Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Nader dicht tot Jehovah

 Hoofdstuk 17

„O de diepte van Gods . . . wijsheid!”

„O de diepte van Gods . . . wijsheid!”

1, 2. Wat was Jehovah’s voornemen met de zevende dag, en hoe werd Gods wijsheid aan het begin van die dag op de proef gesteld?

HET was helemaal mis! De mens, de glorierijke bekroning van de zesde scheppingsdag, was van zijn hoge niveau plotseling naar de diepste diepten gevallen. Jehovah had „alles wat hij gemaakt had”, inclusief de mens, „zeer goed” genoemd (Genesis 1:31). Maar aan het begin van de zevende dag verkozen Adam en Eva zich bij Satan in zijn opstand aan te sluiten. Ze werden ondergedompeld in zonde, onvolmaaktheid en dood.

2 Het kan erop geleken hebben dat Jehovah’s voornemen met de zevende dag hopeloos verijdeld was. Die dag zou net als de voorgaande zes dagen duizenden jaren lang zijn. Jehovah had hem heilig verklaard, en uiteindelijk zou op die dag de hele aarde tot een paradijs gemaakt zijn, gevuld met een volmaakte mensenfamilie (Genesis 1:28; 2:3). Maar hoe zou dat na de catastrofale opstand ooit werkelijkheid kunnen worden? Wat zou God doen? Het was een indrukwekkende toets op Jehovah’s wijsheid — misschien wel de grootste toets.

3, 4. (a) Waarom is Jehovah’s reactie op de opstand in Eden een ontzag inboezemend voorbeeld van zijn wijsheid? (b) Tot het in gedachte houden van welke waarheid dient nederigheid ons te bewegen wanneer we Jehovah’s wijsheid bestuderen?

3 Jehovah reageerde onmiddellijk. Hij sprak het vonnis over de opstandelingen in Eden uit en liet tegelijkertijd een glimp zien van iets wonderbaarlijks: zijn voornemen om de moeilijkheden op te lossen die ze zojuist hadden veroorzaakt (Genesis 3:15). Jehovah’s verreikende voornemen strekt zich vanaf Eden door al de duizenden jaren van de menselijke geschiedenis heen en nog verder uit, tot ver in de toekomst. Het is schitterend eenvoudig maar getuigt toch van zo’n diepe wijsheid dat een bijbellezer er zijn leven lang een dankbare taak  aan zou hebben het te bestuderen en te overpeinzen. Bovendien is het absoluut zeker dat Jehovah’s voornemen succes zal hebben. Het zal een eind maken aan alle goddeloosheid en aan zonde en dood. Het zal de getrouwe mensheid tot volmaaktheid brengen. Dit alles zal gebeuren voordat de zevende dag eindigt, zodat Jehovah zijn voornemen met de aarde en de mensheid ondanks alles precies volgens schema verwezenlijkt zal hebben!

4 Vervult zo’n wijsheid ons niet met diep ontzag? De apostel Paulus werd ertoe bewogen te schrijven: „O de diepte van Gods . . . wijsheid!” (Romeinen 11:33) Wanneer we verschillende aspecten van deze goddelijke eigenschap bestuderen, dient nederigheid ons ertoe te bewegen een uiterst belangrijke waarheid in gedachte te houden — dat we hoogstens een oppervlakkig beeld kunnen krijgen van Jehovah’s omvangrijke wijsheid (Job 26:14). Laten we eerst een definitie geven van deze ontzag inboezemende eigenschap.

Wat is goddelijke wijsheid?

5, 6. Welk verband bestaat er tussen kennis en wijsheid, en hoe omvangrijk is Jehovah’s kennis?

5 Wijsheid is niet hetzelfde als kennis. Computers kunnen enorme hoeveelheden kennis opslaan, maar het is moeilijk voor te stellen dat iemand zulke apparaten wijs zou noemen. Toch houden kennis en wijsheid wel verband met elkaar (Spreuken 10:14). Als je bijvoorbeeld wijze raad nodig hebt over het behandelen van een ernstig gezondheidsprobleem, zou je dan iemand raadplegen die weinig of geen kennis van geneeskunde heeft? Natuurlijk niet! Nauwkeurige kennis is dus van essentieel belang voor ware wijsheid.

