Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 2015

 DOMINICAANSE REPUBLIEK

Het Haïtiaans-creoolse veld

Het Haïtiaans-creoolse veld

De start van het Haïtiaans-creoolse veld

Het Spaanse veld is erg productief geweest. Maar ook anderstaligen die in de loop van de tijd in het land zijn komen wonen, reageren positief op onze boodschap van hoop. In het buurland Haïti is Haïtiaans-creools de voornaamste taal. Hoewel de relatie tussen de Dominicaanse Republiek en Haïti soms moeizaam is verlopen, maken de duizenden Haïtianen een groot deel uit van de beroepsbevolking van de Dominicaanse Republiek en is hun aantal de laatste tijd enorm gestegen.

Jarenlang werden geïnteresseerden die Haïtiaans-creools spraken naar Spaanse gemeenten verwezen voor geestelijke hulp. Maar om deze personen op geestelijk gebied beter te kunnen helpen, gaf het Besturende Lichaam in 1993 opdracht aan het bijkantoor van Guadeloupe om speciale pioniers uit hun gebied te vragen in het Haïtiaans-creoolse veld in de Dominicaanse Republiek te gaan dienen. Barnabé en Germaine Biabiany boden zich, net als twee andere echtparen, vrijwillig aan om te verhuizen. Barnabé zegt: ‘In het begin hadden we maar twee brochures in het Haïtiaans-creools. Alle andere lectuur was in het Frans. We moesten dus alles vanuit het Frans in het Haïtiaans-creools vertalen.’

In januari 1996 waren negen verkondigers in Higüey en tien in Santo Domingo bereid een Haïtiaans-creoolse  groep te ondersteunen. In beide steden werd dus een groep opgericht die na verloop van tijd een gemeente werd. Deze gemeenten werden echter opgeheven omdat het erop leek dat veel Haïtianen Spaans wilden leren en dus liever een Spaanse gemeente bezochten. Barnabé vertelt: ‘We kwamen met de broeders van de Dienstafdeling samen en het leek raadzaam het werk in het Haïtiaans-creoolse veld voorlopig te stoppen.’

Haïtiaans-creoolse veld nieuw leven ingeblazen

In 2003 werd het zendelingenechtpaar Dong en Gladys Bark door het Besturende Lichaam aan het Haïtiaans-creoolse veld in de Dominicaanse Republiek toegewezen. Ze bewerkten twee jaar het gebied in Higüey en begonnen goede resultaten te zien. Op 1 juni 2005 werd een Haïtiaans-creoolse gemeente opgericht. Dong Bark, Barnabé Biabiany en Steven Rogers, ook een zendeling, reisden onvermoeibaar het hele land door om het Haïtiaans-creoolse veld te bewerken.

Het werk ging goed vooruit en er werden meer gemeenten opgericht. Op 1 september 2006 werd de eerste Haïtiaans-creoolse kring gevormd. Die bestond uit zeven gemeenten en twee groepen, en Barnabé Biabiany diende als kringopziener.

In de jaren daarna werden nog meer zendelingen aan de Dominicaanse Republiek toegewezen om in het Haïtiaans-creoolse veld te werken. Er kwamen ook veel andere vrijwilligers uit onder meer Canada, Europa en de Verenigde Staten om hulp te bieden. Een aantal ervaren broeders werd gevraagd om een cursus Haïtiaans-creools samen te stellen voor zowel buitenlandse als plaatselijke broeders en zusters.

Velen gaan ervan uit dat niet-Haïtianen die Haïtiaans-creools spreken, Getuigen van Jehovah zijn

 Het feit dat zo veel Dominicanen moeite doen om Haïtiaans-creools te leren, heeft een positief effect op de Haïtianen. Als een Dominicaanse verkondiger de Bijbelse waarheden in het Haïtiaans-creools uitlegt, neemt dat de spanning weg en ontstaat er een goede sfeer om de Koninkrijksboodschap te delen. Er hebben nu zo veel broeders en zusters de taal geleerd dat velen ervan uitgaan dat niet-Haïtianen die Haïtiaans-creools spreken, Getuigen van Jehovah zijn.

De ervaring van een Dominicaanse pionierster laat zien hoe groot het effect kan zijn als we belangstelling tonen voor mensen van een andere cultuur. Deze zuster, die een taalcursus in het Haïtiaans-creools had gevolgd, trof in de velddienst een Haïtiaans echtpaar dat interesse had. Ze bezocht hen opnieuw met de bedoeling een Bijbelstudie te beginnen. Ze vertelt: ‘Toen ik aankwam, begroette ik de vrouw met een kus op haar wang, zoals gebruikelijk is onder vrouwen in de Dominicaanse Republiek. De vrouw begon te huilen, dus vroeg ik haar wat er was. Ze zei: “Ik woon al jaren in dit land maar dit is de eerste keer dat iemand me met een kus begroet.”’

Jehovah’s zegen op het harde werk in dit veld heeft tot een enorme groei geleid. Tegen 1 september 2009 waren er 23 Haïtiaans-creoolse gemeenten en 20 groepen, en dus werd er een tweede kring gevormd. Uit het aantal aanwezigen op het Avondmaal in 2011 bleek dat er nog veel groei mogelijk was. De 11 verkondigers in Rio Limpio bijvoorbeeld waren heel blij 594 aanwezigen op de herdenking te mogen verwelkomen. En hoewel in Las  Yayas de Viajama geen verkondigers zijn, waren er toch 170 personen aanwezig op het Avondmaal dat daar georganiseerd was. Tegen september 2011 waren er 33 gemeenten en 21 groepen in het Haïtiaans-creoolse veld. In 2012 werd dus nog een kring gevormd.

Het bijkantoor van de Dominicaanse Republiek en dat van Haïti hebben samengewerkt om broeders en zusters van beide landen op te leiden. Er werden in het Haïtiaans-creools vijf klassen van de Bijbelschool voor Ongehuwde Broeders gehouden en ook vier klassen van de Bijbelschool voor Echtparen.

Haïtiaans-creoolse les