Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Onlinebijbel | NIEUWEWERELDVERTALING VAN DE BIJBEL (HERZIENING 2017) 

Spreuken 1:1-33

INHOUD

  • Doel van spreuken (1-7)

  • Gevaren van slechte omgang (8-19)

  • Ware wijsheid roept op straat (20-33)

1  De spreuken van Salomo,+ de zoon van David,+ de koning van Israël.+   Ze bieden* wijsheid+ en correctie,* ze laten je wijze woorden begrijpen.   Ze geven je correctie+ die leidt tot inzicht, rechtvaardigheid,+ een goed oordeel*+ en oprechtheid.*   Ze maken iemand die onervaren is verstandig+ en geven een jonge man kennis en denkvermogen.+   Wie wijs is, luistert en neemt meer onderwijs in zich op.+ Wie verstandig is, zoekt deskundige leiding*+   om een spreuk en een moeilijk spreekwoord* te begrijpen, de woorden van de wijzen en hun raadsels.+   Ontzag voor Jehovah is het begin van kennis.+ Alleen dwazen minachten wijsheid en correctie.+   Mijn zoon, luister naar de correctie van je vader+ en verwerp het onderwijs* van je moeder niet.+   Ze zijn een mooie krans voor je hoofd+ en een sierlijke ketting voor je hals.+ 10  Mijn zoon, als zondaars je proberen over te halen, ga daar dan niet op in.+ 11  Als ze zeggen: ‘Ga met ons mee. Laten we op de loer gaan liggen om bloed te vergieten. We verbergen ons en wachten onschuldige mensen op, zomaar. 12  We verslinden ze levend, zoals het Graf* doet, met huid en haar, zoals de kuil mensen opslokt. 13  Laten we al hun kostbaarheden meenemen. We vullen onze huizen met buit. 14  Sluit je bij ons aan,* dan verdelen we eerlijk wat we stelen.’* 15  Mijn zoon, ga niet met ze mee. Zet geen voet op hun pad,+ 16  want hun voeten snellen naar slechtheid. Ze haasten zich om bloed te vergieten.+ 17  Een net spannen als de vogel het kan zien, heeft natuurlijk geen zin. 18  Daarom liggen ze op de loer om bloed te vergieten. Ze verbergen zich om anderen van het leven* te beroven. 19  Zo doen mensen die uit zijn op oneerlijke winst. De bezitters ervan zullen het leven* verliezen.+ 20  De ware wijsheid+ roept luid op straat.+ Ze blijft haar stem verheffen op de pleinen.+ 21  Op de hoek* van de drukke straten roept ze. Bij de ingangen van de stadspoorten zegt ze:+ 22  ‘Onervarenen, hoelang blijven jullie onervarenheid liefhebben? Spotters, hoelang blijven jullie genieten van spot? En dwazen, hoelang blijven jullie kennis haten?+ 23  Luister naar mijn terechtwijzing.*+ Dan stort ik mijn geest voor jullie uit. Ik maak mijn woorden aan jullie bekend.+ 24  Omdat ik riep maar jullie me bleven afwijzen, ik mijn hand uitstak maar niemand er aandacht voor had,+ 25  jullie al mijn advies in de wind bleven slaan en mijn terechtwijzing bleven negeren, 26  daarom zal ik lachen als ellende jullie treft. Ik zal spotten als wat jullie vrezen komt,+ 27  als wat jullie vrezen komt als een storm, en ongeluk jullie treft als een stormwind, als ellende en moeilijkheden over jullie komen. 28  In die tijd zullen ze me blijven roepen, maar ik zal niet antwoorden. Ze zullen me blijven zoeken, maar ze zullen me niet vinden,+ 29  omdat ze kennis hebben gehaat+ en hebben geweigerd ontzag voor Jehovah te tonen.+ 30  Ze hebben mijn advies afgewezen. Ze hebben al mijn terechtwijzingen veracht. 31  Daarom zullen ze de gevolgen dragen van hun gedrag,*+ en ze zullen vol zijn van hun eigen raad.* 32  Want de koppigheid van de onervarenen zal hun dood worden en de gemakzucht van de dwazen hun ondergang. 33  Maar wie naar mij luistert, zal zich veilig voelen*+ en niet gekweld worden door angst voor tegenspoed.’+

Voetnoten

Lett.: ‘om te kennen’.
Of ‘recht’.
Of ‘eerlijkheid’, ‘billijkheid’.
Of ‘wijze raad’.
Of ‘een gelijkenis’.
Of ‘de wet’.
Of ‘Sjeool’, het collectieve graf van de mensheid. Zie Woordenlijst.
Of ‘werp je lot in ons midden’.
Of ‘hebben we een gezamenlijke (geld)buidel’.
Of ‘hun ziel’.
Of ‘hun ziel’.
Lett.: ‘het hoofd’.
Of ‘keer je om als ik je terechtwijs’.
Lett.: ‘eten van de vrucht van hun weg’.
Of ‘listen’, ‘plannen’.
Lett.: ‘in veiligheid wonen’.