Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar inhoudsopgave

„Een land vloeiende van melk en honing”

„Een land vloeiende van melk en honing”

 „Een land vloeiende van melk en honing”

TOEN Jehovah God de Israëlieten uit Egypte bevrijdde, beloofde hij hen naar „een land vloeiende van melk en honing” te brengen (Exodus 3:8).

Nadat de Israëlieten zich in het beloofde land hadden gevestigd, hielden ze koeien, schapen en geiten, dus hadden ze melk genoeg. Maar hoe zat het met honing? Sommigen denken dat er de zoete siroop van dadels, vijgen of druiven mee wordt bedoeld. En als de Bijbel over bijenhoning spreekt, gaat het meestal over wilde honing, niet over een gekweekt product (Rechters 14:8, 9; 1 Samuël 14:27; Mattheüs 3:1, 4). Was er in het land echt net zo’n overvloed aan honing als aan melk?

Een recente archeologische vondst in Israël geeft meer duidelijkheid. Een persbericht van de Hebreeuwse Universiteit zei over deze ontdekking: „Volgens professor (Amihai) Mazar is dit de oudste bijenstal [verzameling bijenkorven] die tot nu toe bij een archeologische opgraving in het Midden-Oosten gevonden is. Hij dateert uit de tiende tot begin negende eeuw voor onze jaartelling.”

De archeologen vonden meer dan dertig bijenkorven, in drie rijen opgesteld, en ze schatten dat op het hele terrein zo’n honderd bijenkorven gestaan hebben. Bij een onderzoek van de korven zijn bijenresten en bijenwasmoleculen gevonden. Wetenschappers schatten dat „er jaarlijks wel vijfhonderd kilo honing uit deze korven gewonnen kon worden”.

In oude tijden vond men honing heerlijk om te eten en werd bijenwas gebruikt in de metaal- en leerindustrie. De was werd ook gebruikt voor schrijftafeltjes, houten plankjes met een opstaande rand, die met was gevuld waren. Later kon die was weer gesmolten worden voor hergebruik. Welke conclusie trekken archeologen uit deze ontdekking?

„Hoewel de Bijbel niets zegt over bijenteelt in het oude Israël,” vervolgt het persbericht, „blijkt uit de ontdekking van de bijenstal in Tel Rehov dat het houden van bijen en het winnen van bijenhoning en honingraten een hoogontwikkelde industrie was, zelfs al in de periode van de eerste tempel [van Salomo]. Het is dus mogelijk dat de term honing in de Bijbel inderdaad betrekking heeft op bijenhoning.”

[Illustratieverantwoording op blz. 15]

Institute of Archaeology/Hebrew University © Tel Rehov Excavations