Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Onlinebijbel

NIEUWE-WERELDVERTALING VAN DE HEILIGE SCHRIFT

Psalmen 98:1-9

Een melodie.* 98  Zingt Jehovah een nieuw lied,+ Want wonderbaar zijn de dingen die hij heeft gedaan.+ Zijn rechterhand, ja, zijn heilige arm, heeft redding* voor hem verworven.+   Jehovah heeft zijn redding bekendgemaakt;+ Voor de ogen van de natiën heeft hij zijn rechtvaardigheid geopenbaard.+   Hij heeft gedacht aan zijn liefderijke goedheid* en aan zijn getrouwheid jegens het huis van I̱sraël.+ Alle einden der aarde hebben de redding door onze God gezien.+   Juicht in triomf Jehovah toe, [GIJ mensen van] heel de aarde.*+ Weest vrolijk en heft een vreugdegeroep aan en speelt melodieën.+   Speelt melodieën voor Jehovah met de harp,+ Met de harp en de stem der melodie.+   Met de trompetten* en het hoorngeschal,*+ Juicht in triomf voor het aangezicht van de Koning, Jehovah.   Laat de zee bulderen en dat wat haar vult,+ Het productieve land* en zij die daarop wonen.+   Laten de rivieren zelfs in de handen* klappen; Laten de bergen zelfs te zamen een vreugdegeroep aanheffen+   Voor het aangezicht van Jehovah, want hij is gekomen om de aarde te oordelen.+ Hij zal het productieve land oordelen met rechtvaardigheid+ En de volken naar recht.+

Voetnoten

„Een psalm van David”, LXX.
Of: „de overwinning.”
Of: „loyale liefde.”
Zie 96:1 vtn., „Aarde”.
D.w.z. rechte trompetten. Zie Nu 10:2 vtn.
Of: „sjofargeschal.” De sjofar was een gebogen dierenhoorn.
„Het productieve land.” Hebr.: te·vel′; LXX: „de bewoonde aarde”; Lat.: or′bis ter·ra′rum, „het rond der gehele aarde”.
Lett.: „de handpalm.”