Doorgaan naar inhoud

Doorgaan naar inhoudsopgave

Het fort van Theresienstadt: Vesting zonder bescherming

Het fort van Theresienstadt: Vesting zonder bescherming

 Het fort van Theresienstadt: Vesting zonder bescherming

TUSSEN Dresden en Praag ligt Theresienstadt (Tsjechisch: Terezín). In deze stad staat een groot fort met brede stadswallen. Het was gebouwd om vijandige legers te weren en de bewoners van het gebied eromheen bescherming te bieden.

Het fort werd gebouwd in opdracht van Jozef II, koning van Duitsland en keizer van het Heilige Roomse Rijk. Hij was aanwezig toen het terrein werd opgemeten en later, tegen het einde van 1780, bij het leggen van de eerste steen. Het fort werd gebouwd ter ere van zijn moeder, keizerin Maria Theresia *, en naar haar vernoemd. Naar verluidt waren er op een bepaald moment wel 14.000 arbeiders op het bouwterrein. Het grootste deel van het werk werd binnen vier jaar voltooid.

Theresienstadt was destijds het grootste fort in het Habsburgse Rijk. Voor de bouw van het fort werden technieken gebruikt die voor die tijd heel geavanceerd waren. Maar nog voordat het fort voltooid was, hadden de militaire tactieken en strategieën grote veranderingen ondergaan.

Bij invasies werden niet langer vestingen belegerd. Vijandelijke legers omsingelden en plunderden dorpen in de omgeving. Het resultaat was dat Theresienstadt in 1888 zijn status als militair fort kwijtraakte. De brede verdedigingswallen werden veranderd in mooie parken met wandelpaden en bankjes.

Het fort en de stad

Het fort van Theresienstadt was ontworpen als versterkte stad. Achter de brede stadswallen stonden woningen voor soldaten, hun gezinnen en andere burgers.

Naast het grote fort werd een kleiner fort gebouwd dat als militaire gevangenis fungeerde. Begin negentiende eeuw werden tegenstanders van het Habsburgse Rijk daarin opgesloten. Zo’n honderd jaar later zaten in deze gevangenis ook de jongeren die in 1914 betrokken waren bij de moord op aartshertog Frans Ferdinand in Sarajevo. Omdat ze onder de twintig waren, werden ze niet ter dood veroordeeld. Ze werden gemarteld, en enkelen werden krankzinnig. Binnen vrij korte tijd stierven de meesten van hen in de gevangenis. Gavrilo Princip, de feitelijke moordenaar, stierf in deze gevangenis terwijl de Eerste Wereldoorlog nog aan de gang was.

Het kleine fort was een van de beruchtste gevangenissen in Oostenrijk-Hongarije. Vaak  werden gevangenen vastgeketend en in koude, vochtige kerkers opgesloten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kreeg Theresienstadt een nog gruwelijker bestemming.

’Kuuroord Theresienstadt’ — Wat het echt was

Nadat de nazi’s het land bezet hadden dat nu Tsjechië is, begonnen ze in 1941 Joden naar het grote fort te deporteren. Theresienstadt werd door de nazi’s veranderd in een gesloten Joods getto. Ze beweerden dat rassenscheiding nodig was om conflicten tussen Joden en niet-Joden te vermijden. De stad werd aan het publiek gepresenteerd als een besloten kuuroord voor Joden, maar maakte in werkelijkheid deel uit van het geheime plan van de nazi’s om alle Joden uit de weg te ruimen.

In het oostelijke deel van Europa stonden al vernietigingskampen van de nazi’s waar Joden uit Theresienstadt en vergelijkbare plaatsen naartoe werden getransporteerd en omgebracht werden. * Hoewel het bestaan van zulke kampen al sinds de jaren dertig algemeen bekend was, hadden de nazi’s ze in hun propaganda als opvoedingskampen voorgesteld. Maar er kwamen steeds meer berichten naar buiten over de omstandigheden in de kampen. Als gevolg daarvan kwamen de nazi’s onder druk te staan om de beschuldigingen te weerleggen. Daarom bedachten ze een list om het internationale publiek om de tuin te leiden.

