Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 2017

Colombia

 TERUGBLIK OP HET AFGELOPEN JAAR

Voorrang aan de wereldwijde prediking

Voorrang aan de wereldwijde prediking

OP woensdag 23 september 2015 deed het Besturende Lichaam een mededeling aan de wereldwijde Bethelfamilie over een aantal organisatorische veranderingen die zouden worden doorgevoerd om een zo goed mogelijk gebruik te maken van de beschikbare middelen. Later, op zaterdag 3 oktober 2015, werd in een mededeling van het Besturende Lichaam uitgelegd: ‘In Filippenzen 1:10 wordt ons opgedragen ons “van de belangrijker dingen te vergewissen”. In overeenstemming met deze wijze raad willen wij [het Besturende Lichaam] prioriteit geven aan de activiteiten die het meest bijdragen aan het geestelijk  welzijn van Gods volk en de bevordering van de wereldwijde prediking.’

Stephen Lett van het Besturende Lichaam legde op JW Broadcasting verder uit: ‘Omdat het Besturende Lichaam het belangrijk vindt om de Koninkrijksbelangen in het veld te bevorderen, hebben we opnieuw gekeken naar manieren om de uitgaven op alle bijkantoren te beperken zodat er meer geld is voor de prediking. Zo worden bijvoorbeeld veel lang bestaande regelingen en diensten op Bethel beperkt of gestopt. Als gevolg daarvan zullen er minder Bethelieten nodig zijn.’

Daarom zijn er sinds september 2015 zo’n 5500 leden van de Bethelfamilie teruggegaan naar het veld. Hoewel er voor deze veranderingen grote aanpassingen nodig waren, is Jehovah’s zegen duidelijk zichtbaar geweest en hebben de veranderingen een stimulans aan de prediking gegeven.

Een echtpaar in Sri Lanka dat vanuit Bethel een toewijzing kreeg in het veld bezag dit als een kans om hun geloof in Jehovah en hun vertrouwen in zijn organisatie te laten zien. Ze schreven: ‘We wisten niet helemaal wat ons te wachten stond. Maar we wisten zeker dat Jehovah ons niet in de steek zou laten. Dus we baden: “Jehovah, help ons alstublieft om, in welke situatie we ook terechtkomen, de nodige veranderingen aan te brengen zodat we allebei kunnen pionieren.” De eerste maand hadden we materieel gezien heel weinig. Maar we voelden Jehovah’s liefde en zorg, en nu hebben we een vast inkomen om onze onkosten te dekken. We hebben een druk schema: het huishouden, werelds werk en de pioniersdienst. Maar door de opleiding die we op Bethel hebben gekregen,  kunnen we onze tijd goed indelen. Er is niets dat meer voldoening geeft dan mensen helpen de waarheid te leren kennen, en we zijn heel blij dat we dat kunnen doen als pioniers.’

Sommigen van de Bethelieten die in Colombia een nieuwe toewijzing hebben gekregen, hebben een nieuwe taal geleerd en zijn naar afgelegen gebieden verhuisd om daar de Koninkrijksboodschap aan geïsoleerde bevolkingsgroepen bekend te maken. Ook deze broeders en zusters zijn een zegen gebleken voor hun nieuwe gemeente. Een kringopziener schreef over een echtpaar dat is toegewezen aan een gemeente in zijn kring: ‘De broeders en zusters in de gemeente hebben echt waardering voor hun hulp. De gemeente heeft een groter aandeel aan de velddienst en plaatselijke broeders worden opgeleid voor diverse verantwoordelijkheden in de gemeente.’ Veel voormalige Bethelieten hebben zich ook beschikbaar gesteld om een of meerdere dagen per week als parttimecommuter te dienen.

Een broeder die 31 jaar op Bethel in Japan had gewerkt, werd aan een gemeente toegewezen waar maar twee ouderlingen waren. Omdat de Koninkrijkszaal gerenoveerd zou worden, had hij twee weken vrij gehouden van zijn werelds werk. Maar vlak voor de renovatie zou beginnen, werd het gebied waar de gemeente zich bevond, Kumamoto, getroffen door een aardbeving met een kracht van 7,0 op de schaal van Richter. Omdat hij geen werelds werk had ingepland, kon hij de leiding nemen bij de hulpverlening en het herderlijk werk. ‘Als ik eraan terugdenk,’ zegt hij, ‘kan ik zeggen dat Jehovah me naar een van de plaatsen heeft gestuurd waar de meeste hulp nodig was.’

 Phil en Sugar, die op het bijkantoor van Australazië hadden gewerkt, leggen uit: ‘Toen we een nieuwe toewijzing kregen, waren we vastbesloten om ons leven eenvoudig te houden. We vroegen Jehovah in gebed om leiding zodat we goede beslissingen zouden nemen, en om zijn zegen. Het was onze grootste wens om ons beschikbaar te stellen voor de prediking in het buitenland. Jehovah heeft onze beslissingen echt gezegend en hindernissen op ons pad uit de weg geruimd, zodat we hem onverdeeld kunnen dienen!’ Nu dienen ze in een Engelse groep op Samal (Filippijnen), waar 34 verkondigers en 9 pioniers zijn. Ze hebben inmiddels 120 adressen van geïnteresseerden die ze kunnen bezoeken. ‘Er is nog zo veel mooi werk te doen. We zijn blij dat we volledig op Jehovah hebben vertrouwd. Onze liefde voor Jehovah en ons geloof in hem zijn echt enorm toegenomen!’

Een ongetrouwde zuster in Rusland, die een nieuwe toewijzing kreeg als speciale pionier, vertelt: ‘De pioniersdienst geeft me de gelegenheid om een groter aandeel te hebben aan de prediking van Gods Koninkrijk — het belangrijkste werk, dat nooit herhaald zal worden. Het maakt me gelukkig te weten dat ik een instrument in Jehovah’s handen ben.’ Op dit moment leidt ze zes Bijbelstudies met mensen uit Irak, Nigeria, Sri Lanka, Syrië en Zambia.

Zambia: Voormalige leden van de Bethelfamilie worden verwelkomd door hun nieuwe gemeente

Veel leden van de Bethelfamilie in Zambia zijn toegewezen aan de gewone pioniersdienst. Ze vinden het geweldig om meer te kunnen doen in de velddienst. ‘Kort nadat we van Bethel af waren gegaan, hebben we twee mensen geholpen te leren lezen en schrijven’, zegt Andrew, die samen met zijn vrouw pioniert. ‘Een van onze  studenten, een jongen van tien, heeft binnenkort zijn eerste toewijzing op de doordeweekse vergadering. Een echtpaar aan wie we getuigenis hebben gegeven, bezocht het Avondmaal en heeft sindsdien geen vergadering overgeslagen. Ze maken goede vorderingen met hun studie van de Bijbel. We denken dat dit allemaal onmogelijk was geweest als we Jehovah’s leiding niet hadden gevolgd, zijn steun niet hadden herkend en niet op zijn zegen hadden gewacht.’

Edson en Artness, die ook in Zambia wonen, waren pas een paar maanden getrouwd toen ze een nieuwe toewijzing kregen in het veld. Artness vertelt: ‘Onze opleiding op Bethel heeft ons geholpen om zuinig te zijn met onze beperkte middelen en om gelukkig te blijven en geen schulden te maken. We hebben er geen spijt van dat we naar de Betheldienst hebben gestreefd. We hebben geleerd ons geestelijke doelen te stellen en ze met Jehovah’s hulp te bereiken. Ons geloof in Jehovah is sterker geworden en we willen Jehovah loyaal blijven dienen.’