Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar inhoudsopgave

Mijn leukste vakantie ooit!

Mijn leukste vakantie ooit!

 Een brief uit Ierland

Mijn leukste vakantie ooit!

„JE HEBT wat afleiding nodig zodat je niet de hele tijd zit te piekeren over je examens”, zeiden mijn ouders. „We gaan naar je nicht en haar man in Ierland en gaan ze helpen met de prediking in gebieden waar mensen het goede nieuws van het Koninkrijk nog niet vaak hebben gehoord.”

Zelf vond ik het niet zo’n goed idee. Nu was ik niet alleen zenuwachtig voor mijn examens, maar ook voor de reis. Ik was namelijk nog nooit buiten Engeland geweest en had ook nog nooit gevlogen. Zou een meisje van zeventien uit een drukke voorstad van Londen het langzame tempo van een plaatsje helemaal onder in Ierland niet saai vinden?

Ik had me geen zorgen hoeven te maken. Vanaf het moment dat ons vliegtuig landde, was ik verkocht! Maar omdat we die ochtend al zo vroeg vertrokken waren, viel ik in slaap zodra we in de auto zaten. Af en toe werd ik even wakker en ving ik een glimp op van het ruige maar mooie landschap achter de stenen muurtjes van de smalle wegen.

’s Avonds kwamen we aan in het plaatsje Skibbereen. We brachten de avond door bij een gezin dat naar Ierland was verhuisd om met de prediking daar te helpen. Het was een gezellige, geloofversterkende avond. We speelden een Bijbelspelletje: iedereen moest de naam van een Bijbels persoon uit een zak trekken en iets uit zijn leven uitbeelden. De anderen moesten dan raden om wie het ging.

De volgende dag ging ik samen met mijn ouders, mijn broertje, mijn nicht en haar man en nog een gezin met de ferry naar Heir Island, een klein eiland waar nog geen dertig mensen wonen. Jezus had gezegd dat het goede nieuws op heel de bewoonde aarde gepredikt moest worden. Dus bleven we daar de hele dag en deelden we aanmoedigende Bijbelse gedachten met de vriendelijke, gastvrije bewoners. We genoten ook van het prachtige, ongerepte landschap.

Het was een heldere, zonnige dag. Overal rook je een lichtzoete kokosgeur die verspreid werd door felgele gaspeldoorns. Het moerassige gedeelte in het midden van het eiland was bedekt met een tapijt van lentebloemen. Zandstrandjes gingen over in rotsachtige kliffen, waar aalscholvers en jan-van-genten hun nesten hadden gemaakt. Als we om ons heen keken, zagen we nog veel meer eilandjes, die bijna allemaal onbewoond waren. We waren er diep van onder de indruk hoe prachtig Jehovah alles geschapen heeft!

In Skibbereen maakte ik veel goede vrienden in de plaatselijke gemeente van Jehovah’s Getuigen en probeerde ik dingen die ik nog nooit had gedaan. Het leukste van alles was kajakken. Er is  niets mooiers dan de Ierse kust vanuit een kajak te bewonderen! We gingen vissen voor ons avondeten, maar de zeehonden waren ons telkens voor. We verzonnen onze eigen strandspelletjes, en ik heb me zelfs aan Ierse dans gewaagd!

We trokken er ook wat tijd voor uit om iets over Skibbereen te weten te komen. Toen in de jaren veertig van de negentiende eeuw de aardappeloogst in Ierland mislukte, werd deze plaats en zijn omgeving het ergst getroffen. Duizenden mensen stierven van de honger, en zo’n negenduizend van hen werden begraven in een massagraf. Het is een troost te weten dat er binnenkort onder Gods Koninkrijk nooit meer honger zal zijn en dat heel veel mensen die op zo’n tragische manier zijn gestorven, weer tot leven zullen komen in een paradijs hier op aarde.

We gingen samen met de plaatselijke Getuigen mensen bezoeken die bijna nooit worden bereikt. Hun gemeente heeft namelijk een heel uitgestrekt gebied. We reden over een smal, steil weggetje naar huizen hoog op de rand van een klif die uitkeek op de Ierse Zee. De mensen die we ontmoetten waren weer even vriendelijk en gastvrij. Net zoals we op Heir Island hadden gedaan, begonnen we ons gesprek door te vertellen dat we op vakantie waren en een deel van de tijd gebruikten om een positieve boodschap uit de Bijbel te brengen.

Mijn moeder sprak met een vrouw die onze tijdschriften, De Wachttoren en Ontwaakt!, graag wilde lezen. Toen we haar een paar dagen later weer spraken, vertelde ze dat ze er echt van had genoten.

„Ik zou het leuk vinden als u nog meer tijdschriften zou brengen en we samen kunnen praten,” zei ze. We vertelden dat we bijna naar huis gingen maar dat we iemand zouden vragen om bij haar langs te gaan.

„O jammer,” antwoordde ze, „maar mocht u nog eens in de buurt zijn, kom dan alstublieft bij me langs. Ieren vergeten nooit een gezicht!”

De laatste dag van onze vakantie brachten we met de broeders en zusters van de plaatselijke gemeente op het strand door. We maakten zelf een barbecue van drijfhout en stenen en maakten wat mosselen klaar die we tussen de rotsen in het kristalheldere water hadden gevonden. Hoewel ik een stadsmeisje ben, genoot ik van elke minuut!

Dus wat vond ik van mijn weekje Ierland? Het was mijn leukste vakantie ooit! Ik heb niet alleen veel lol gehad, maar het gaf me ook veel voldoening omdat ik iets deed waar Jehovah blij mee was en wat hem eer gaf. Ik vind het geweldig onze God te dienen, en als je dat samen met vrienden en familie kunt doen die er net zo over denken, wordt het alleen maar leuker. Toen ik weer thuiskwam, bedankte ik Jehovah voor alle lieve, geestelijk ingestelde vrienden die ik heb en voor de mooie herinneringen die me altijd bij zullen blijven.

[Illustratieverantwoording op blz. 25]

An Post, Ireland