Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Taal selecteren Nederlands

 STUDIEARTIKEL 9

Liefde en recht in het oude Israël

Liefde en recht in het oude Israël

‘Rechtvaardigheid en recht heeft hij lief. De aarde is vervuld van Jehovah’s loyale liefde.’ — PS. 33:5.

LIED 3 U geeft hoop, kracht en zekerheid

VOORUITBLIK *

1-2. (a) Wat willen we allemaal? (b) Waar kunnen we zeker van zijn?

IEDEREEN wil zich geliefd voelen. En iedereen wil eerlijk behandeld worden. Zonder liefde en recht kun je je waardeloos en hopeloos gaan voelen.

2 Jehovah weet dat we naar liefde en recht verlangen (Ps. 33:5). We kunnen er zeker van zijn dat onze God veel van ons houdt en wil dat we eerlijk worden behandeld. Dat wordt duidelijk als we de wet onderzoeken die Jehovah via Mozes aan Israël gaf. Als je verlangt naar affectie of het slachtoffer bent van onrecht, kijk dan eens hoe de wet van Mozes * laat zien dat Jehovah om zijn volk geeft.

3. (a) Wat kan een studie van de wet van Mozes ons leren, zoals Romeinen 13:8-10 laat zien? (b) Welke vragen gaan we in dit artikel bespreken?

3 Een studie van de wet van Mozes leert ons meer over de warme gevoelens van onze liefdevolle God, Jehovah. (Lees Romeinen 13:8-10.) In dit artikel gaan we aan de hand van een paar wetten van Israël de volgende vragen beantwoorden: Waarom kunnen we zeggen dat de wet op liefde gebaseerd was en gerechtigheid bevorderde? Hoe moesten personen met autoriteit de wet toepassen? En wie in het bijzonder werden door de wet beschermd? De antwoorden op die vragen kunnen troost en hoop geven en helpen ons een hechtere band met onze liefdevolle Vader te krijgen (Hand. 17:27; Rom. 15:4).

 EEN WET OP BASIS VAN LIEFDE

4. (a) Waarom kunnen we zeggen dat de wet van Mozes gebaseerd was op liefde? (b) Welke geboden benadrukte Jezus in Mattheüs 22:36-40?

4 We kunnen zeggen dat de wet van Mozes op liefde gebaseerd was omdat alles wat Jehovah doet door liefde gemotiveerd wordt (1 Joh. 4:8). Jehovah baseerde alle wetten op twee fundamentele geboden: heb God lief en heb je naaste lief (Lev. 19:18; Deut. 6:5; lees Mattheüs 22:36-40). We kunnen dus verwachten dat elk van de meer dan 600 geboden waaruit de wet van Mozes bestaat een facet van Jehovah’s liefde onthult. Laten we eens een paar voorbeelden bekijken.

5-6. Wat verwacht Jehovah van echtparen, en waar let Jehovah op? Geef een voorbeeld.

5 Wees je huwelijkspartner trouw en zorg voor je kinderen. Jehovah wil dat echtparen zo veel van elkaar houden dat hun liefde een leven lang standhoudt (Gen. 2:24; Matth. 19:3-6). Overspel is een van de meest liefdeloze misdaden die iemand kan plegen. Terecht wordt overspel verboden in het zevende van de tien geboden (Deut. 5:18). Het is een zonde ‘tegen God’ en een harde klap voor de huwelijkspartner (Gen. 39:7-9). Een slachtoffer van overspel kan de pijn van het verraad nog jarenlang voelen.

6 Jehovah weet heel goed hoe huwelijkspartners met elkaar omgaan. Hij wilde vooral dat de vrouwen goed behandeld werden. Een man die de wet respecteerde zou van zijn vrouw houden en zou niet om onbelangrijke redenen van haar scheiden (Deut. 24:1-4; Matth. 19:3, 8). Maar als er een ernstig probleem was en hij zich wel van haar liet scheiden, moest hij haar een echtscheidingsakte geven. Die akte beschermde een vrouw tegen onterechte beschuldigingen van immoraliteit. Kennelijk moest de man voordat hij zijn vrouw een echtscheidingsakte kon geven, eerst de stadsoudsten raadplegen. Zo hadden de oudsten de gelegenheid om het stel te helpen hun huwelijk te redden. Jehovah kwam niet altijd tussenbeide als een Israëliet zich om egoïstische redenen van zijn vrouw liet scheiden. Toch zag hij de tranen van de vrouw en voelde hij haar verdriet (Mal. 2:13-16).

