Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

De Wachttoren  |  Nr. 5 2017

Met mijn vrouw, Tabitha

 DE BIJBEL VERANDERT LEVENS

Voor mij bestond er geen God

Voor mij bestond er geen God
  • GEBOORTEJAAR: 1974

  • GEBOORTELAND: DDR (OOST-DUITSLAND)

  • ACHTERGROND: ATHEÏST

MIJN VERLEDEN

Ik ben geboren in een dorp in Saksen, in wat toen de DDR of Oost-Duitsland was. De sfeer thuis was warm en liefdevol, en mijn ouders brachten me hoge morele normen bij. De DDR was een communistische staat, dus voor de meeste mensen in Saksen was religie niet belangrijk. En voor mij bestond er geen God. Mijn leven werd de eerste 18 jaar gevormd door twee ideologieën: het atheïsme en het communisme.

Waarom sprak het communisme me aan? Omdat ik het een mooie gedachte vond dat alle mensen gelijk zijn. Ook geloofde ik dat bezit eerlijk verdeeld moest worden, want dan zouden de grote verschillen tussen rijk en arm verdwijnen. Daarom werd ik actief in een communistische jeugdbeweging. Toen ik 14 was, besteedde ik veel tijd aan een milieuproject om oud papier te recyclen. De plaatselijke autoriteiten van Aue waren zo dankbaar voor alles wat ik deed dat ik een onderscheiding kreeg. Ik was nog maar jong, maar ik kende al een paar toppolitici van de DDR. Ik vond dat ik goede doelen had en dat mijn toekomst er prachtig uitzag.

Toen stortte mijn wereld ineens in. In 1989 viel de Berlijnse Muur en daarmee ook het communistische blok van Oost-Europa. Ik kreeg heel wat schokken te verduren. Al gauw kwam ik erachter dat er veel onrecht in de DDR was geweest. Mensen die het communisme niet steunden, werden bijvoorbeeld behandeld als tweederangs burgers. Hoe was zoiets mogelijk? Wij communisten geloofden toch dat alle mensen gelijk waren? Was het communisme alleen maar een illusie? Ik werd overweldigd door angst.

Daarom verlegde ik mijn prioriteiten en focuste ik me op muziek en kunst. Omdat ik aan een muziekacademie kon studeren, met de mogelijkheid naar de universiteit te gaan, droomde ik van een carrière in de muziek en kunst. Ik schoof de morele waarden die ik als kind had geleerd aan de kant. Wat ik nu belangrijk vond, was plezier hebben. Ik had meerdere vriendinnen tegelijk. Maar muziek, kunst en erop los leven namen mijn bezorgdheid niet weg. Zelfs in mijn schilderijen was een ziekelijke angst terug te zien. Wat zou  de toekomst brengen? Wat was het doel van het leven?

Toen ik eindelijk de antwoorden vond waar ik naar zocht, was ik zwaar onder de indruk. Op een avond zat ik op de academie met een groep studenten over de toekomst te praten. Mandy *, een van de studenten, was een Getuige van Jehovah. Die avond gaf ze me een goede tip. Ze zei: ‘Andreas, als je antwoord wilt op je vragen over het leven en de toekomst moet je je eens goed in de Bijbel verdiepen.’

Ik was sceptisch en ook nieuwsgierig, en mijn nieuwsgierigheid won. Mandy liet me Daniël 2 zien, en ik stond versteld van wat ik daar las. Deze profetie beschrijft een reeks wereldmachten, regeringen die tot in onze tijd grote invloed zouden hebben. Mandy liet me nog meer profetieën in de Bijbel zien die over de toekomst gaan. Eindelijk kreeg ik antwoord op mijn vragen! Maar wie had die profetieën geschreven en wie kon de toekomst zo precies voorspellen? Bestond er dan toch een God?

DE BIJBEL VERANDERT MIJN LEVEN

Mandy bracht me in contact met Horst en zijn vrouw Angelika, die Getuigen waren en me hielpen Gods Woord beter te begrijpen. Al snel besefte ik dat Jehovah’s Getuigen de enige religieuze organisatie zijn die consequent Gods naam, Jehovah, gebruiken en er de aandacht op richten (Psalm 83:18; Mattheüs 6:9). Ik leerde dat Jehovah mensen het vooruitzicht geeft eeuwig in een paradijs op aarde te leven. In Psalm 37:9 staat: ‘Wie op Jehovah hopen, zullen de aarde bezitten.’ Ik vond het geweldig dat dit vooruitzicht openstaat voor iedereen die moeite doet om te leven zoals God het wil.

Maar ik vond het heel moeilijk om te veranderen en me aan de Bijbelse gedragsnormen te houden. Door mijn succes als musicus en kunstenaar was ik trots geworden, dus moest ik eerst nederigheid leren. Bovendien was het niet makkelijk om mijn leefstijl aan te passen. Wat ben ik dankbaar dat Jehovah geduldig en barmhartig is en begrip heeft voor degenen die hun best doen om toe te passen wat de Bijbel leert!

Het communisme en atheïsme hebben mij de eerste 18 jaar van mijn leven gevormd. Daarna heeft de Bijbel mijn leven veranderd. Door wat ik leerde, verdween mijn angst voor de toekomst en kreeg mijn leven een doel. In 1993 liet ik me dopen als een van Jehovah’s Getuigen, en in 2000 trouwde ik met Tabitha, een ijverige Getuige. We besteden er zo veel mogelijk tijd aan om anderen te helpen meer over de Bijbel te weten te komen. Veel mensen die we tegenkomen hebben dezelfde achtergrond als ik, gevormd door communisme en atheïsme. Het geeft me veel voldoening ze te laten zien hoe ze Jehovah kunnen leren kennen.

DE VOORDELEN

Toen ik met Jehovah’s Getuigen begon om te gaan, vonden mijn ouders dat verschrikkelijk. Maar sindsdien hebben ze gezien dat die omgang een positieve uitwerking op mijn leven heeft. Ik ben blij dat ze nu de Bijbel lezen en de bijeenkomsten van Jehovah’s Getuigen bezoeken.

Tabitha en ik hebben een goed huwelijk omdat we de Bijbelse raad voor echtparen proberen toe te passen. Ons huwelijk wordt bijvoorbeeld steeds sterker doordat we ons houden aan de raad om elkaar trouw te zijn (Hebreeën 13:4).

Ik ben niet meer bang voor het leven en bezorgd over de toekomst. Ik hoor bij een wereldwijde familie van geloofsgenoten, die echte vrede en eenheid hebben. In deze familie behandelen we elkaar als gelijken. Dat is iets waar ik altijd in heb geloofd en waar ik mijn hele leven naar op zoek was.

^ ¶12 De naam is veranderd.

Meer info

ONTWAAKT!

Bestaat God? Maakt het iets uit?

Kan een vraag waarover de meningen zo uiteenlopen echt belangrijk zijn?

ONTWAAKT!

Waar komen we vandaan?

Waarom vinden veel wetenschappelijk onderlegde mensen het moeilijk aan te nemen dat we het leven aan evolutie te danken hebben?

ONTWAAKT!

„Ik ben ervan overtuigd dat er een Schepper is”

Frédéric Dumoulin had een hekel aan religie en was atheïst. Hoe raakte hij door zijn studie van de Bijbel en het ontwerp van levende dingen overtuigd van het bestaan van een Schepper?