Toegankelijkheidsinstelling

Search

Taal selecteren

Doorgaan naar secundair menu

Doorgaan naar inhoud

Jehovah’s Getuigen

Nederlands

28 JULI 2014
OEKRAÏNE

Laksheid van autoriteiten leidt tot straffeloosheid en meer onrecht in Oekraïne

Laksheid van autoriteiten leidt tot straffeloosheid en meer onrecht in Oekraïne

„Als een misdrijf niet wordt bestraft, voelt men zich vrij het slechte te doen.” Dit gezegde gaat op in Oekraïne, waar steeds meer Getuigen van Jehovah het slachtoffer worden van haatmisdrijven. Jehovah’s Getuigen waarderen het dat de Oekraïense regering vrijheid van aanbidding garandeert. Maar ze zijn wel verontrust over het stijgende aantal haatmisdrijven dat tegen ze wordt begaan en over het feit dat de autoriteiten de daders ongestraft hun gang laten gaan.

Escalatie van geweld

Sinds 2008 zijn er in Oekraïne 64 incidenten geweest waarin Getuigen, tijdens of na hun religieuze activiteiten, werden aangevallen. In 16 van die gevallen ging het om mishandeling door orthodoxe priesters.

Van 2008 tot 2013 waren er 190 gevallen van vandalisme aan Koninkrijkszalen en 13 pogingen tot brandstichting. In 2012 en 2013 waren er, vergeleken met de voorgaande vier jaar, twee keer zo veel gevallen van vandalisme aan Koninkrijkszalen.

Ook de hevigheid van de aanvallen neemt toe. In 2012 werden twee Koninkrijkszalen in de regio Donetsk volledig door brand verwoest. In 2013 leidden twee gevallen van fysiek geweld tot letsel dat zo ernstig was dat de slachtoffers voor lange tijd in het ziekenhuis moesten worden opgenomen.

De Getuigen hebben voor hun bescherming een beroep gedaan op de autoriteiten, maar zonder resultaat. De autoriteiten verzuimden het om onmiddellijk een effectief onderzoek naar de incidenten in te stellen en om de daders gepaste straffen te geven.

Laksheid van de autoriteiten

De Koninkrijkszaal van Horlivka in de regio Donetsk, die op 5 juni 2014 het doelwit was van brandstichting en vandalisme

Vandalisme. Als een incident wordt gemeld, komt de politie niet of pas laat in actie. Als er aangifte wordt gedaan, weigeren de autoriteiten vaak stappen te ondernemen, of ze zijn er heel traag mee. Zelfs als er wel juridische stappen worden genomen, laat het Openbaar Ministerie na de daders aan te klagen, of legt de rechtbank alleen symbolische straffen op. In de 111 gevallen van vandalisme die tussen 2008 en 2012 plaatsvonden, hebben de autoriteiten geen aanklacht ingediend.

Fysiek geweld. De politie doet vaak geen behoorlijk onderzoek naar de aanvallen of doet geen moeite de daders te vinden. Als er wel maatregelen worden genomen, worden de daders zelden aangeklaagd of bestraft. Als een rechtbank de daders wel bestraft, staan de straffen niet in verhouding tot de begane misdrijven omdat die niet worden aangemerkt als haatmisdrijven.

Het feit dat de gewelddadigheden niet worden bestraft, geeft de daders een vrijbrief ermee door te gaan

Mishandeling van Oleksandr Tretiak

Oleksandr Tretiak

Een bijzonder wrede aanval vond plaats op 26 november 2013, toen Oleksandr Tretiak, een Getuige van 41 jaar, thuiskwam nadat hij had deelgenomen aan religieuze activiteiten. Twintig minuten lang werd hij op een verschrikkelijke manier mishandeld door drie mannen, die door hem herkend werden: Ruslan Ivanov; Anatoliy Dovhan, een gepensioneerde politiefunctionaris; en Evheniy Ihlinskiy, Dovhans schoonzoon en verkeersagent. Tretiak wist te ontsnappen en werd met spoed naar het ziekenhuis gebracht met ernstige verwondingen, waaronder meerdere snijwonden en kneuzingen, schedel- en hersenletsel, en een gebroken neus.

Ondanks zijn toestand classificeerde de opsporingsambtenaar dit misdrijf als „licht” lichamelijk letsel, toegebracht door drie „onbekende” personen. Na twee weken in het ziekenhuis te hebben gelegen, werd Tretiak voortijdig ontslagen; een langer verblijf zou de autoriteiten verplicht hebben om de aanval als zwaarder dan een „licht” misdrijf te bestempelen. Gezien de ernst van zijn verwondingen moest hij de volgende dag opnieuw worden opgenomen. In totaal verbleef hij 23 dagen in het ziekenhuis.

Onlangs werd er een aanklacht ingediend tegen een van de daders, Ruslan Ivanov. Maar dat was pas nadat hij gevlucht was. Oleksandr Tretiak is bang dat hij opnieuw het doelwit van die mannen zal worden. Hij zegt: „Ik ben ervan overtuigd dat ze gedreven werden door religieuze haat tegen Jehovah’s Getuigen en dat ze van plan waren me te vermoorden.”

Zullen de autoriteiten in actie komen?

In Oekraïne hebben meer dan 150.000 Getuigen van Jehovah jarenlang vrijheid van aanbidding genoten en de autoriteiten zijn in het verleden behulpzaam geweest als er moeilijkheden waren. De Getuigen hopen dat de autoriteiten gedegen onderzoek zullen doen naar strafbare feiten en dat ze de daders ervan gerechtelijk zullen vervolgen zodat die niet langer ongestraft hun gang kunnen gaan.