6 Jehovah heeft een grenzeloze hoeveelheid kennis. Als de „Koning der eeuwigheid” is alleen hij er altijd geweest (Openbaring 15:3). En in die onmetelijk lange tijd was hij zich overal van bewust. De bijbel zegt: „Geen schepping is voor zijn ogen niet openbaar, maar alle dingen liggen naakt en openlijk  tentoongesteld voor de ogen van hem aan wie wij rekenschap hebben af te leggen” (Hebreeën 4:13; Spreuken 15:3). Als de Schepper heeft Jehovah een volledig begrip van wat hij heeft gemaakt, en hij heeft alle menselijke activiteit vanaf het begin waargenomen. Hij onderzoekt elk menselijk hart, en niets ontgaat hem daarbij (1 Kronieken 28:9). Aangezien hij ons met een vrije wil heeft geschapen, verheugt hij zich wanneer hij ziet dat we verstandige keuzes in het leven maken. Als de „Hoorder van het gebed” luistert hij naar talloze gebeden tegelijk! (Psalm 65:2) En het spreekt vanzelf dat Jehovah een volmaakt geheugen heeft.

7, 8. Hoe spreidt Jehovah begrip, onderscheidingsvermogen en wijsheid tentoon?

7 Jehovah bezit meer dan kennis. Hij ziet ook hoe feiten met elkaar in verband staan en hij onderscheidt het totaalbeeld van iets wat uit talloze details bestaat. Hij evalueert en beoordeelt en maakt daarbij onderscheid tussen goed en kwaad, belangrijk en onbelangrijk. Bovendien blijft hij niet aan de oppervlakte maar kijkt recht in het hart (1 Samuël 16:7). Jehovah heeft dus begrip en onderscheidingsvermogen, eigenschappen die superieur zijn aan kennis. Maar wijsheid is van een nog hogere orde.

8 Wijsheid brengt kennis, onderscheidingsvermogen en begrip samen en past ze toe. Enkele van de oorspronkelijke bijbelse woorden die met „wijsheid” zijn vertaald, betekenen letterlijk „doeltreffend werken” of „praktische wijsheid”. Jehovah’s wijsheid is dus niet louter theoretisch. Ze is praktisch, en ze brengt iets tot stand. Met zijn veelomvattende kennis en zijn diepgaande begrip neemt Jehovah altijd de best mogelijke beslissingen, en hij brengt ze door middel van de best denkbare handelwijze ten uitvoer. Dat is ware wijsheid! Jehovah bewijst de waarheid van Jezus’ uitspraak: „De wijsheid [wordt] gerechtvaardigd door haar werken” (Mattheüs 11:19). Jehovah’s werken in het hele universum geven een krachtig getuigenis van zijn wijsheid.

 Bewijzen van Gods wijsheid

9, 10. (a) Van wat voor wijsheid geeft Jehovah blijk, en hoe heeft hij die tentoongespreid? (b) Hoe is de cel een bewijs van Jehovah’s wijsheid?

9 Heb je je ooit verbaasd over de vindingrijkheid van een vakman die schitterende dingen maakt die goed functioneren? Dat is een indrukwekkende vorm van wijsheid (Exodus 31:1-3). Jehovah zelf is de bron en de grootste bezitter van die wijsheid. Koning David zei over Jehovah: „Ik zal u prijzen omdat ik op een vrees inboezemende wijze wonderbaar ben gemaakt. Uw werken zijn wonderbaar, zoals mijn ziel zeer wel weet” (Psalm 139:14). Inderdaad, hoe meer we over het menselijk lichaam leren, hoe meer ontzag we voor Jehovah’s wijsheid krijgen.

