Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 2016

 INDONESIË

Eindelijk samen!

Verteld door Linda en Sally Ong

Eindelijk samen!

Linda: Toen ik 12 was, vertelde mijn moeder me dat ik nog een zusje had, dat voor adoptie was afgestaan. Ik vroeg me af of ze ook doofgeboren was, net als ik. Maar ik groeide op zonder te weten wie ze was.

Sally: Ik heb als kind nooit geweten dat ik geadopteerd was. Mijn ‘moeder’ sloeg me en behandelde me als haar bediende. Ik was altijd verdrietig en alleen, wat het leven van iemand die doofgeboren is nog moeilijker maakt. Op een dag ontmoette ik Jehovah’s Getuigen en ik begon de Bijbel te bestuderen. Toen mijn ‘moeder’ erachter kwam, sloeg ze me met een riem en veranderde ze de sloten op de deur. Ik was een gevangene in mijn eigen huis. Toen ik 20 was, liep ik van huis weg en werd ik opgevangen door de Getuigen. Begin 2012 werd ik gedoopt.

 Linda: Toen ik 20 was, begon ik met Jehovah’s Getuigen te studeren. Later ging ik de congressen in Jakarta bezoeken, waar het programma in gebarentaal werd vertaald. Daar ontmoette ik andere doven, onder wie Sally, een Getuige die in Noord-Sumatra woonde. Het was alsof ik haar al kende, maar ik wist niet goed waarom.

Sally: Linda en ik werden goede vriendinnen. Ik vond dat we op elkaar leken, maar ik dacht er verder niet over na.

Linda: De dag voordat ik gedoopt werd, in augustus 2012, voelde ik het diepe verlangen om mijn zusje te vinden. Ik smeekte Jehovah: ‘Laat me alstublieft mijn zusje vinden. Ik wil haar over u vertellen.’ Kort daarna kreeg mijn moeder onverwachts een berichtje van iemand die meer wist over mijn zusje. Dit bracht een reeks gebeurtenissen op gang, wat er uiteindelijk toe leidde dat ik contact opnam met Sally.

Sally: Toen Linda me vertelde dat we zussen waren, vloog ik meteen naar Jakarta om haar te zien. Toen ik voorbij de beveiliging van de luchthaven was, zag ik Linda staan. Ook mijn vader, mijn moeder en mijn andere zus stonden klaar om me te begroeten. Mijn hele lichaam beefde van emotie. We vlogen elkaar om de hals en kusten elkaar. Mijn moeder hield me heel lang vast. Iedereen huilde. Toen mijn vader en moeder me met tranen in hun ogen zeiden hoeveel spijt ze hadden dat ze me voor adoptie hadden afgestaan, sloten we elkaar in de armen en huilden.

Linda: Omdat we allebei zo anders zijn opgevoed, moesten we leren ons aan te passen aan elkaars persoonlijkheid en gewoonten. Maar we houden heel veel van elkaar.

Sally: Linda en ik wonen nu samen en we gaan naar dezelfde gebarentaalgemeente in Jakarta.

Linda: Sally en ik zijn meer dan 20 jaar van elkaar gescheiden geweest. We zijn Jehovah dankbaar dat we nu eindelijk samen zijn!