Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

De Wachttoren — studie-uitgave  |  oktober 2012

Moedig omgaan met tegenslagen

Moedig omgaan met tegenslagen

„God is voor ons een toevlucht en sterkte, een hulp die gemakkelijk te vinden is in benauwdheden.” — PSALM 46:1.

1, 2. Met wat voor tegenslagen krijgen velen te maken? Wat willen we allemaal?

WE LEVEN in een moeilijke tijd. De aarde wordt getroffen door de ene ramp na de andere. Aardbevingen, tsunami’s, bosbranden, overstromingen, vulkaanuitbarstingen, tornado’s, tyfoons en orkanen hebben veel menselijk leed veroorzaakt. Ook problemen in het gezin of op het persoonlijke vlak veroorzaken angst en verdriet. Het is precies zoals de Bijbel zegt: „tijd en onvoorziene gebeurtenissen” treffen ons allemaal (Pred. 9:11).

2 Gods aanbidders als groep hebben het hoofd kunnen bieden aan dit soort situaties. Toch willen we voorbereid zijn op problemen waarmee we in de toekomst nog te maken kunnen krijgen terwijl het einde van deze wereld dichterbij komt. Hoe kunnen we God met vreugde blijven dienen als we tegenslagen te verduren krijgen? Wat zal ons helpen er moedig mee om te gaan?

LEER VAN PERSONEN DIE MOEDIG IN HET LEVEN STONDEN

3. Hoe kunnen we volgens Romeinen 15:4 troost krijgen als we met verdrietige situaties te maken hebben?

3 Hoewel meer mensen dan ooit met moeilijke situaties te maken hebben, zijn problemen niets nieuws. Laten we eens kijken wat we kunnen leren van vroegere aanbidders van God die moedig in het leven stonden (Rom. 15:4).

4. Met wat voor tegenslagen had David te maken, en wat hielp hem?

4 Neem bijvoorbeeld David. Hij had te maken met een woedende koning, vijandelijke aanvallen, de ontvoering van zijn vrouwen, verraad door vrienden en familie, en emotionele stress (1 Sam. 18:8, 9; 30:1-5; 2 Sam. 17:1-3; 24:15, 17; Ps. 38:4-8). De Bijbelverslagen over Davids leven laten duidelijk zien hoeveel pijn die  problemen hem deden. Maar hij werd er niet door overmand. Vol geloof zei hij: „Jehovah is de veste van mijn leven. Voor wie zal ik beducht zijn?” — Ps. 27:1; lees Psalm 27:5, 10.

5. Wat hielp Abraham en Sara een hard bestaan aan te kunnen?

Abraham en Sara woonden een groot deel van hun leven in tenten als buitenlanders in een vreemd land. Hun leven was niet altijd makkelijk. Zo kregen ze bijvoorbeeld te maken met een hongersnood en met gevaren van omliggende naties. Maar ze doorstonden het allemaal moedig (Gen. 12:10; 14:14-16). Wat hielp ze daarbij? Gods Woord zegt over Abraham: „Hij verwachtte de stad die werkelijke fundamenten heeft, van welke stad God de bouwer en maker is” (Hebr. 11:8-10). Abraham en Sara bleven naar de toekomst kijken en lieten zich niet ontmoedigen door de wereld om hen heen.

6. Hoe kunnen we Job navolgen?

6 Job kreeg met extreme druk te maken. Stel je eens voor hoe hij zich voelde toen alles in zijn leven mis leek te gaan (Job 3:3, 11). Wat het nog erger maakte, was dat hij niet helemaal begreep waarom al die dingen hem overkwamen. Toch gaf hij het niet op. Hij bleef God trouw en hield vast aan zijn geloof. (Lees Job 27:5.) Wat een goed voorbeeld om na te volgen!

