Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

ONTWAAKT! 1993-05-22

Het abortusdilemma: Zijn 60 miljoen moorden de oplossing?

Het abortusdilemma: Zijn 60 miljoen moorden de oplossing?

VERWARD, bang en in tranen ziet een vijftienjarig meisje haar van weerzin vervulde vriend weglopen. Hij noemde haar stom omdat zij in verwachting is geraakt. Zij dacht dat zij van elkaar hielden.

Een vrouw is wanhopig als zij beseft dat zij in verwachting is van haar zesde kind. Haar man is werkloos en de kleintjes gaan elke avond hongerig naar bed. Hoe kunnen zij er de zorg voor nog een kind bij hebben?

„Het had op geen ongelukkiger moment kunnen komen”, legt een goedgeklede vrouw aan haar dokter uit. Zij is eindelijk afgestudeerd als ingenieur en staat op het punt haar nieuwe loopbaan aan te vangen. Haar man wordt volkomen in beslag genomen door zijn advocatenpraktijk. Waar moeten zij de tijd voor een baby vandaan halen?

Deze mensen leven in totaal verschillende werelden en hebben verschillende problemen, maar zij kiezen voor dezelfde oplossing: abortus.

Abortus is een van de meest controversiële strijdpunten van dit decennium, een strijdpunt dat verhitte debatten in politieke, sociale, medische en theologische kringen doet ontbranden. In de Verenigde Staten houdt het pro-leven-kamp marsen voor de rechten van het ongeboren kind. Het pro-keuze-kamp beroept zich op de vrijheid en het recht van een vrouw zelf te beslissen. Kruisvaarders (die pro-leven zijn) bevechten vrijheidsstrijders (pro-keuze) bij verkiezingen, voor rechtbanken, in kerken en zelfs op straat.

Miljoenen worden heen en weer getrokken, in tweestrijd door de hartstochtelijke pleidooien van beide partijen. De termen „pro-keuze” en „pro-leven” op zich zijn met zorg gekozen om naar de gunst van de besluitelozen te dingen. Wie zou in deze tijd waarin vrijheid wordt verafgood, geen voorstander van vrije keuze zijn? Maar anderzijds, wie zou niet voor het leven zijn? Pro-keuze-groepen zwaaien met kleerhangers als dramatisch symbool van de dood van verdrukte vrouwen die een onveilige illegale abortus ondergaan. Pro-leven-gezinden lopen met potten met geaborteerde foetussen als macabere herinnering aan miljoenen ongeboren doden.

Deze hele tragedie rond de dood wordt treffend beschreven in het boek van Laurence H. Tribe: Abortion: The Clash of Absolutes. „Velen die zich zonder moeite het concrete menszijn van een foetus kunnen voorstellen, die dat het zwaarst laten wegen en er tranen om vergieten, hebben nauwelijks oog voor de vrouw die de foetus draagt en voor haar benarde situatie als mens. . . . Vele anderen, die zich zonder moeite de vrouw en haar lichaam kunnen indenken, die roepen om haar recht zelf haar lot te bepalen, hebben nauwelijks oog voor de foetus in die vrouw en zien het leven dat hij misschien had mogen leiden niet als werkelijkheid.”

Terwijl deze morele oorlog voortwoedt, zullen er dit jaar 50 à 60 miljoen ongeboren doden vallen op het slagveld van de rechten.

Aan welke kant staat u in deze emotionele kwestie? Hoe zou u deze kernvragen beantwoorden: Heeft een vrouw het grondrecht zelf te beslissen? Zijn er omstandigheden waaronder een abortus gerechtvaardigd is? Wanneer begint het leven? En als laatste maar zelden gestelde vraag:  Welke kijk heeft de Schepper van het leven en de voortplanting op abortus?

Abortus is niets nieuws. In het oude Griekenland en Rome kwam abortus veel voor. In Europa werd het in de middeleeuwen en de Renaissance als toelaatbaar beschouwd zolang de moeder geen leven voelde. Met de seksuele revolutie kwam de consequentie — miljoenen ongewenste zwangerschappen.

De jaren ’60 onderscheidden zich onder meer door de opkomst van de vrouwenbeweging, met zelfbeschikking ten aanzien van de voortplanting als een van de fundamentstenen. Sommigen roepen om abortusrechten voor zwangere slachtoffers van verkrachting of incest, of wanneer de gezondheid van de moeder gevaar loopt. De medische technologie heeft het mogelijk gemaakt in de baarmoeder te kijken en mogelijke aangeboren afwijkingen en het geslacht van de baby vast te stellen. Zwangerschappen worden afgebroken op basis van de pessimistische prognose van een arts. Vrouwen van boven de veertig kunnen zich zorgen maken over misvormingen.

In door armoede geteisterde landen vinden veel vrouwen met beperkte mogelijkheden tot anticonceptie dat zij de zorg voor nog meer kinderen niet aankunnen. En sommige zwangere vrouwen gaan zo ver in hun definitie van pro-keuze dat zij verkiezen een foetus te aborteren omdat zij vinden dat het tijdstip waarop de zwangerschap zich aandient ongelukkig is of omdat zij horen wat het geslacht van het ongeboren kind is en het gewoon niet wensen.

