Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

DE WACHTTOREN (STUDIE-UITGAVE) FEBRUARI 2016

Jehovah noemde hem ‘mijn vriend’

Jehovah noemde hem ‘mijn vriend’

‘Gij, o Israël, zijt mijn knecht, gij, o Jakob, die ik verkozen heb, het zaad van mijn vriend Abraham.’ — JES. 41:8.

LIEDEREN: 91, 22

1, 2. (a) Hoe weten we dat mensen vrienden van God kunnen worden? (b) Wat gaan we in dit artikel bespreken?

WE HEBBEN als mensen liefde nodig. Van de wieg tot het graf is dat onze grootste behoefte, en dan gaat het niet alleen om romantische liefde. We hebben van nature een sterke behoefte aan vriendschap en sociale contacten. Maar er is een liefde die we meer nodig hebben dan welke andere liefde maar ook — Jehovah’s liefde. Velen kunnen zich moeilijk voorstellen dat mensen een hechte vriendschap kunnen hebben met de Almachtige God, die een onzichtbare geest in de hemel is. Maar wij denken daar heel anders over.

2 De Bijbel vertelt over onvolmaakte mensen die vrienden van God zijn geworden. Hun voorbeeld is het overdenken waard, omdat vriendschap met God het beste doel is dat je in het leven kunt hebben. Een heel goed voorbeeld in dit verband is Abraham. (Lees Jakobus 2:23.) Hoe ontwikkelde hij een hechte band met Jehovah? Een belangrijke factor was zijn geloof. De Bijbel noemt Abraham zelfs ‘de vader van allen die geloof  hebben’ (Rom. 4:11). Laten we dus eens kijken hoe Abrahams geloof hem hielp om een hechte vriendschap met God op te bouwen. Vraag jezelf daarbij af: hoe kan ik Abrahams geloof navolgen en zo mijn vriendschap met Jehovah versterken?

HOE WERD ABRAHAM EEN VRIEND VAN JEHOVAH?

3, 4. (a) Wat was waarschijnlijk de grootste geloofsbeproeving die Abraham ooit heeft meegemaakt? (b) Waarom was Abraham bereid Isaäk te offeren?

3 Stel je eens een bejaarde man voor die moeizaam een berghelling oploopt. Dit is waarschijnlijk de zwaarste tocht die hij ooit heeft gemaakt. En dat komt niet door zijn leeftijd. Abraham is misschien al zo’n 125 jaar oud, maar hij is nog steeds vitaal. [1] Achter hem loopt een jongere man van misschien 25. Het is zijn zoon Isaäk. Hij draagt brandhout. Abraham heeft een mes bij zich en spullen om vuur te maken. Jehovah heeft hem gevraagd zijn eigen zoon te offeren (Gen. 22:1-8).

4 Wat Abraham hier meemaakte, was waarschijnlijk zijn grootste geloofsbeproeving ooit. Er zijn mensen die zeggen dat het wreed van God was om zoiets van Abraham te vragen, en sommigen opperen dat Abrahams gehoorzaamheid blind en gevoelloos was. Dat denken ze omdat ze geen echt geloof hebben en niet begrijpen hoe geloof werkt (1 Kor. 2:14-16). Maar Abrahams gehoorzaamheid was niet blind. Hij gehoorzaamde juist omdat hij kon zien. Door zijn geloof zag hij als het ware dat zijn hemelse Vader, Jehovah, nooit iets van zijn trouwe aanbidders vraagt wat ze blijvend zal schaden. Abraham wist dat als hij Jehovah zou gehoorzamen, Hij hem en zijn zoon zou zegenen. Waarop was dat geloof gebaseerd? Op kennis en ervaring.