7. Wat maakte Paulus mee in zijn dienst voor God, maar welk besef gaf hem de moed om door te gaan?

7 Denk ook eens aan het voorbeeld van Paulus. Hij kreeg te maken met ’gevaren in de stad, in de wildernis en op zee’. Hij spreekt over ’honger en dorst, koude en naaktheid’. Ook schrijft hij dat hij ’een nacht en een dag in de diepte der zee’ heeft doorgebracht, waarschijnlijk door een van de schipbreuken die hij heeft geleden (2 Kor. 11:23-27). Ondanks dat alles hield hij een goede instelling. Nadat hij vanwege zijn dienst voor God oog in oog met de dood had gestaan, zei hij: „Dit geschiedde opdat wij ons vertrouwen niet op onszelf zouden stellen, maar op de God die de doden opwekt. Van zo iets groots als de dood heeft hij ons verlost en zal hij ons verlossen” (2 Kor. 1:8-10). Er zijn niet veel mensen die zo veel gevaarlijke situaties hebben meegemaakt als Paulus. Toch herkennen velen zich in wat hij heeft doorgemaakt en voelen ze zich getroost door zijn moedige voorbeeld.

GEEF DE MOED NIET OP

8. Wat zouden tegenslagen met ons kunnen doen? Geef een voorbeeld.

8 Er zijn tegenwoordig zo veel rampen en andere stresssituaties dat velen het gevoel hebben dat het hun allemaal te veel wordt. Zelfs sommige Getuigen hebben dat. Lani * pionierde met haar man in Australië, toen ze te horen kreeg dat ze borstkanker had. Dat nieuws sloeg in als een bom. Ze zegt: „Ik werd heel ziek van de behandelingen, en ik raakte al mijn zelfrespect kwijt.” Daarbij moest ze ook nog voor haar man zorgen, die een rugoperatie had gehad. Wat kunnen we doen als we ooit in zo’n situatie komen?

9, 10. (a) Waar mogen we Satan nooit de kans toe geven? (b) Welke houding helpt ons met de realiteit om te gaan die in Handelingen 14:22 wordt genoemd?

9 Als ons iets ergs overkomt, moeten we in gedachte houden dat Satan dat wil gebruiken om ons geloof te verzwakken en ons van onze vreugde te beroven. Maar daar mogen we hem nooit de kans toe geven. Spreuken 24:10 zegt: „Hebt gij u ontmoedigd betoond op de dag van benauwdheid? Uw kracht zal gering zijn.” Door te mediteren over Bijbelse voorbeelden zoals de bovengenoemde, worden we geholpen moedig met tegenslagen om te gaan.

 10 Het is ook goed te bedenken dat we niet alle problemen kunnen wegnemen. Eigenlijk kunnen we ze zelfs verwachten (2 Tim. 3:12). Handelingen 14:22 vertelt ons: „Wij moeten door veel verdrukkingen heen het koninkrijk Gods binnengaan.” In plaats van ontmoedigd te raken, kunnen we ze als mogelijkheden zien om te tonen dat we vertrouwen hebben in Gods vermogen om ons te helpen.

11. Hoe kunnen we het vermijden dat tegenslagen ons ontmoedigen?

11 We moeten ons richten op positieve dingen. Gods Woord zegt: „Een blij hart heeft een goede uitwerking op het gelaat, maar wegens de smart van het hart is er een terneergeslagen geest” (Spr. 15:13). Medische onderzoekers erkennen dat positieve gedachten een genezende uitwerking kunnen hebben. Veel patiënten die een placebo kregen, voelden zich alleen al beter door de gedachte dat ze geholpen werden. Het tegenovergestelde, het nocebo-effect, is ook aangetoond. Patiënten die te horen kregen dat een medicijn nadelige effecten zou hebben, voelden zich slechter. Als we constant blijven denken aan dingen die we niet kunnen veranderen, raken we misschien alleen maar dieper in de put. Gelukkig geeft Jehovah ons geen placebo. Ook in moeilijke tijden geeft hij ons iets wat echt werkt: de aanmoediging uit zijn Woord, de steun van onze broeders en zusters, en de kracht van zijn heilige geest. Door aan die dingen te blijven denken, gaan we ons beter voelen. Blijf niet stilstaan bij negatieve situaties, maar doe wat je kunt om ermee om te gaan, en richt je op de positieve dingen in je leven (Spr. 17:22).

12, 13. (a) Wat heeft Gods aanbidders geholpen de gevolgen van rampen te verduren? Geef voorbeelden. (b) Hoe wordt tijdens een ramp duidelijk wat het belangrijkst is in het leven?

