Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Ontwaakt!  |  Nr. 2 2017

De entertainmentwereld maakt spiritistische onderwerpen en personages heel aantrekkelijk, maar we moeten oppassen voor de gevaren die erachter schuilen

 COVERONDERWERP | WAT SCHUILT ER ACHTER HET BOVENNATUURLIJKE?

Wat zegt de Bijbel over spiritisme?

Wat zegt de Bijbel over spiritisme?

VEEL mensen zijn sceptisch als het om het bovennatuurlijke of om spiritisme gaat. Ze zien het als bedrog of als het product van creatieve scenarioschrijvers in de filmindustrie. Maar de Bijbel zegt iets anders. Er staan duidelijke waarschuwingen in over spiritisme. In Deuteronomium 18:10-13 staat bijvoorbeeld: ‘Er dient onder u niemand te worden gevonden die (...) aan waarzeggerij doet, geen beoefenaar van magie, noch iemand die voortekens zoekt, noch een tovenaar, noch iemand die anderen door een banspreuk bindt, noch iemand die een geestenmedium of beroepsvoorzegger van gebeurtenissen raadpleegt, noch iemand die de doden ondervraagt.’ Waarom niet? Er staat verder: ‘Iedereen die deze dingen doet, is iets verfoeilijks voor Jehovah (...) Gij dient u onberispelijk te betonen tegenover Jehovah, uw God.’

Waarom wordt in de Bijbel elke vorm van spiritisme zo stellig afgewezen?

VERKEERDE OORSPRONG

In de Bijbel staat dat God lang voordat hij de aarde maakte, miljoenen geesten of engelen maakte (Job 38:4, 7; Openbaring 5:11). Elk van die engelen kreeg een vrije wil, het vermogen om te kiezen tussen goed en kwaad. Sommige engelen kozen ervoor tegen God in opstand te komen, en zij verlieten de hemel om op aarde problemen te veroorzaken. Daardoor ‘werd de aarde met geweldpleging vervuld’ (Genesis 6:2-5, 11; Judas 6).

Uit de Bijbel blijkt dat die slechte engelen veel invloed hebben en miljoenen mensen  misleiden (Openbaring 12:9). Ze maken zelfs misbruik van de aangeboren nieuwsgierigheid van mensen naar de toekomst (1 Samuël 28:5, 7; 1 Timotheüs 4:1).

Soms lijkt het er inderdaad op dat mensen worden geholpen door bovennatuurlijke krachten (2 Korinthiërs 11:14). Maar in werkelijkheid proberen de slechte engelen mensen blind te maken voor de waarheid over God (2 Korinthiërs 4:4).

Volgens de Bijbel kan contact met slechte geesten dus wel degelijk kwaad. Toen potentiële volgelingen van Jezus die zich met bovennatuurlijke dingen hadden beziggehouden, dan ook leerden wat er echt achter zulke bezigheden zat, ‘brachten [ze] hun boeken bijeen en verbrandden’ die, ook al betekende dat een groot financieel verlies (Handelingen 19:19).

‘Dat steeds meer tienermeisjes in hekserij geloven, kan beïnvloed zijn door recente vertolkingen van aantrekkelijke, verleidelijke heksen op tv, in films en in boeken’ — Gallup Youth Survey 2014

Ook tegenwoordig besluiten veel mensen dat ze niets te maken willen hebben met activiteiten of entertainment waar ook maar een vleugje spiritisme aan zit. Neem bijvoorbeeld Maria *. Toen ze 12 was, leek ze bepaalde toekomstige gebeurtenissen of gevaren te kunnen voorspellen. Ze las tarotkaarten voor haar klasgenootjes en omdat haar voorspellingen uitkwamen, raakte ze gefascineerd door het occulte.

Maria dacht dat God haar een gave had gegeven waarmee ze anderen kon helpen. ‘Maar iets voelde niet goed’, zegt ze. ‘Als ik de tarotkaarten las, las ik ze voor anderen. Ik kon ze niet voor mezelf lezen, ook al wilde ik weten wat mijn eigen toekomst zou zijn.’

Omdat ze met die onbeantwoorde vragen bleef rondlopen, bad ze tot God. Ze kwam in contact met Getuigen van Jehovah en begon de Bijbel met ze te bestuderen. Maria leerde uit de Bijbel dat  haar vermogen om de toekomst te voorspellen niet van God kwam. Ze leerde ook dat als je een vriend van God wilt worden, je alles moet wegdoen wat met spiritisme te maken heeft (1 Korinthiërs 10:21). Het resultaat was dat Maria haar occulte spullen en boeken weggooide. Nu vertelt ze anderen over de nauwkeurige waarheden die ze uit de Bijbel heeft geleerd.

Als tiener was Michael gek op fantasyboeken over bovennatuurlijke personages. Hij zegt: ‘Ik identificeerde me met helden van mijn leeftijd die fantasiewerelden verkenden.’ Langzaam maar zeker raakte Michael gewend aan het lezen van boeken over magie en satanische rituelen. Hij geeft toe: ‘Ik las boeken en keek films over deze onderwerpen omdat ik er nieuwsgierig naar was.’

Maar door de Bijbel te onderzoeken, zag Michael in dat hij selectief moest zijn in wat hij las. Hij zegt: ‘Ik maakte een lijst van alles wat met spiritisme te maken had en gooide het allemaal weg. Ik heb een belangrijke les geleerd. In 1 Korinthiërs 10:31 zegt de Bijbel: “Doet alle dingen tot Gods heerlijkheid.” Nu stel ik mezelf de vraag: raak ik door het lezen van dit materiaal betrokken bij iets wat God als slecht beziet? Zo ja, dan is dat niet tot heerlijkheid van God en lees ik het niet.’

De Bijbel wordt heel passend beschreven als een lamp. Het is een unieke bron van verlichting die duidelijk laat zien wat er echt achter spiritisme schuilt (Psalm 119:105). Maar de Bijbel doet meer. Er staat een prachtige belofte in over een wereld zonder de invloed van slechte geesten. Dat zal een enorme verandering zijn voor de mensheid. In Psalm 37:10, 11 staat bijvoorbeeld: ‘Nog maar een korte tijd en de goddeloze zal er niet meer zijn; en gij zult stellig acht geven op zijn plaats, en hij zal er niet zijn. De zachtmoedigen daarentegen zullen de aarde bezitten, en zij zullen inderdaad hun heerlijke verrukking vinden in de overvloed van vrede.’

^ ¶10 De namen in dit artikel zijn veranderd.