Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoudsopgave

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

Onlinebijbel | NIEUWE-WERELDVERTALING VAN DE HEILIGE SCHRIFT (EDITIE 2004)  Zie herziening van 2017

Psalm 112:1-10

112*  Looft Jah!*+א [ʼAʹlef]Gelukkig is de man* die Jehovah vreest,+ב [Bēth]In wiens geboden+ hij zeer veel behagen heeft gevonden.+ ג [Giʹmel]   Machtig zal zijn nageslacht worden op de aarde.+ד [Daʹleth]Wat het geslacht der oprechten betreft, het zal gezegend worden.+ ה [Heʼ]   Waardevolle dingen en rijkdom zijn in zijn huis;+ו [Waw]En zijn rechtvaardigheid houdt eeuwig stand.+ ז [Zaʹjin]   Hij is stralend opgegaan in de duisternis als een licht voor de oprechten.*+ח [Chēth]Hij is goedgunstig en barmhartig en rechtvaardig.+ ט [Tēth]   Goed is de man die goedgunstig is+ en uitleent.+י [Jōdh]Hij schraagt zijn aangelegenheden met gerechtigheid.*+ כ [Kaf]   Want nimmer zal hij aan het wankelen worden gebracht.+ל [Laʹmedh]De rechtvaardige zal tot onbepaalde tijd in de herinnering blijven.+ מ [Mem]   Zelfs voor slecht nieuws zal hij niet bevreesd zijn.+נ [Noen]Zijn hart is standvastig,+ ertoe gebracht zich op Jehovah te verlaten.+ ס [Saʹmekh]   Zijn hart is onwrikbaar;+ hij zal niet bevreesd zijn,+ע [ʽAʹjin]Totdat hij op zijn tegenstanders neerziet.+ פ [Peʼ]   Hij heeft wijd en zijd uitgedeeld;* hij heeft aan de armen gegeven.+צ [Tsa·dhēʹ]Zijn rechtvaardigheid houdt eeuwig stand.+ק [Qōf]Zijn eigen hoorn zal met heerlijkheid worden verhoogd.+ ר [Rēsj] 10  De goddeloze zelf zal het zien en zich stellig ergeren.+ש [Sjin]Met zijn tanden zal hij knarsen en werkelijk wegsmelten.+ת [Taw]De begeerte der goddelozen zal vergaan.+

Voetnoten

Deze psalm is in de vorm van een acrostichon, d.w.z. naar de volgorde van het Hebr. alfabet, opgesteld.
Zie 104:35 vtn.
„Man.” Hebr.: ʼisj.
Of: „In de duisternis is een licht opgegaan voor de oprechten.”
Of: „in het gericht.”
Of: „Hij heeft uitgestrooid.”