5. Hoe had Abraham misschien over Jehovah gehoord, en wat deed die kennis met hem?

5 Kennis. Abraham groeide op in Ur, een stad vol afgoderij. Zelfs zijn vader Terah was een afgodenaanbidder (Joz. 24:2). Toch leerde Abraham over Jehovah. Van wie? Dat staat niet specifiek in de Bijbel, maar er staat wel dat Abraham een afstammeling was van Sem, een van Noachs zoons. Abraham behoorde tot de negende generatie vanaf Sem, en hun levens hebben elkaar zo’n 150 jaar overlapt. Heeft Abraham misschien van hem over Jehovah geleerd? Dat weten we niet zeker, maar Sem was een man met een groot geloof, en het lijkt veilig om aan te nemen dat hij zijn kennis over Jehovah aan zijn familie heeft doorgegeven. Op de een of andere manier heeft die kennis Abraham bereikt en zijn hart geraakt. Abraham ging houden van de God over wie hij leerde, en zijn kennis over Jehovah heeft hem geholpen geloof te ontwikkelen.

6, 7. Hoe versterkten Abrahams ervaringen zijn geloof?

6 Ervaring. Hoe deed Abraham de ervaring op die zijn geloof in Jehovah steeds sterker maakte? Er wordt wel gezegd dat gedachten tot gevoelens leiden, en gevoelens tot daden. Door wat Abraham over Jehovah leerde, kreeg hij diep ontzag en respect voor ‘Jehovah, de Allerhoogste God, Voortbrenger van hemel en aarde’ (Gen. 14:22). Dat gevoel, in de Bijbel ‘godvruchtige vrees’ genoemd, is onmisbaar voor een hechte vriendschap met God (Hebr. 5:7; Ps. 25:14). En dit ontzag bewoog Abraham tot actie.

7 God gaf de bejaarde Abraham en Sara de opdracht Ur te verlaten en naar een ander land te verhuizen. Ze zouden de rest van hun leven in tenten wonen. Door te gehoorzamen gaf Abraham Jehovah de gelegenheid om hem te zegenen en  beschermen. Een voorbeeld. Omdat Sara een mooie vrouw was, was Abraham bang dat ze hem zou worden afgenomen en dat hij zou worden vermoord. Die angst was niet ongegrond, maar Abraham liet niet toe dat zulke zorgen hem ervan afhielden Jehovah te gehoorzamen. Meer dan eens beschermde Jehovah Abraham en Sara op wonderbare wijze (Gen. 12:10-20; 20:2-7, 10-12, 17, 18). Die ervaringen versterkten Abrahams geloof.

8. Hoe kunnen wij kennis en ervaring opdoen om onze vriendschap met Jehovah te versterken?

8 Kunnen wij vrienden van Jehovah worden? Zeker! De kennis en ervaring die daarvoor nodig zijn, zijn binnen handbereik. Abraham beschikte maar over een fractie van de schat aan wijsheid die nu in de Bijbel staat (Dan. 12:4; Rom. 11:33). Gods Woord staat vol pareltjes die onze kennis over de ‘Voortbrenger van hemel en aarde’ kunnen verdiepen en onze liefde en ons respect voor hem kunnen laten groeien. Zulke gevoelens motiveren ons om God te gehoorzamen, en dan doen we waardevolle ervaring op: we zien de goede resultaten van onze gehoorzaamheid. We merken dat Jehovah’s raad ons beschermt en dat Jehovah ons zegent en sterker maakt. We leren de vrede, vreugde en voldoening kennen die het gevolg zijn als we Jehovah met hart en ziel dienen (Ps. 34:8; Spr. 10:22). En hoe meer kennis en ervaring we opdoen, hoe groter ons geloof in Jehovah wordt en hoe sterker onze vriendschap met hem zal zijn.

HOE ABRAHAM ZIJN VRIENDSCHAP MET GOD ONDERHIELD

9, 10. (a) Wat is nodig om een vriendschap sterker te laten worden? (b) Waaruit blijkt dat Abraham zijn vriendschap met Jehovah koesterde?

9 Een vriendschap kan als een kostbare schat zijn. (Lees Spreuken 17:17.) Maar vriendschap is niet als een voorwerp dat je koopt en dan ergens kunt laten verstoffen. Het is iets levends, dat alleen zal bloeien als het wordt onderhouden en verzorgd. Hoe onderhield Abraham zijn vriendschap met Jehovah?

