Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 2014

 SIERRA LEONE EN GUINEE

Jehovah heeft me opgetild

Jay Campbell

Jehovah heeft me opgetild
  • GEBOREN 1966

  • GEDOOPT 1986

  • BIJZONDERHEDEN Een polioslachtoffer dat gewone pionier werd.

ALS kind raakte ik vanaf mijn middel verlamd. Ik woonde in een compound in Freetown met mijn moeder en een aantal andere straatarme gezinnen. Ik schaamde me en was bang voor wat vreemden van me zouden denken. In achttien jaar had ik me dan ook nog maar één keer buiten de compound gewaagd.

Toen ik achttien was, bezocht Pauline Landis, een Getuigenzendelinge, mijn compound en bood aan me Bijbelles te geven. Toen ik haar vertelde dat ik niet kon lezen of schrijven, zei Pauline dat ze me dat ook zou leren. En dus ging ik op haar aanbod in.

Wat ik uit de Bijbel leerde, stemde me heel blij. Op een dag vroeg ik Pauline of ik een gemeentevergadering mocht bijwonen in een huis dat ongeveer een blok verder stond. „Ik ga er op mijn houten loopblokken heen lopen”, zei ik.

Toen Pauline me op kwam halen, keken mijn moeder en de buren bezorgd toe. Ik pakte mijn houten loopblokken, boog  me naar voren en zette ze op de grond. Vervolgens zwaaide ik mijn lichaam naar voren tot voorbij de blokken. Terwijl ik me over het erf verplaatste, schreeuwden de buren naar Pauline: „U dwingt haar. Ze heeft eerder geprobeerd te lopen en toen is het haar niet gelukt.”

„Jay, wil je mee?”, vroeg Pauline vriendelijk.

„Ja!”, antwoordde ik. „Dat is mijn eigen beslissing.”

De buren keken zwijgend toe hoe ik bij de poort kwam. Toen ik de compound uit ging, begonnen ze te juichen.

Wat heb ik van die vergadering genoten! Daarna was ik vastbesloten naar de Koninkrijkszaal te gaan. Dat betekende dat ik naar het eind van de straat moest ’lopen’, een taxi moest nemen en me dan door de broeders een steile heuvel op moest laten dragen. Ik kwam vaak nat en onder de modder aan en moest dan in de zaal andere kleren aantrekken. Later was een zuster in Zwitserland zo vriendelijk me een rolstoel te sturen, zodat ik me waardig kon verplaatsen.

Door het lezen van de ervaringen van andere gehandicapte Getuigen werd ik gemotiveerd meer te doen om Jehovah te dienen. In 1988 werd ik gewone pionier. Ik bad tot Jehovah me te helpen mijn doel te bereiken: iemand in mijn familie en iemand in mijn gebied te helpen een aanbidder van Jehovah te worden. Mijn gebeden werden verhoord toen ik twee van mijn neven en een vrouw die ik bij straatgetuigenis ontmoette kon helpen de waarheid te leren kennen.

Nu heb ik geen kracht meer in mijn armen en ben ik van anderen afhankelijk om me te rijden. Ik heb ook last van chronische pijn. Maar ik heb gemerkt dat één remedie voor pijn is, anderen over Jehovah te onderwijzen. De vreugde die dat me geeft, verlicht mijn pijn en troost me, omdat Jehovah me heeft opgetild en ik nu een zinvol leven heb.