Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

De Wachttoren — studie-uitgave  |  april 2014

Waardeer je Jehovah’s waakzame zorg?

Waardeer je Jehovah’s waakzame zorg?

„De ogen van Jehovah zijn op elke plaats, terwijl ze de slechten en de goeden gadeslaan.” — SPR. 15:3.

1, 2. Hoe verschilt Jehovah’s waakzame zorg van cameratoezicht?

IN VEEL landen is er cameratoezicht om de verkeersstroom in de gaten te houden en beelden van ongelukken vast te leggen. Als een automobilist na een aanrijding doorrijdt, kunnen zulke beelden de politie helpen de dader op te sporen. Nu er op veel plekken cameratoezicht is, wordt het voor mensen steeds moeilijker om de consequenties van hun gedrag te ontlopen.

2 Is zulk cameratoezicht te vergelijken met de manier waarop onze liefhebbende Vader, Jehovah, naar ons kijkt? De Bijbel zegt dat zijn ogen „op elke plaats” zijn (Spr. 15:3). Maar wil dat zeggen dat hij alles wat we doen onder een vergrootglas legt? Kijkt hij alleen maar of we ons aan zijn wetten houden met het doel ons te straffen als we die overtreden? (Jer. 16:17; Hebr. 4:13) Absoluut niet! Jehovah let vooral op ons omdat hij van ons houdt en wil dat het goed met ons gaat (1 Petr. 3:12).

3. Welke vijf manieren waarop God voor ons zorgt gaan we bespreken?

3 Wat zal ons helpen te beseffen dat God over ons waakt omdat hij van ons houdt? We gaan vijf manieren bespreken waarop hij voor ons zorgt: (1) hij waarschuwt ons voor onze zwakheden, (2) hij corrigeert ons als we verkeerde keuzes maken, (3) hij geeft ons leiding via principes in zijn Woord,  (4) hij helpt ons als we beproevingen meemaken en (5) hij beloont ons als hij ziet dat we het goede willen doen.

JEHOVAH WAARSCHUWT ONS

4. Met welke bedoeling waarschuwde Jehovah Kaïn dat de zonde „aan de ingang op de loer” lag?

4 Hoe waarschuwt Jehovah ons als we een verkeerde neiging ontwikkelen? (1 Kron. 28:9) Dit aspect van zijn waakzame zorg wordt duidelijker als we kijken naar de manier waarop hij omging met Kaïn, die woedend werd toen hij niet Gods goedkeuring bleek te hebben. (Lees Genesis 4:3-7.) Jehovah gaf Kaïn de raad het goede te gaan doen. Hij waarschuwde hem dat anders de zonde „aan de ingang op de loer” zou liggen, en hij vroeg hem of hij de zonde zou kunnen „overmeesteren”. Jehovah wilde graag dat Kaïn positief op zijn waarschuwing zou reageren. Dan zou Kaïn zijn goedkeuring krijgen en een goede band met hem houden.

5. Op welke manieren waarschuwt Jehovah ons voor verkeerde neigingen?

5 Jehovah kan ook in ons hart kijken; we kunnen onze echte neigingen en motieven niet voor hem verbergen. Onze zorgzame Vader wil dat we het juiste doen, maar hij dwingt ons daar niet toe. Via de Bijbel waarschuwt hij ons als we een verkeerde weg inslaan. Hoe doet hij dat? Tijdens het dagelijks Bijbellezen komen we geregeld gedeelten tegen die ons kunnen helpen zwakheden en verkeerde neigingen te overwinnen. Ook in onze publicaties vinden we vaak informatie over manieren waarop we kunnen omgaan met problemen waar we misschien mee worstelen. En op onze gemeentevergaderingen krijgen we precies op het goede moment de raad die we nodig hebben.

6, 7. (a) Welk bewijs is er dat Jehovah liefdevolle zorg voor ons persoonlijk heeft? (b) Hoe kun je voordeel trekken van Jehovah’s persoonlijke zorg?