10 Abraham ging nooit denken dat hij kon teren op de gehoorzaamheid en de vrees voor God die hij in het verleden had getoond. Terwijl hij met zijn grote huisgezin Kanaän binnentrok, liet hij zich nog steeds door Jehovah leiden — in grote en in kleine beslissingen. Een jaar voor de geboorte van Isaäk, toen Abraham 99 was, zei Jehovah dat alle mannelijke leden van Abrahams huisgezin besneden moesten worden. Plaatste Abraham vraagtekens bij dat gebod? Zocht hij naar een manier om eronderuit te komen? Nee. Vol vertrouwen in God gehoorzaamde hij ‘nog op diezelfde dag’ (Gen. 17:10-14, 23).

11. Waarom maakte Abraham zich zorgen over Sodom en Gomorra, en hoe hielp Jehovah hem?

11 Doordat Abraham de gewoonte had  ontwikkeld Jehovah zelfs in schijnbaar onbeduidende dingen te gehoorzamen, bleef zijn vriendschap met Hem levend en sterk. Hij voelde zich vrij om zich openhartig tegenover Jehovah te uiten en vroeg hem om hulp als hij met moeilijke vragen worstelde. Toen hij bijvoorbeeld hoorde dat God van plan was Sodom en Gomorra te verwoesten, was Abraham bang dat daarbij ook rechtvaardige mensen zouden kunnen omkomen. Misschien maakte hij zich zorgen over zijn neef Lot en zijn familie, die toen in Sodom woonden. Abraham stelde zijn vragen op een heel nederige manier en vol vertrouwen in God, ‘de Rechter van de gehele aarde’. En Jehovah leerde Abraham geduldig hoe barmhartig Hij is. Hij leest het hart van iedereen afzonderlijk en is zelfs in een tijd van oordeel op zoek naar rechtvaardige personen die voor redding in aanmerking komen (Gen. 18:22-33).

12, 13. (a) Hoe werd Abraham later door zijn kennis en ervaring geholpen? (b) Waaruit bleek Abrahams vertrouwen in Jehovah?

12 Ongetwijfeld hebben alle beetjes kennis en ervaring Abraham geholpen zijn vriendschap met Jehovah sterk te houden. Toen Jehovah hem op een later moment vroeg om zijn zoon Isaäk te offeren, kon hij nadenken over wat voor iemand zijn Vriend in de hemel altijd was geweest. Denk nu eens terug aan die getrouwe man op het moment dat hij in het land Moria de berg oploopt. Geloofde hij dat Jehovah nu ineens veranderd kon zijn in een wrede en genadeloze God? Voor Abraham was dat ondenkbaar! Hoe weten we dat?

13 Voordat hij de bedienden achterliet die met hem mee waren gekomen, zei Abraham: ‘Blijft gij hier met de ezel, maar ik en de jongen willen verder gaan naar daarginds en aanbidden en tot u terugkeren’ (Gen. 22:5). Wat bedoelde Abraham? Loog hij tegen zijn bedienden, door te zeggen dat Isaäk terug zou komen terwijl hij wist dat hij geofferd zou worden? Nee. De Bijbel geeft ons wat inzicht in wat Abraham dacht. (Lees Hebreeën 11:19.) Abraham ‘was van oordeel dat God [Isaäk] zelfs uit de doden kon opwekken’. Abraham geloofde in de opstanding. Hij wist dat Jehovah zijn voortplantingsvermogen en dat van Sara op hoge leeftijd had doen herleven (Hebr. 11:11, 12, 18). Hij besefte dat voor Jehovah niets onmogelijk was. Daarom had hij het volste vertrouwen dat wat er die dag ook zou gebeuren, hij zijn zoon zou terugkrijgen zodat al Jehovah’s beloften konden uitkomen. Geen wonder dat Abraham ‘de vader van allen die geloof hebben’ wordt genoemd.