10 Ter illustratie: Je bent begonnen als één enkele cel — een eicel van je moeder, bevrucht door een zaadcel van je vader. Al gauw begon die cel zich te delen. Jij, het eindproduct, bestaat uit zo’n 100 biljoen cellen. Ze zijn uiterst klein. Er zouden ongeveer 10.000 cellen van gemiddelde grootte op een speldenknop passen. Toch is elke cel een schepping van een verbijsterende complexiteit. De cel is veel ingewikkelder dan welke door mensen gemaakte machine of fabriek maar ook. Geleerden zeggen dat een cel net een ommuurde stad is — een stad met bewaakte in- en uitgangen, een vervoerssysteem, een communicatienetwerk, krachtcentrales, fabrieken, voorzieningen voor afvalverwerking en recycling, verdedigingswerken en zelfs een soort centraal bestuur in haar kern. Bovendien kan de cel binnen slechts een paar uur een kant-en-klare kopie van zichzelf maken!

11, 12. (a) Hoe komt het dat de cellen in een zich ontwikkelend embryo zich differentiëren, en hoe stemt dit overeen met Psalm 139:16? (b) Op welke manieren bewijst het menselijk brein dat we „wonderbaar [zijn] gemaakt”?

11 Natuurlijk zijn niet alle cellen hetzelfde. Terwijl de cellen van een embryo zich steeds weer delen, gaan ze heel verschillende functies vervullen. Sommige worden zenuwcellen,  andere worden bot-, spier-, bloed- of oogcellen. Dit hele differentiatieproces is geprogrammeerd in de „bibliotheek” met genetische blauwdrukken die zich in de cel bevindt, het DNA. Interessant is dat David onder inspiratie tot Jehovah zei: „Uw ogen zagen zelfs het embryo van mij, en in uw boek waren alle delen ervan beschreven.” — Psalm 139:16.

12 Sommige lichaamsdelen zijn oneindig complex. Neem bijvoorbeeld het menselijk brein. Het is door sommigen het meest complexe object genoemd dat tot nu toe in het universum is ontdekt. Het bevat zo’n 100 miljard zenuwcellen — ongeveer evenveel als het aantal sterren in ons sterrenstelsel. Elk van die cellen vertakt zich in duizenden verbindingen met andere cellen. Geleerden zeggen dat een menselijk brein alle informatie in alle bibliotheken ter wereld zou kunnen bevatten en dat de opslagcapaciteit ervan in feite misschien wel oneindig is. Hoewel geleerden dit ’wonderbaar gemaakte’ orgaan al tientallen jaren bestuderen, geven ze toe dat ze wellicht nooit helemaal zullen begrijpen hoe het werkt.

13, 14. (a) Hoe tonen mieren en andere dieren dat ze „instinctief wijs” zijn, en wat leert dat ons over hun Schepper? (b) Waarom zouden we kunnen zeggen dat scheppingen zoals het spinnenweb „in wijsheid” gemaakt zijn?

13 Mensen zijn echter maar één voorbeeld van Jehovah’s scheppingswijsheid. Psalm 104:24 zegt: „Hoe talrijk zijn uw werken, o Jehovah! Gij hebt ze alle in wijsheid gemaakt. De aarde is vol van uw voortbrengselen.” Jehovah’s wijsheid is duidelijk zichtbaar in elke schepping rondom ons. De mier bijvoorbeeld is „instinctief wijs” (Spreuken 30:24). Mierenkolonies zijn inderdaad uitstekend georganiseerd. Sommige mierenkolonies houden bladluizen als „vee”; ze geven ze onderdak en gebruiken ze als voedselbron. Andere mieren gedragen zich als landbouwers door schimmels als „gewas” te kweken. Veel andere dieren zijn geprogrammeerd om instinctief opmerkelijke dingen te doen. Een huisvlieg voert luchtacrobatische kunststukjes uit die het meest geavanceerde door mensen gemaakte vliegtuig hem niet kan nadoen. Trekvogels  navigeren met behulp van de sterren, door zich op het aardmagnetische veld te oriënteren, of met behulp van een soort inwendige kaart. Biologen zijn jarenlang bezig met het bestuderen van de complexe gedragingen die in deze dieren zijn geprogrammeerd. Hoe wijs moet dan de goddelijke Programmeur wel niet zijn!