6 Al zulke waarschuwingen zijn een bewijs van Jehovah’s liefdevolle, waakzame zorg voor ons persoonlijk. Het is waar dat de Bijbel al eeuwen bestaat, dat de publicaties van Gods organisatie voor miljoenen mensen worden geschreven en dat de raad op de vergaderingen voor de hele gemeente bedoeld is. Maar in al deze gevallen heeft Jehovah jouw aandacht op zijn Woord gericht zodat je aan jezelf kunt werken. Daarom kan er gezegd worden dat dit een bewijs is van Jehovah’s liefdevolle zorg voor jou persoonlijk.

Ons door de Bijbel gevormde geweten helpt ons gevaren te vermijden (Zie alinea 6, 7)

7 Om voordeel te hebben van Jehovah’s waarschuwingen, moeten we eerst inzien dat hij echt bezorgd voor ons is. Daarna moeten we de raad uit zijn Woord op onszelf toepassen en moeite doen om alle gedachten uit te bannen die hij afkeurt. (Lees Jesaja 55:6, 7.) Als we iets doen met de waarschuwingen die we krijgen, besparen we onszelf veel ellende. Maar wat nu als we aan onze zwakheden toegeven? Welke hulp geeft onze liefdevolle Vader dan?

ONZE ZORGZAME VADER CORRIGEERT ONS

8, 9. Hoe blijkt Jehovah’s zorg uit de raad die hij via zijn aanbidders geeft? Geef een voorbeeld.

8 Misschien zijn we ons extra bewust van Jehovah’s zorg als we gecorrigeerd worden. (Lees Hebreeën 12:5, 6.) Natuurlijk is het niet altijd leuk om raad of correctie te krijgen (Hebr. 12:11). Maar als we raad uit de Bijbel krijgen, is het heel belangrijk te begrijpen waarom iemand die geeft. De persoon doet dat niet omdat hij ons wil kwetsen maar omdat hij ziet dat onze band met Jehovah gevaar  loopt. Hij is bereid de tijd en moeite te nemen om ons aan de hand van de Bijbel te laten zien hoe we Jehovah’s goedkeuring kunnen krijgen. We respecteren zulke raad omdat Jehovah de Bron ervan is.

9 Neem het voorbeeld van een broeder die voordat hij in de waarheid kwam geregeld naar porno keek maar die gewoonte overwon. Toch was zijn verkeerde neiging niet verdwenen. Toen hij een nieuwe mobiele telefoon kocht, laaiden zijn verlangens op en begon hij weer pornografische sites te bekijken (Jak. 1:14, 15). Op een dag deed hij samen met een ouderling telefoongetuigenis. Hij leende zijn telefoon even aan de ouderling uit. Toen die wat adressen opzocht, verschenen er pornografische sites op het scherm. De ouderling gaf de broeder meteen nuttige raad. De broeder deed er zijn voordeel mee en overwon uiteindelijk zijn verkeerde gewoonte. Wat kunnen we blij zijn dat onze zorgzame hemelse Vader zelfs onze verborgen zonden ziet en ons op tijd corrigeert!

DE VOORDELEN VAN BIJBELSE PRINCIPES

10, 11. (a) Op welke manier kun je Jehovah’s leiding zoeken? (b) Vertel de ervaring van een gezin dat Jehovah’s leiding volgde.

10 De psalmist zong voor Jehovah: „Met uw raad zult gij mij leiden” (Ps. 73:24). Als we leiding nodig hebben, kunnen we die bij Jehovah zoeken door zijn Woord te bestuderen en te kijken hoe hij over dingen denkt. Bijbelse principes toepassen heeft niet alleen geestelijke voordelen maar is soms ook een hulp om in onze materiële behoeften te voorzien (Spr. 3:6).

