te bevorderen?

LOS MENINGSVERSCHILLEN OP

Als je niets doet aan onkruid dat in een mooie bloementuin groeit, zal het de hele tuin overwoekeren. Zo kunnen negatieve gevoelens tegenover iemand anders sterker worden als je ze niet met wortel en al uitroeit. Als iemand verbitterd raakt, kan dat zelfs invloed hebben op de hele gemeente. Liefde voor Jehovah en  onze broeders en zusters zal ons helpen alles te doen wat we kunnen om meningsverschillen met anderen op te lossen, zodat de vrede in de gemeente niet verstoord wordt.

Je kunt geweldige resultaten boeken als je je nederig opstelt en als vrede je doel is

Als je conflicten of meningsverschillen aanpakt met vrede als doel, zul je misschien wel verbaasd staan over de geweldige resultaten. Denk eens na over wat een zuster vertelt: ‘Ik werd door een zuster voor mijn gevoel als een kind behandeld. Dat irriteerde me echt en die gevoelens gingen niet weg. Uiteindelijk deed ik heel kortaf tegen haar. Ik dacht: jij behandelt mij niet met respect, dan behandel ik jou niet met respect.’

Maar toen begon deze zuster over haar eigen gedrag na te denken. ‘Ik begon mijn eigen tekortkomingen te zien en was erg teleurgesteld in mezelf. Ik besefte dat mijn manier van denken niet goed was. Ik bad hierover tot Jehovah. Daarna kocht ik een cadeautje voor de zuster en schreef haar een kaartje waarop ik mijn excuses aanbood voor mijn slechte houding. We gaven elkaar een knuffel en besloten om het hele gedoe achter ons te laten. Sindsdien hebben we geen problemen meer met elkaar.’

Mensen hebben wanhopig behoefte aan vrede. Maar als hun positie wordt bedreigd of als ze zich in hun eer aangetast voelen, kunnen ze zich gaan gedragen op een manier die niet bevorderlijk is voor de vrede. Dat geldt voor veel mensen die Jehovah niet aanbidden. Maar onder degenen die Gods naam dragen, moeten vrede en eenheid heersen. Paulus schreef onder inspiratie: ‘Daarom verzoek ik (...) u dringend zo te wandelen dat gij u de roeping waarmee gij werdt geroepen, waardig toont, met volledige ootmoedigheid des geestes en zachtaardigheid, met lankmoedigheid, elkaar in liefde verdragend, er ernstig naar strevend de eenheid des geestes te bewaren in de verenigende band van vrede’ (Ef. 4:1-3). Die ‘verenigende band van vrede’ is goud waard. Bevorder dus de vrede en wees vastbesloten om elk meningsverschil op te lossen.