Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 2015

Honderd jaar geleden — 1915

Honderd jaar geleden — 1915

 IN The Watch Tower van 1 maart 1915 stond: ‘Het is thans een tijd van beproeving. Zijn wij in het verleden alleen maar actief geweest omdat wij onze hoop hadden gesteld op onze verandering tot heerlijkheid in A.D. 1914, of zijn wij actief geweest uit liefde voor en loyaliteit aan de HEER, zijn boodschap en de broeders?’ Gedurende 1915 moesten sommige Bijbelonderzoekers vechten tegen gevoelens van teleurstelling. Een groot deel van de wereld was echter in een heel ander gevecht verwikkeld.

De Grote Oorlog, later de Eerste Wereldoorlog genoemd, hield Europa in zijn greep. Met de komst van de mechanisatie veranderde de manier van oorlogvoering en werd de burgerbevolking op ongekende schaal getroffen. In 1915 bijvoorbeeld begonnen Duitse duikboten geregeld in de wateren rond Groot-Brittannië te varen. Op 7 mei 1915 bracht zo’n Duitse onderzeeër het Britse passagiersschip Lusitania tot zinken. Meer dan 1100 mensen kwamen om het leven.

De neutraliteitskwestie

De Bijbelonderzoekers wilden zich niet inlaten met deze oorlog, maar ze begrepen toen nog niet helemaal wat het christelijke standpunt van strikte neutraliteit inhield. Hoewel ze niet vrijwillig bij het leger gingen, vervulden sommigen wel hun dienstplicht en probeerden ze non-combattante functies te verkrijgen. Als ze de loopgraven in moesten, vonden anderen dat ze gewoon ‘over het hoofd van de vijand konden schieten’.

In The Watch Tower van 15 juli 1915 stond het verhaal van een Hongaarse soldaat die gedoopt werd terwijl hij herstellende was van zijn verwondingen en daarna terugkeerde naar het front. Het verslag vertelt wat er vervolgens gebeurde: ‘Toen ze [de Hongaarse soldaten] op minder dan 250 meter van de Russische linie waren gekomen, kregen ze het commando: “Bajonetaanval!” De Hongaarse broeder  bevond zich aan het einde van de linkerflank. Omdat hij zich alleen maar wilde verdedigen tegen de vijand, probeerde hij slechts de bajonet uit de hand te slaan van de Rus die tegenover hem stond. Op dat moment zag hij dat de Rus hetzelfde probeerde te doen (...) De Rus liet zijn bajonet op de grond vallen; hij huilde. Onze broeder bekeek toen zijn “vijand” van dichterbij en zag een “kruis en kroon”-speldje op zijn jas! De Rus was ook een broeder in de Heer!’ *

In het artikel ‘Christenplicht en de Oorlog’, dat in The Watch Tower van 1 september 1915 verscheen, werd de neutraliteitskwestie behandeld. Er stond dat ‘door lid van het leger te worden en het militaire uniform aan te trekken men laat blijken dat men de taken en verplichtingen van een soldaat erkent en aanvaardt. (...) Zou dat niet heel ongepast zijn voor een christen?’ Na verloop van tijd werd duidelijk dat je als christen helemaal geen deel kon hebben aan oorlog.

Veranderingen op het internationale hoofdkantoor

Vanwege geldgebrek werden in 1915 zeventig leden van de Bethelfamilie in New York gevraagd om Bethel te verlaten en hun dienst in het veld voort te zetten. Er werd hun het volgende verteld: ‘We moeten voorkomen dat we in de schulden raken en het werk in het algemeen in gevaar brengen; vandaar de beslissing om de uitgaven over de hele linie terug te brengen.’

Clayton Woodworth schreef samen met twee andere broeders een brief in naam van ‘de zeventig Bethelverlaters’. Deze brief werd in The Watch Tower van 1 mei 1915 gepubliceerd. Degenen die Bethel verlieten, zeiden dat ze dat deden ‘met een gevoel van vreugde en dankbaarheid voor de  vele zegeningen en voorrechten’ die ze hadden genoten ‘als leden van de “Bethelfamilie”’.

Hoewel die verandering van toewijzing niet makkelijk was, konden de broeders en zusters laten zien dat ze echt loyaal waren. Zouden ze God trouw blijven of verbitterd raken? Broeder Woodworth ging door met de prediking en keerde later naar Bethel terug. In 1919 werd hij de eerste redacteur van het tijdschrift Het Gouden Tijdperk, nu Ontwaakt! Hij bleef dat tot 1946.

Aansporing tot ijverige dienst

Gedurende dat moeilijke jaar spoorde The Watch Tower onze broeders en zusters aan te blijven prediken. Er werd speciaal aandacht geschonken aan personen die in het verleden belangstelling hadden getoond. In de uitgave van 15 december 1915 stond: ‘Wij hebben lijsten met namen van personen door het hele land die lectuur hebben aangevraagd. Wij stellen voor die mensen te bezoeken om na te gaan of zij nog steeds belangstelling hebben.’ Het was de bedoeling hun interesse aan te wakkeren als een vlam, ‘tot ijver voor God en de waarheid’.

Het was toen net als nu belangrijk voor christenen gefocust te blijven op het Koninkrijk. ‘Wij die nu wakker zijn, moeten heel actief en vurig zijn in onze dienst voor God’, zei The Watch Tower van 15 februari 1915. Gods aanbidders moesten alert blijven. The Watch Tower vertelde verder: ‘Wij moeten waakzaam zijn. Waarover moeten wij waken? Wij moeten vooral over onszelf waken teneinde niet in de valstrikken van deze tijd terecht te komen.’

De jaartekst voor 1916 deed een dringende oproep aan de broeders en zusters om ‘krachtig door [hun] geloof’ te blijven, zoals Romeinen 4:20 zegt. Deze tekst zou de getrouwe broeders en zusters in dat jaar aanmoedigen, een jaar met nieuwe beproevingen.

^ ¶4 Jarenlang droegen de Bijbelonderzoekers een kruis-en-kroonspeldje als identificatie. Dit symbool stond lange tijd op de voorpagina van The Watch Tower. Begin jaren dertig gebruikten Jehovah’s Getuigen het kruis-en-kroonembleem niet meer.