Jehovah wilde dat kinderen zich veilig en zeker voelden terwijl ze liefdevol werden opgevoed en opgeleid door hun ouders (Zie alinea 7-8) *

7-8. (a) Welk gebod gaf Jehovah aan ouders? (Zie cover.) (b) Wat zijn de lessen?

7 De wet laat ook zien dat het welzijn van kinderen Jehovah na aan het hart ligt. Hij gaf ouders het gebod om niet alleen in de fysieke maar ook in de geestelijke behoeften van hun kinderen te voorzien. Ouders moesten elke kans aangrijpen om hun kinderen te helpen Jehovah’s wet naar waarde te schatten en om ze te leren van hem te houden (Deut. 6:6-9; 7:13). Een van de redenen waarom de Israëlieten door Jehovah werden gestraft, was de schokkende mishandeling van kinderen (Jer. 7:31, 33). Kinderen waren geen eigendommen die verwaarloosd of mishandeld konden worden. Ouders moesten hen zien als een erfdeel, een geschenk van Jehovah dat ze moesten koesteren (Ps. 127:3).

8 Lessen: Jehovah let er heel goed op hoe huwelijkspartners met elkaar omgaan. Hij wil dat ouders van hun kinderen houden en stelt ze verantwoordelijk voor de manier waarop ze hen behandelen.

9-11. Waarom verbood Jehovah begeerte?

9 Je mag niet begeren. Het laatste van de tien geboden ging over begeerte, een verkeerd verlangen naar iets van een ander (Deut. 5:21; Rom. 7:7). Jehovah  gaf die wet om een waardevolle les over te brengen: zijn aanbidders moeten hun hart beschermen, oftewel hun gedachten, gevoelens en opvattingen. Hij weet dat slechte daden beginnen met slechte gedachten en gevoelens (Spr. 4:23). Als een Israëliet verkeerde verlangens in zijn hart liet groeien, zou hij anderen op een liefdeloze manier kunnen gaan behandelen. Koning David maakte die fout. Eigenlijk was het een goed mens. Maar bij één gelegenheid ging hij naar de vrouw van een ander verlangen. Zijn begeerte leidde tot zonde (Jak. 1:14, 15). David pleegde overspel met haar, probeerde haar man te misleiden en liet hem zelfs ombrengen (2 Sam. 11:2-4; 12:7-11).

10 Jehovah wist het als een Israëliet de wet over begeerte overtrad. Hij kan harten lezen (1 Kron. 28:9). Met deze wet maakte hij zijn volk duidelijk dat ze niet moesten stilstaan bij gedachten die tot slecht gedrag leiden. Wat een wijze en liefdevolle Vader!

11 Lessen: Jehovah kijkt verder dan de buitenkant. Hij ziet hoe je vanbinnen bent, in je hart (1 Sam. 16:7). Geen gedachte, geen emotie, geen daad kan voor hem verborgen blijven. Hij zoekt en stimuleert het goede in ons. Maar hij wil dat je verkeerde gedachten herkent en beheerst voordat ze tot verkeerde daden leiden (2 Kron. 16:9; Matth. 5:27-30).

EEN WET DIE GERECHTIGHEID BEVORDERT

12. Wat laat de wet van Mozes nog meer uitkomen?

12 De wet van Mozes laat ook uitkomen dat Jehovah van gerechtigheid houdt (Ps. 37:28; Jes. 61:8). Hij gaf het volmaakte voorbeeld en ging altijd rechtvaardig met anderen om. Als de Israëlieten zich hielden aan de wetten die Jehovah gaf, zegende hij ze. Maar als ze zijn rechtvaardige normen negeerden, ging het slecht met ze. Laten we twee andere geboden bekijken.

13-14. Wat werd in de eerste twee geboden vereist, en wat waren de voordelen als de Israëlieten zich eraan hielden?

13 Aanbid alleen Jehovah. De eerste twee van de tien geboden eisten volledige toewijding aan Jehovah en waarschuwden tegen afgodenaanbidding (Ex. 20:3-6). Die geboden waren niet ten behoeve van Jehovah maar ten behoeve van zijn volk. Als ze hem loyaal bleven, ging het goed. Maar als ze de goden van andere volken aanbaden, ging het slecht.

