Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Mijn boek met bijbelverhalen

 VERHAAL 1

Het begin van de schepping

Het begin van de schepping

AL HET goede dat wij hebben, komt van God. Hij maakte de zon om ons overdag licht te geven, en de maan en de sterren als lichten voor de nacht. En God maakte de aarde voor ons om op te wonen.

De zon, de maan, de sterren en de aarde waren echter niet het eerste wat God maakte. Weet je wat hij het eerste maakte? Personen zoals hijzelf. Wij kunnen deze personen niet zien, zoals wij ook God niet kunnen zien. In de bijbel worden zij engelen genoemd. God maakte de engelen om bij hem in de hemel te wonen.

De eerste engel die door God werd gemaakt, was een bijzondere engel. Hij was Gods eerste Zoon en werkte met zijn Vader samen. Hij hielp God bij het maken van alle andere dingen. Hij hielp hem de zon, de maan, de sterren en onze aarde te maken.

Hoe zag de aarde er toen uit? In het begin kon er niemand op wonen. Ze was helemaal met water bedekt. God wilde echter dat er mensen op aarde zouden wonen. Daarom begon hij de aarde voor ons klaar te maken. Hoe deed hij dat?

In de eerste plaats had de aarde licht nodig. Daarom liet God het licht van de zon op de aarde schijnen, en wel zo dat het nacht en dag kon worden. Daarna zorgde God ervoor dat er land uit het water te voorschijn kwam.

Eerst was er niets op het land. Het zag eruit zoals je hier op het plaatje ziet. Er waren geen bloemen, geen bomen en geen dieren. Ook waren er geen vissen in de zee. God moest nog veel doen om de aarde tot een mooie woonplaats voor dieren en mensen te maken.