12 De afgelopen jaren zijn enkele landen door grote rampen getroffen. Veel broeders en zusters in die landen hebben een opmerkelijke kracht getoond. Maar dat betekent niet dat het makkelijk was. Begin 2010 werd Chili getroffen door een zware aardbeving en een tsunami, waardoor veel broeders en zusters hun bezittingen, hun huis en soms hun middelen van bestaan kwijtraakten. Maar zelfs in die situatie bleven de Getuigen actief in Jehovah’s dienst. Samuel, wiens huis totaal vernietigd werd, zei: „Zelfs in die extreme omstandigheden zijn mijn vrouw en ik er nooit mee gestopt de vergaderingen te bezoeken en te prediken. Ik denk dat dat ons heeft geholpen niet wanhopig te worden.” Net als veel anderen lieten ze zich niet ontmoedigen door de ramp maar bleven ze Jehovah ijverig dienen.

13 In september 2009 werd Manila (Filippijnen) getroffen door hevige regens, waardoor het grootste deel van de stad onder water kwam te staan. Een rijke man die veel verlies had geleden, zei: „De overstroming was een grote gelijkmaker: rijk en arm hadden ervan te lijden.” Dat herinnert ons aan Jezus’ wijze raad: „Vergaart u veeleer schatten in de hemel, waar noch mot noch roest ze verteren en waar dieven niet inbreken en stelen” (Matth. 6:20). Geld en bezittingen kunnen snel verdwijnen, dus als mensen die dingen het belangrijkst vinden, worden ze vaak teleurgesteld. Het is veel verstandiger om onze band met Jehovah centraal te stellen in ons leven, want die band blijft onder alle omstandigheden bestaan! (Lees Hebreeën 13:5, 6.)

REDENEN OM MOEDIG TE ZIJN

14. Welke redenen hebben we om moedig te zijn?

14 Jezus erkende dat er tijdens zijn tegenwoordigheid problemen zouden zijn,  maar hij zei ook: „Wordt dan niet verschrikt” (Luk. 21:9). Met hem als onze Koning en met de steun van de Maker van het heelal hebben we alle reden om vertrouwen te hebben. Paulus moedigde Timotheüs aan met de woorden: „God heeft ons niet een geest van lafhartigheid gegeven, maar van kracht en van liefde en van gezond verstand” (2 Tim. 1:7).

15. Wat hebben sommigen gezegd over hun vertrouwen in God? Hoe kunnen wij net zo moedig zijn?

15 In de Bijbel kunnen we lezen wat sommigen over hun sterke vertrouwen in God hebben gezegd. David zei bijvoorbeeld: „Jehovah is mijn sterkte en mijn schild. Op hem heeft mijn hart vertrouwd, en ik ben geholpen, zodat mijn hart uitbundige vreugde heeft” (Ps. 28:7). Ook Paulus gaf uiting aan zijn onwankelbare vertrouwen: „In al deze dingen komen wij volledig als overwinnaars uit de strijd te voorschijn door bemiddeling van hem die ons heeft liefgehad” (Rom. 8:37). Toen Jezus wist dat zijn arrestatie en terechtstelling naderden, zei hij iets waaruit duidelijk zijn sterke band met God bleek: „Toch ben ik niet alleen, omdat de Vader met mij is” (Joh. 16:32). Uit deze uitspraken blijkt een vast vertrouwen in Jehovah. Als we leren net zo’n vertrouwen te hebben, kan dat ons de moed geven die we nodig hebben om elke tegenslag aan te kunnen. (Lees Psalm 46:1-3.)

MAAK GEBRUIK VAN DE HULP DIE GOD AANBIEDT

16. Waarom is het belangrijk Gods Woord te bestuderen?

16 De moed die we nodig hebben, is niet het gevolg van zelfvertrouwen, maar van vertrouwen in God. Als we de Bijbel bestuderen, leren we God kennen en op hem vertrouwen. Een zuster die last heeft van depressiviteit legt uit wat haar helpt: „Ik lees gedeelten die me veel troost geven steeds opnieuw.” Heb je de raad opgevolgd om een vaste tijd te hebben voor gezinsaanbidding? Studie van Gods Woord helpt ons om dezelfde houding te hebben als de psalmist die zei: „Waarlijk, hoe lief heb ik uw wet! De gehele dag heeft ze mijn intense belangstelling” (Ps. 119:97).