14 Neem de Kanaänieten, die levenloze afgoden aanbaden in plaats van de ware en levende God. Hierdoor verlaagden ze zichzelf (Ps. 115:4-8). Smerige seksuele handelingen en gruwelijke kinderoffers waren een onderdeel van hun aanbidding. Ook de Israëlieten verlaagden zichzelf als ze Jehovah afwezen en afgoden gingen aanbidden. Gezinsleden deden elkaar vreselijke dingen aan (2 Kron. 28:1-4). Personen met autoriteit verwierpen Jehovah’s normen van rechtvaardigheid. Ze misbruikten hun macht en onderdrukten zwakke en kwetsbare personen (Ezech. 34:1-4). Jehovah waarschuwde de Israëlieten dat hij het oordeel zou voltrekken aan degenen die weerloze vrouwen en kinderen mishandelden (Deut. 10:17, 18; 27:19). Maar hij zegende zijn volk als ze hem trouw waren en elkaar rechtvaardig behandelden (1 Kon. 10:4-9).

Jehovah houdt van ons en weet het als ons leed en onrecht wordt aangedaan (Zie alinea 15)

15. Wat leren we over Jehovah?

15 Lessen: Het is niet Jehovah’s schuld als degenen die beweren hem te dienen zijn normen negeren en zijn aanbidders  kwaad doen. Maar Jehovah houdt van je en weet het als jou leed en onrecht wordt aangedaan. Hij voelt de pijn die je doorstaat nog beter dan een moeder dat bij haar baby voelt (Jes. 49:15). Hoewel hij misschien niet meteen tussenbeide komt, zal hij berouwloze kwaaddoeners op zijn tijd ter verantwoording roepen voor de manier waarop ze anderen hebben behandeld.

HOE MOEST DE WET WORDEN TOEGEPAST?

16-18. Wat was het toepassingsgebied van de wet, en welke lessen kunnen we ervan leren?

16 De wet van Mozes was van toepassing op allerlei aspecten van het leven. Het was dus belangrijk dat de aangestelde oudsten rechtvaardig rechtspraken over Jehovah’s volk. Ze hadden de verantwoordelijkheid om niet alleen geestelijke zaken maar ook burgerlijke en strafzaken te behandelen. Een paar voorbeelden.

17 Als een Israëliet iemand doodde, werd hij niet zomaar terechtgesteld. De stadsoudsten onderzochten de omstandigheden voordat ze besloten of hij de doodstraf verdiende (Deut. 19:2-7, 11-13). De oudsten spraken ook recht op allerlei terreinen van het dagelijks leven — van geschillen over eigendommen tot huwelijksgeschillen (Ex. 21:35; Deut. 22:13-19). Als de oudsten rechtvaardig waren en de Israëlieten zich aan de wet hielden, had iedereen daar voordeel van en was dat tot eer van Jehovah (Lev. 20:7, 8; Jes. 48:17, 18).

18 Lessen: Elk aspect van ons leven is belangrijk voor Jehovah. Hij wil dat we rechtvaardig en liefdevol met anderen omgaan. En hij let op wat we zeggen en doen, zelfs in de privésfeer (Hebr. 4:13).

19-21. (a) Hoe moesten de oudsten en rechters Gods volk behandelen? (b) Hoe zorgde Jehovah in de wet voor bescherming, en wat kunnen we hiervan leren?

19 Jehovah wilde zijn volk beschermen tegen de slechte invloed van de volken om hen heen. Daarom eiste hij dat de oudsten en rechters de wet onpartijdig handhaafden. Maar ze mochten zijn aanbidders bij het rechtspreken niet hard of onbuigzaam behandelen. Ze moesten gerechtigheid liefhebben (Deut. 1:13-17; 16:18-20).

20 Jehovah had medegevoel met zijn aanbidders. Daarom liet hij in de wet opnemen dat het individu werd beschermd tegen onrechtvaardige behandeling. De wet beperkte bijvoorbeeld de mogelijkheid dat iemand vals beschuldigd werd van een misdrijf. Een verdachte had het recht te weten wie hem beschuldigde (Deut. 19:16-19; 25:1). En er waren op zijn minst twee getuigenverklaringen nodig voordat hij veroordeeld kon worden (Deut. 17:6; 19:15). Hoe zat het als er maar één getuige was van een  misdrijf? De dader moest niet denken dat hij ermee wegkwam. Jehovah had het gezien. In het gezin had de vader gezag, maar dat gezag was beperkt. Bij bepaalde gezinsconflicten moesten de stadsoudsten zich erin mengen en een uiteindelijk vonnis uitspreken (Deut. 21:18-21).

