Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar inhoudsopgave

 Veelgestelde vragen

Waren de eerste christenen politiek actief?

Waren de eerste christenen politiek actief?

▪ Voordat Jezus naar de hemel opsteeg, gaf hij zijn volgelingen duidelijke richtlijnen voor hun dienst, maar hij gaf ze geen enkel politiek advies (Mattheüs 28:18-20). Zijn volgelingen hielden dus de stelregel aan die hij eerder had gegeven: „Betaalt caesar terug wat van caesar, maar God wat van God is” (Markus 12:17).

Hoe hielp die stelregel Jezus’ volgelingen om in de wereld te leven en er toch geen deel van te zijn? Waar trokken ze de grens tussen wat van de staat (caesar) was en wat van God was?

De apostel Paulus vond dat meedoen aan politiek te ver ging. „Paulus was bereid zijn Romeinse burgerschap te gebruiken om de bescherming te vragen die het rechtsstelsel hem verplicht was te geven, maar hij probeerde geen invloed uit te oefenen op de politieke besluitvorming van die tijd”, zegt het boek Beyond Good Intentions: A Biblical View of Politics.

Welke richtlijnen gaf Paulus aan geloofsgenoten? In hetzelfde boek staat: „Uit zijn brieven aan gelovigen in belangrijke steden zoals Korinthe, Efeze en zelfs Rome spreekt geen interesse voor politiek gekibbel.” Het boek zegt ook dat Paulus „voorschreef onderworpen te zijn aan de overheid, maar in niet één van zijn vele brieven bracht hij ooit een gedragslijn naar voren waar de plaatselijke kerk bij overheidsinstellingen op zou moeten aandringen” (Romeinen 12:18; 13:1, 5-7).

Christenen die tientallen jaren na de dood van Paulus leefden, hielden zich consequent aan dezelfde scheiding tussen hun verplichtingen aan God en aan de staat. Ze hadden respect voor politieke machten maar waren niet politiek actief. In Beyond Good Intentions wordt over die gelovigen gezegd: „Hoewel de eerste christenen geloofden dat ze verplicht waren de regeringsautoriteiten te respecteren, geloofden ze niet in deelname aan politiek.”

Maar ongeveer driehonderd jaar na de dood van Christus kwam daar verandering in. De theoloog Charles Villa-Vicencio zegt: „Toen de politieke structuren onder Constantijn veranderden, waren er blijkbaar veel christenen die bij de overheid gingen werken, in het leger gingen of een politiek ambt op zich namen” (Between Christ and Caesar). Het gevolg? Aan het eind van de vierde eeuw n.Chr. was die mix van religie en politiek de staatsreligie van het Romeinse Rijk geworden.

In deze tijd moedigen veel godsdiensten die beweren Christus te volgen het nog steeds aan dat hun leden politiek actief zijn. Maar die godsdiensten volgen niet het voorbeeld van Christus of de eerste christenen.