Bij veel verhitte discussies in dit conflict gaat het om de vraag wanneer het leven begint. Weinig mensen zullen betwisten dat de bevruchte eicel leeft. De vraag is: leeft als wat? Als louter weefsel? Of als mens? Is een eikel een eikeboom? Is een foetus dan een mens? Heeft hij burgerrechten? Het kijven over woorden is zonder eind. Wat wrang dat soms in een en hetzelfde ziekenhuis artsen enerzijds vechten voor het leven van een te vroeg geboren baby en anderzijds het leven van een foetus die even oud is beëindigen! Het kan zijn dat het bij de wet geoorloofd is een baby in de baarmoeder te doden, maar het is moord als de baby de baarmoeder verlaten heeft.

Om legale abortus wordt het hardst geroepen door feministes die onbeperkt toegang hebben tot anticonceptiemethoden om zwangerschap eerst en vooral te voorkomen. Zij maken fel aanspraak op zogenoemde voortplantingsrechten, terwijl zij in feite al gebruik hebben gemaakt van hun vermogen bevrucht te worden en kinderen te krijgen. Wat zij eigenlijk willen is het recht dat ongedaan te maken. En de reden? „Het is mijn lichaam!” Maar is dat wel zo?

Moeder: „Het is mijn lichaam!”

Baby: „Nee! Het is mijn lichaam!”

In Abortion — A Citizens’ Guide to the Issues staat dat in de eerste twaalf weken van de zwangerschap „het kleine beetje geleiachtig weefsel heel gemakkelijk te verwijderen is”. Kan abortus met recht bezien worden als „het verwijderen van een klontje weefsel” of „het weghalen van het bevruchtingsprodukt”? Of zijn dat verbloemende  termen bedoeld om de bittere waarheid te vergulden en een gekweld geweten te sussen?

Dat ongewenste stukje weefsel is een groeiend, gedijend leven, compleet met zijn eigen stel chromosomen. Als een profetische autobiografie vertelt het tot in details het verhaal van een uniek individu in wording. De vermaarde onderzoeker A. W. Liley, hoogleraar in de foetologie, legt uit: „Biologisch kunnen wij in geen enkel stadium de zienswijze onderschrijven dat de foetus slechts een aanhangsel van de moeder is. Genetisch zijn moeder en baby vanaf de bevruchting afzonderlijke individuen.”

Onverantwoordelijk gedrag

Niettemin hebben velen, nu zij vrije toegang tot abortus hebben, zich niet dringend genoodzaakt gezien te waken voor ongewenste bevruchting. Zij geven er de voorkeur aan abortus te gebruiken als een vangnet om met eventuele „ongelukjes” die zich voordoen af te rekenen.

De statistieken laten zien dat de puberteitsleeftijd in deze eeuw is gedaald. Daardoor kunnen kinderen op jongere leeftijd kinderen ter wereld brengen. Wordt hun bijgebracht met wat een zwaarwegende verantwoordelijkheid dat voorrecht gepaard gaat? De gemiddelde Amerikaan verliest zijn of haar maagdelijkheid rond zijn of haar zestiende, en één op de vijf voordat hij of zij dertien jaar is. Een derde van de gehuwde mannen en vrouwen heeft een verhouding of heeft er een gehad. Abortus vindt veel van zijn klanten onder de promiscuen. In dezelfde zin als de af en toe gehoorde roep om prostitutie te legaliseren teneinde de verbreiding van AIDS tegen te gaan, kan het legaliseren van abortus de ingreep medisch wat veiliger hebben gemaakt, maar het heeft des te meer bijgedragen tot het scheppen van een vruchtbaar milieu waarin morele kwalen kunnen gedijen en inderdaad floreren.

Slachtoffers van geweld of van de omstandigheden?

Een interessant gegeven is dat onderzoeken aantonen dat zwangerschap als gevolg van verkrachting uiterst zeldzaam is. Een onderzoek naar 3500 opeenvolgende gevallen van verkrachting in Minneapolis (VS) leverde geen enkel geval van zwangerschap op. Op 86.000 abortussen in het voormalige Tsjechoslowakije waren er slechts 22 wegens verkrachting. Slechts een zeer klein percentage van de verzoeken om abortus wordt dus om die reden gedaan.

Wat valt er te zeggen over die angstaanjagende voorspellingen van verschrikkelijk misvormde baby’s met onherstelbare geboortedefecten? Bij het eerste teken van narigheid zijn sommige artsen er snel bij op abortus aan te dringen. Is de diagnose absoluut zeker? Veel ouders kunnen ervan getuigen dat zulke trieste voorspellingen ongegrond kunnen zijn; hun gelukkige, gezonde kinderen zijn daarvan het bewijs. Anderen met kinderen die als gehandicapt worden beschouwd, zijn toch gelukkig met hun ouderschap. Ja, niet meer dan één procent van de vrouwen in de Verenigde Staten die zich laten aborteren, doet dit omdat hun gezegd wordt dat de foetus mogelijk een afwijking vertoont.

Niettemin zijn er in de tijd die het u gekost heeft om dit artikel te lezen, honderden ongeboren baby’s gestorven. Waar gebeurt dat? En hoe is het van invloed op het leven van de betrokkenen?