11 Hoe Jehovah ons kan leiden, blijkt uit de ervaring van een broeder met een groot gezin die een stuk grond pachtte in een bergachtig gebied op het eiland Masbate (Filippijnen). Hij en zijn vrouw pionierden. Op een dag kregen ze tot hun grote schrik van de eigenaar van het land te horen dat ze moesten vertrekken. Ze waren namelijk vals beschuldigd van oneerlijkheid. De broeder vroeg zich bezorgd af hoe hij aan onderdak moest komen voor zijn gezin, maar hij zei: „Jehovah zal voor ons zorgen. Hij voorziet altijd in onze behoeften, wat er ook gebeurt.” Het vertrouwen van de broeder was niet misplaatst. Een paar dagen later kreeg hij tot zijn opluchting te  horen dat ze mochten blijven. Wat was er gebeurd? Het was de landeigenaar opgevallen dat het gezin respectvol en vredelievend op de beschuldiging had gereageerd; ze hadden zich laten leiden door Bijbelse principes. De eigenaar was zo onder de indruk dat hij het gezin niet alleen liet blijven maar ze ook een extra stuk grond gaf. (Lees 1 Petrus 2:12.) Via zijn Woord helpt Jehovah ons dus om goed met de problemen van het leven om te gaan.

EEN VRIEND DIE ONS HELPT BEPROEVINGEN TE DOORSTAAN

12, 13. Waardoor kan iemand zich afvragen of Jehovah wel ziet wat er gebeurt?

12 Soms houdt een moeilijke situatie aan. Misschien hebben we te maken met een chronische ziekte, langdurige tegenstand van gezinsleden of constante vervolging. Het zou ook kunnen zijn dat we een conflict met iemand in de gemeente hebben als gevolg van botsende persoonlijkheden.

13 Stel dat je je gekwetst voelt door een opmerking die iemand gemaakt heeft. Je denkt: hoe kan zoiets in Gods organisatie gebeuren? Maar de broeder die de opmerking heeft gemaakt, heeft voorrechten in de gemeente en heeft een goede reputatie bij anderen. Je vraagt je af: Hoe kan dit? Ziet Jehovah het dan niet? Waarom doet hij er niks aan? — Ps. 13:1, 2; Hab. 1:2, 3.

14. Wat kan een reden zijn waarom Jehovah niet ingrijpt als we een probleem met iemand hebben?

14 Jehovah kan goede redenen hebben om niet in te grijpen. Jij kunt het idee hebben dat het vooral aan de ander ligt, maar Jehovah denkt daar misschien niet zo over. Hij zou bijvoorbeeld kunnen zien dat het probleem meer bij jou ligt dan je denkt. De opmerking die je zo kwetsend vond, kan terechte raad zijn waar je serieus over na moet denken. Broeder Karl Klein, die als lid van het Besturende Lichaam heeft gediend, vertelde in zijn levensverhaal dat hij op een bepaald moment een ongezouten terechtwijzing van broeder Rutherford kreeg. Toen ze elkaar later tegenkwamen, zei broeder Rutherford opgewekt: „Hallo, Karl!” Maar omdat broeder Klein zich nog steeds gekwetst voelde, mompelde hij alleen maar een groet. Broeder Rutherford waarschuwde hem: „Karl, pas op! De Duivel probeert je te pakken te krijgen!” Broeder Klein schreef later: „Als wij wrok koesteren tegen een broeder, vooral vanwege iets wat hij heeft gezegd waartoe hij in de uitoefening van zijn taak gerechtigd is, stellen wij ons open voor de strikken van de Duivel.” *

15. Wat moeten we in gedachte houden als beproevingen lang aanhouden?

15 Als er geen eind lijkt te komen aan een beproeving, kunnen we ongeduldig worden. Hoe kunnen we daarmee omgaan? Stel dat je op de snelweg in een file terechtkomt. Je weet niet hoe lang het oponthoud zal duren. Als je ongeduldig wordt en een andere route probeert te nemen, kun je verdwalen. Dan zou je er juist langer over doen om op je bestemming te komen. Ook bij beproevingen is het belangrijk dat je de route blijft volgen die in Gods Woord wordt aangegeven. Dan zul je de beproeving kunnen doorstaan en de eindbestemming bereiken.