21 Lessen: Jehovah geeft het volmaakte voorbeeld. Niets wat hij doet is onrechtvaardig (Ps. 9:7). Hij beloont degenen die trouw naar zijn normen leven maar straft degenen die hun macht misbruiken (2 Sam. 22:21-23; Ezech. 9:9, 10). Sommigen lijken misschien de straf voor hun slechte daden te ontlopen, maar als Jehovah vindt dat de tijd rijp is, zorgt hij ervoor dat ze geoordeeld worden (Spr. 28:13). En als ze geen berouw hebben, komen ze er al gauw achter dat ‘het iets vreselijks is in de handen van de levende God te vallen’ (Hebr. 10:30, 31).

WIE IN HET BIJZONDER WERDEN DOOR DE WET BESCHERMD?

Bij het oplossen van geschillen moesten de oudsten Jehovah’s liefde voor mensen en voor gerechtigheid weerspiegelen (Zie alinea 22) *

22-24. (a) Wie in het bijzonder werden door de wet beschermd, en wat leren we hiervan over Jehovah? (b) Welke waarschuwing wordt gegeven in Exodus 22:22-24?

22 De wet beschermde specifiek degenen die zichzelf niet konden beschermen, zoals wezen, weduwen en vreemdelingen. Tegen de rechters in Israël was gezegd: ‘Je mag het recht van een vreemdeling die bij jullie woont of van een vaderloos kind niet verdraaien, en je mag het kleed van een weduwe niet als onderpand nemen’ (Deut. 24:17). Jehovah had liefdevolle  persoonlijke aandacht voor de zwaksten in de gemeenschap. En hij riep degenen die hen slecht behandelden ter verantwoording. (Lees Exodus 22:22-24.)

23 Daarnaast beschermde de wet familieleden tegen seksuele misdrijven door elke vorm van incest te verbieden (Lev. 18:6-30). Anders dan de volken om Israël heen, waar die praktijken werden getolereerd of zelfs vergoelijkt, moest Jehovah’s volk dit soort misdrijven net zo bezien als hij — als iets walgelijks.

24 Lessen: Jehovah wil dat degenen die hij een verantwoordelijke positie geeft liefdevolle aandacht hebben voor iedereen die onder hun zorg valt. Hij haat zedenmisdrijven en wil bescherming en gerechtigheid garanderen voor iedereen, vooral voor de meest kwetsbaren.

DE WET, ‘EEN SCHADUW VAN DE TOEKOMSTIGE GOEDE DINGEN’

25-26. (a) Waarom kunnen we zeggen dat liefde en recht als lucht en leven zijn? (b) Wat gaan we bespreken in het volgende artikel in deze serie?

25 Liefde en recht zijn als lucht en leven. Op aarde kan het een niet zonder het ander. Als we ervan overtuigd zijn dat Jehovah ons rechtvaardig behandelt, groeit onze liefde voor hem. En als we van Jehovah en zijn rechtvaardige normen houden, motiveert dat ons om anderen lief te hebben en rechtvaardig te behandelen.

26 Het wetsverbond gaf vorm aan de relatie tussen Jehovah en de Israëlieten. Maar nadat Jezus de wet had vervuld, werd die weggedaan en vervangen door iets beters (Rom. 10:4). Paulus beschreef de wet als ‘een schaduw van de toekomstige goede dingen’ (Hebr. 10:1). Het volgende artikel in deze serie gaat in op enkele van die goede dingen en op de rol van liefde en recht in de christelijke gemeente.

LIED 109 Hou intens van elkaar

^ ¶5 Dit is het eerste van vier artikelen die laten uitkomen waarom we erop kunnen vertrouwen dat Jehovah om ons geeft. De andere drie artikelen zullen verschijnen in De Wachttoren van mei 2019. Ze gaan over liefde en recht in de christelijke gemeente, over bescherming tegen misbruik en over troost voor slachtoffers van misbruik.

^ ¶2 TERM TOEGELICHT: De meer dan 600 wetten die Jehovah via Mozes aan de Israëlieten gaf worden wel ‘de wet’, ‘de wet van Mozes’ en ‘de geboden’ genoemd. Daarnaast wordt met de wet ook gedoeld op de eerste vijf Bijbelboeken (Genesis tot en met Deuteronomium). Soms wordt de term gebruikt voor de hele geïnspireerde Hebreeuwse Geschriften.

^ ¶60 AFBEELDING: Een Israëlitische moeder heeft een levendig gesprek met haar dochters terwijl ze bezig is aan de maaltijd. Op de achtergrond leidt de vader zijn zoon op om de schapen te hoeden.

^ ¶64 AFBEELDING: De oudsten bij de stadspoort geven liefdevol hulp aan een weduwe en haar kind, die slecht behandeld zijn door een koopman.