14 Wetenschappers hebben veel van Jehovah’s scheppingswijsheid geleerd. Er is zelfs een technisch vakgebied, biomimetiek genoemd, dat ontwerpen uit de natuur tracht na te bootsen. Misschien heb je bijvoorbeeld vol bewondering naar de schoonheid van een spinnenweb gekeken. Maar een technicus ziet het als een wonder van ontwerp. Sommige zwak uitziende draden zijn naar verhouding sterker dan staal, taaier dan de vezels in een kogelvrij vest. Hoe sterk precies? Stel je een spinnenweb voor dat op schaal is vergroot tot de afmeting van een net dat op een vissersboot wordt gebruikt. Zo’n web zou een passagiersvliegtuig in volle vlucht kunnen vangen! Ja, Jehovah heeft al die dingen „in wijsheid” gemaakt.

Wie heeft de dieren zo geprogrammeerd dat ze „instinctief wijs” zijn?

Wijsheid buiten de aarde

15, 16. (a) Welk bewijs verschaft de sterrenhemel van Jehovah’s wijsheid? (b) Hoe getuigt Jehovah’s positie als Opperbevelhebber over enorme aantallen engelen van de wijsheid van deze Bestuurder?

15 Jehovah’s wijsheid is duidelijk waarneembaar in zijn werken in heel het universum. De sterrenhemel, die we in hoofdstuk 5 vrij uitvoerig hebben besproken, ligt niet zomaar verspreid in de ruimte. Dankzij de wijsheid van Jehovah’s „wetten des hemels” is hij schitterend georganiseerd in gestructureerde sterrenstelsels die op hun beurt tot clusters zijn gegroepeerd die samen weer superclusters vormen (Job 38:33, LV). Geen wonder dat Jehovah over de hemellichamen spreekt als een „heerleger”! (Jesaja 40:26) Er is echter een leger dat Jehovah’s wijsheid nog duidelijker demonstreert.

 16 Zoals we in hoofdstuk 4 opmerkten, draagt God de titel „Jehovah der legerscharen” vanwege zijn positie als Opperbevelhebber van een reusachtig leger van honderden miljoenen geestelijke schepselen. Dit is een bewijs van Jehovah’s macht. Maar hoe is zijn wijsheid erbij betrokken? Bedenk dat Jehovah en Jezus nooit stilzitten (Johannes 5:17). Het spreekt dus vanzelf dat ook de engelen als dienaren van de Allerhoogste altijd druk bezig zijn. En vergeet niet dat ze hoger zijn dan de mens, superintelligent en supermachtig (Hebreeën 1:7; 2:7). Toch houdt Jehovah al die engelen al miljarden jaren bezig met voldoening schenkend werk dat hen gelukkig maakt — het ’volbrengen van zijn woord’ en het ’doen van zijn wil’ (Psalm 103:20, 21). Wat een ontzagwekkende wijsheid bezit deze Bestuurder!

Jehovah is ’alleen wijs’

17, 18. Waarom zegt de bijbel dat Jehovah ’alleen wijs’ is, en waarom dient zijn wijsheid ons met ontzag te vervullen?

17 Is het, gezien deze bewijzen, verwonderlijk dat de bijbel laat zien dat Jehovah’s wijsheid allesovertreffend is? De bijbel zegt bijvoorbeeld dat Jehovah ’alleen wijs’ is (Romeinen 16:27). Alleen Jehovah bezit wijsheid in absolute zin. Hij is de bron van alle ware wijsheid (Spreuken 2:6). Daarom vertrouwde Jezus, hoewel hij de wijste van Jehovah’s schepselen is, niet op zijn eigen wijsheid maar sprak hij zoals zijn Vader hem had geboden. — Johannes 12:48-50.

18 Merk eens op hoe de apostel Paulus tot uitdrukking bracht dat Jehovah’s wijsheid uniek is: „O de diepte van Gods rijkdom en wijsheid en kennis! Hoe ondoorgrondelijk zijn zijn oordelen en hoe onnaspeurlijk zijn wegen!” (Romeinen 11:33) Door het vers te beginnen met de uitroep „O” gaf Paulus van krachtige gevoelens blijk — in dit geval van diep ontzag. Het Griekse woord dat hij voor „diepte” koos is nauw verwant met het woord voor „afgrond”. Zijn woorden roepen dus een levendig beeld op. Wanneer we over Jehovah’s wijsheid nadenken, is het alsof we in een oneindige, bodemloze afgrond kijken, een rijk dat zo diep, zo immens groot is dat we  de omvang ervan zelfs nooit zouden kunnen begrijpen, laat staan dat we er een beschrijving van kunnen geven of het gedetailleerd in kaart kunnen brengen (Psalm 92:5). Is dat geen nederig stemmende gedachte?