17. (a) Wat is nog een manier waarop Jehovah ons helpt moed te krijgen? (b) Hoe heeft een levensverhaal uit een van onze publicaties jou geholpen?

17 We hebben ook Bijbelse publicaties die ons vertrouwen in Jehovah vergroten. De levensverhalen in onze tijdschriften bijvoorbeeld hebben velen geholpen. Een zuster in Azië die een bipolaire stemmingsstoornis heeft, was heel blij met het levensverhaal van een vroegere zendeling die aan dezelfde aandoening lijdt en geleerd heeft er goed mee om te gaan. Ze schreef: „Het hielp me mijn probleem te begrijpen en gaf me hoop.”

Als je met tegenslagen te maken hebt, gebruik dan de hulpmiddelen die Jehovah heeft gegeven

18. Waarom moeten we zo vaak mogelijk bidden?

 18 Gebed kan in allerlei situaties een hulp zijn. Paulus vestigde de aandacht op deze waardevolle voorziening door te zeggen: „Weest over niets bezorgd, maar laat in alles door gebed en smeking te zamen met dankzegging uw smeekbeden bij God bekend worden; en de vrede van God, die alle gedachte te boven gaat, zal uw hart en uw geestelijke vermogens behoeden door bemiddeling van Christus Jezus” (Fil. 4:6, 7). Maak je volop gebruik van dit hulpmiddel om kracht te krijgen als je het moeilijk hebt? Alex, een broeder in Groot-Brittannië die al heel lang aan depressiviteit lijdt, zei: „Met Jehovah praten door te bidden en naar hem luisteren door zijn Woord te lezen, is een reddingslijn voor me.”

19. Hoe belangrijk is het vergaderingen te bezoeken?

19 Omgang op onze vergaderingen is nog een hulpmiddel. Een psalmist schreef: „Mijn ziel heeft vurig verlangd en ook gesmacht naar de voorhoven van Jehovah” (Ps. 84:2). Heb jij hetzelfde gevoel? De eerder genoemde Lani legt uit waarom christelijke omgang belangrijk voor haar is: „Het bezoeken van de vergaderingen was een must. Ik wist dat ik daar moest zijn als ik wilde dat Jehovah me hielp.”

20. Hoe kan actief zijn in de prediking ons helpen?

20 We krijgen ook moed door actief te zijn in de prediking (1 Tim. 4:16). Een zuster in Australië die veel problemen heeft gehad, zegt: „Prediken was wel het laatste wat ik wilde, maar een ouderling vroeg me met hem mee te gaan. Dat deed ik. Jehovah moet me geholpen hebben; elke keer dat ik in de dienst ging, voelde ik me heel gelukkig” (Spr. 16:20). Velen hebben gemerkt dat terwijl ze anderen helpen in Jehovah te gaan geloven, ze ook hun eigen geloof versterken. Ze denken dan niet meer aan hun problemen en blijven geconcentreerd op de belangrijker dingen (Fil. 1:10, 11).

21. Waar kunnen we zeker van zijn als we met moeilijkheden te maken krijgen?

21 Jehovah heeft ons veel hulpmiddelen gegeven om moedig met tegenslagen om te gaan. Door gebruik te maken van al die hulp en door te mediteren over het goede voorbeeld van moedige aanbidders van God en hen na te volgen, kunnen we er zeker van zijn dat we moeilijkheden aankunnen. Hoewel we met nog veel problemen te maken kunnen krijgen terwijl het einde van dit samenstel nadert, kunnen we ons net als Paulus voelen, die zei: ’Wij worden neergeworpen, maar niet vernietigd. (...) Wij geven de moed niet op’ (2 Kor. 4:9, 16). Met Jehovah’s hulp kunnen we moedig met tegenslagen omgaan. (Lees 2 Korinthiërs 4:17, 18.)

^ ¶8 Sommige namen zijn veranderd.