16. Wat is nog een reden waarom Jehovah ervoor kan kiezen om niet in te grijpen bij beproevingen?

16 Het kan zijn dat Jehovah niet ingrijpt omdat hij wil dat we van onze beproevingen  leren. (Lees 1 Petrus 5:6-10.) Hij is natuurlijk niet de oorzaak van onze beproevingen (Jak. 1:13). De meeste beproevingen komen van onze tegenstander, de Duivel. Maar Jehovah kan van een moeilijke situatie gebruikmaken om ons te helpen geestelijk te groeien. Hij ziet wat we doormaken, en omdat hij om ons geeft, zal hij ervoor zorgen dat de beproeving maar „een korte tijd” duurt. Ben je je tijdens beproevingen bewust van Jehovah’s waakzame zorg, en vertrouw je erop dat hij voor een uitweg zal zorgen? — 2 Kor. 4:7-9.

JEHOVAH WIL ONS BELONEN

17. Waar zoekt Jehovah naar in mensen, en waarom?

17 Jehovah observeert ons om een heel geruststellende reden. Hij liet de ziener Hanani tegen koning Asa zeggen: „Wat Jehovah aangaat, zijn ogen gaan de gehele aarde rond om zijn sterkte te tonen ten behoeve van hen wier hart onverdeeld is jegens hem” (2 Kron. 16:9). Bij Asa zag Jehovah geen onverdeeld hart, maar als jij ermee doorgaat het juiste te doen, zal hij jou „zijn sterkte” tonen.

18. Wat moet je in gedachte houden als je het gevoel hebt dat je niet gewaardeerd wordt? (Zie beginplaatje.)

18 Jehovah geeft ons de raad: „Zoekt het goede” en „hebt het goede lief”. Hij moedigt ons aan te „doen wat goed is” zodat hij ons kan belonen (Amos 5:14, 15; 1 Petr. 3:11, 12). Jehovah heeft aandacht voor mensen die rechtvaardig zijn en hij zegent ze (Ps. 34:15). Denk bijvoorbeeld eens aan de Israëlitische vroedvrouwen Sifra en Pua. Farao gaf hun de opdracht alle Israëlitische jongetjes bij de geboorte om te brengen. Deze vrouwen hadden meer vrees voor God dan voor Farao. Hun goed gevormde geweten zette hen ertoe aan het leven van de baby’s te beschermen. Jehovah zag de goede daden van Sifra en Pua en beloonde ze later allebei met een gezin (Ex. 1:15-17, 20, 21). Misschien hebben we weleens het gevoel dat het niemand iets kan schelen hoe goed we ons best doen. Maar Jehovah ziet het wel. Hij merkt elke goede daad van ons op en hij zal ons belonen (Matth. 6:4, 6; 1 Tim. 5:25; Hebr. 6:10).

19. Hoe heeft een zuster gemerkt dat goede daden niet aan Jehovah’s aandacht ontsnappen?

19 Een zuster in Oostenrijk heeft gemerkt dat haar harde werk niet aan Jehovah’s aandacht ontsnapt. Omdat ze van Hongaarse afkomst is, werd haar gevraagd om een Hongaarssprekende vrouw te bezoeken. Ze ging direct naar het adres, maar er was niemand thuis. Ze gaf de moed niet op maar ging steeds opnieuw terug. Soms had ze het idee dat er iemand thuis was, maar er werd niet opengedaan. Ze liet lectuur achter en ook persoonlijke brieven en haar contactgegevens. Dit duurde anderhalf jaar en toen ging de deur eindelijk open! Een vriendelijke vrouw begroette de zuster en zei: „Kom binnen. Ik heb alles gelezen wat u hebt achtergelaten en ik heb op u gewacht.” De vrouw bleek een chemokuur te hebben ondergaan en had zich niet in staat gevoeld om mensen te ontvangen. Er werd een Bijbelstudie begonnen. Jehovah heeft de zuster echt beloond voor haar ijver en volharding!

20. Wat vind jij van Jehovah’s waakzame zorg?

20 Jehovah ziet alles wat je doet en zal je uiteindelijk belonen. Als je merkt dat zijn ogen op je gericht zijn, moet je niet het gevoel hebben dat hij je op dezelfde manier observeert als een onpersoonlijke bewakingscamera. Je kunt je juist aangetrokken voelen tot onze zorgzame God, die echt om je geeft!

^ ¶14 Het levensverhaal van broeder Klein is verschenen in De Wachttoren van 15 juli 1989.