14. Voor welke uitdagingen sta jij in je dienst voor Jehovah, en hoe zou Abrahams voorbeeld je kunnen helpen?

14 Hoe zit het met ons? Het is waar dat Jehovah in deze tijd niet zulke dingen van zijn aanbidders vraagt. Maar hij verwacht  wel gehoorzaamheid van ons, zelfs als we een bepaald gebod moeilijk vinden of niet helemaal begrijpen. Is er een gebod van Jehovah dat jij moeilijk vindt? Sommigen hebben moeite met prediken; ze zijn misschien verlegen en vinden het eng om wildvreemden met het goede nieuws te benaderen. Anderen vinden het moeilijk om anders te zijn, bijvoorbeeld op school of op het werk (Ex. 23:2; 1 Thess. 2:2). Voel je je weleens net als Abraham? Zie je weleens als een berg tegen iets op, omdat je denkt dat je het niet aankunt? Laat Abrahams voorbeeld van geloof je dan moed geven! Als we mediteren over getrouwe mannen en vrouwen uit het verleden, zal dat ons motiveren om net als zij een hechte vriendschap met Jehovah te ontwikkelen (Hebr. 12:1, 2).

ZEGENINGEN VOOR JEHOVAH’S VRIENDEN

15. Hoe weten we dat Abraham nooit spijt heeft gekregen van zijn trouw en gehoorzaamheid aan Jehovah?

15 Zou Abraham ooit spijt hebben gehad van zijn trouw en gehoorzaamheid aan Jehovah? Kijk eens hoe de Bijbel het einde van zijn leven beschrijft: ‘Abraham blies de laatste adem uit en stierf in een gezegende ouderdom, oud en voldaan’ (Gen. 25:8). Vlak voordat hij op 175-jarige leeftijd stierf, kon hij met voldoening terugkijken op een mooi leven. Een leven dat altijd had gedraaid om zijn vriendschap met Jehovah. Maar we moeten niet de conclusie trekken dat de uitdrukking ‘oud en voldaan’ betekent dat Abraham genoeg had van het leven en dat hij niet in de toekomst opnieuw zou willen leven.

16. Welke mooie dingen staan Abraham in het paradijs te wachten?

16 De Bijbel zegt over Abraham: ‘Hij verwachtte de stad die werkelijke fundamenten heeft, van welke stad God de bouwer en maker is’ (Hebr. 11:10). Abraham geloofde dat hij die stad, Gods Koninkrijk, op een dag over de aarde zou zien regeren. En dat gaat ook gebeuren! Stel je eens voor hoe geweldig Abraham het zal vinden om op aarde in het paradijs te leven en zijn vriendschap met Jehovah verder te verdiepen. En wat zal hij blij zijn te horen dat zijn voorbeeld van geloof Jehovah’s aanbidders duizenden jaren lang heeft geholpen. Hij zal er zelfs achter komen dat de manier waarop hij Isaäk terugkreeg, een illustratie was van iets veel groters (Hebr. 11:19). En dat de pijn die hij voelde toen hij Isaäk zou gaan offeren, miljoenen getrouwen heeft geholpen om zich Jehovah’s pijn voor te stellen toen hij zijn Zoon als losprijs gaf (Joh. 3:16). Abrahams voorbeeld helpt ons allemaal om deze grootste daad van liefde uit de geschiedenis nog meer te waarderen.

17. Waartoe heeft dit artikel jou aangemoedigd, en wat gaan we in het volgende artikel bespreken?

17 Doe dus je best om Abrahams geloof na te volgen. Terwijl je Jehovah steeds beter leert kennen en hem in alles gehoorzaamt, zul je een goede reputatie bij hem opbouwen. Je zult ook steeds meer ervaren hoe lonend het is hem trouw te dienen. (Lees Hebreeën 6:10-12.) Laat Jehovah voor altijd je vriend zijn! In het volgende artikel gaan we nog drie voorbeelden bespreken van personen die Jehovah trouw dienden en zijn vrienden werden.

^ [1] (alinea 3) Deze man en zijn vrouw heetten eerst Abram en Sarai, maar in dit artikel gebruiken we de namen die Jehovah ze later gaf: Abraham en Sara.