19, 20. (a) Waarom is de arend een passend symbool van goddelijke wijsheid? (b) Hoe heeft Jehovah bewezen dat hij in de toekomst kan kijken?

19 Jehovah is in nog een opzicht ’alleen wijs’: alleen hij is in staat in de toekomst te kijken. Bedenk dat Jehovah de scherpziende arend als symbool van goddelijke wijsheid gebruikt. Een steenarend weegt misschien nog geen vijf kilo, maar zijn ogen zijn groter dan die van een volwassen man. Het gezichtsvermogen van de arend is verbazingwekkend scherp; de vogel kan vanaf een hoogte van honderden meters, misschien wel van kilometers, een uiterst kleine prooi ontdekken! Jehovah zelf zei eens over de arend: „Heel in de verte blijven zijn ogen kijken” (Job 39:29). In soortgelijke zin kan Jehovah „heel in de verte” kijken wat tijd betreft — hij kan in de toekomst kijken!

20 De bijbel staat vol bewijzen dat dit waar is. Hij bevat honderden profetieën, of vooraf opgetekende geschiedenis. De afloop van oorlogen, de opkomst en ondergang van wereldmachten en zelfs de specifieke gevechtsstrategie van militaire  bevelhebbers werden alle in de bijbel voorzegd — in sommige gevallen honderden jaren van tevoren. — Jesaja 44:25–45:4; Daniël 8:2-8, 20-22.

21, 22. (a) Waarom is er geen reden te concluderen dat Jehovah alle keuzes die je in het leven zult maken, heeft voorzien? Illustreer dit. (b) Hoe weten we dat Jehovah’s wijsheid niet koud of gevoelloos is?

21 Betekent dit echter dat God al heeft voorzien welke keuzes je in het leven zult maken? Sommigen die de predestinatieleer prediken, beweren stellig dat het antwoord ja is. Maar die gedachte ondermijnt Jehovah’s wijsheid in feite, want ze impliceert dat hij geen controle heeft over zijn vermogen in de toekomst te kijken. Ter illustratie: Als je een ongekend mooie zangstem had, zou je dan geen andere keus hebben dan altijd maar te zingen? Die gedachte is absurd! Evenzo bezit Jehovah het vermogen de toekomst te weten, maar hij maakt daar niet voortdurend gebruik van. Dat zou inbreuk kunnen maken op onze vrije wil, een kostbare gave die Jehovah ons nooit zal afnemen. — Deuteronomium 30:19, 20.

22 Erger nog, alleen al de gedachte aan predestinatie suggereert dat Jehovah’s wijsheid koud, harteloos, gevoelloos of onbarmhartig is. Maar niets is minder waar! De bijbel leert dat Jehovah „wijs van hart” is (Job 9:4). Niet dat hij een letterlijk hart heeft, maar de bijbel gebruikt die term vaak in verband met de innerlijke persoon, die beweegredenen en gevoelens, zoals liefde, omvat. Jehovah’s wijsheid wordt dus net als zijn andere eigenschappen door liefde beheerst. — 1 Johannes 4:8.

23. Waartoe dient de superioriteit van Jehovah’s wijsheid ons te bewegen?

23 Het spreekt vanzelf dat Jehovah’s wijsheid volkomen betrouwbaar is. Ze is zo ver boven onze wijsheid verheven dat Gods Woord ons liefdevol de dringende raad geeft: „Vertrouw op Jehovah met heel uw hart en steun niet op uw eigen verstand. Sla in al uw wegen acht op hem, en híj zal uw paden recht maken” (Spreuken 3:5, 6). Laten we ons nu eens verder in Jehovah’s wijsheid verdiepen, zodat we dichter tot onze alwijze God kunnen naderen.