In 1944 en 1945 werden vertegenwoordigers van het Internationale Rode Kruis uitgenodigd om het grote fort te inspecteren en met eigen ogen te zien hoe het eraan toeging. Om de illusie te wekken dat het fort gewoon een kuuroord was, deden de nazi’s er alles aan om het te verfraaien.

De nummers van huizenblokken werden vervangen door mooi klinkende straatnamen. Er werden een nepbank, een kleuterschool en winkels gecreëerd. Het centrum van het getto kreeg zelfs een café. Gevels van huizen werden gerepareerd, het park werd opnieuw aangeplant en er kwam een paviljoen waar concerten gehouden werden.

Daarna werd er een delegatie van het Rode Kruis uitgenodigd voor een rondleiding. Ze mochten met vertegenwoordigers van het Joodse ’zelfbestuur’ praten. In feite waren dit zorgvuldig geselecteerde inwoners die de vragen precies zo beantwoordden als hun tijdens oefensessies door de nazi’s ingeprent was. Bij  twee afzonderlijke inspectieronden wisten de nazi’s de afgevaardigden van het Rode Kruis voor de gek te houden. Het gevolg was dat Theresienstadt in hun rapporten beschreven werd als een gewone Joodse stad met inwoners voor wie goed gezorgd werd. Na het vertrek van de delegatie gingen de ontberingen door. De meeste Joden verhongerden en stierven. Slechts enkelen haalden het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Het kleine fort

Ook de nazi’s gebruikten het kleine fort als gevangenis. De omstandigheden daar waren net zo slecht als in de concentratiekampen. Voor velen van de tienduizenden mannen en vrouwen die er vastzaten, was het niet meer dan een doorgangskamp vanwaaruit ze naar een van de grotere kampen in het gebied van het Duitse Rijk werden vervoerd.

Er hebben minstens twintig Getuigen van Jehovah uit Praag, Plzeň en andere delen van het land in het kleine fort vastgezeten. Waarom zaten zij daar? Ze weigerden de nazi’s te steunen en bleven politiek neutraal. Ondanks het verbod op hun prediking gingen ze ermee door anderen het goede nieuws uit de Bijbel te vertellen. De enige reden voor het lijden dat ze ondergingen was hun geloof, en verschillenden van hen werden geëxecuteerd of doodgemarteld.

Een belangrijke les

De Bijbel zegt: „Stelt uw vertrouwen niet op edelen, noch op de zoon van de aardse mens, aan wie geen redding toebehoort. Zijn geest gaat uit, hij keert terug naar zijn grond; waarlijk, op die dag vergaan zijn gedachten” (Psalm 146:3, 4). Theresienstadt is daar een duidelijk bewijs van.

[Voetnoten]

^ ¶3 Zij was ook de moeder van Marie Antoinette, die uiteindelijk koningin van Frankrijk werd.

^ ¶12 Meer informatie is te vinden in de Ontwaakt! van 22 augustus 1995 (blz. 3-15) en 8 april 1989 (blz. 3-20).

[Kader op blz. 20]

JEHOVAH’S GETUIGEN IN HET KLEINE FORT

De meeste Getuigen van Jehovah die vastzaten in Theresienstadt waren eerst in het hoofdkwartier van de Gestapo in Praag ondervraagd. Vanuit Theresienstadt werden ze meestal naar concentratiekampen in Duitsland gestuurd. Hoe gingen ze om met de verschrikkelijke omstandigheden en met de eenzaamheid in de gevangenissen?

Een voormalige gevangene van Theresienstadt die Getuige is, vertelt: „Omdat ik de Bijbelse leringen niet wilde vergeten, herhaalde ik ze steeds opnieuw in mijn geest. In elke gevangenis waar ik terechtkwam, zocht ik naar andere Getuigen. Als ik ze vond, probeerde ik contact met ze te leggen. Tegelijkertijd probeerde ik zo veel mogelijk tot anderen te prediken, voor zover de omstandigheden dat toelieten.”

Haar aanpak werkte. Ze is God trouw gebleven in de tijd dat ze gevangenzat en ook in de jaren daarna.

[Illustratie op blz. 18]

Postzegel van een idyllisch Theresienstadt uit de Tweede Wereldoorlog

[Illustratie op blz. 19]

Pas aangekomen gevangenen op weg naar de barakken

[Illustratie op blz. 19]

Britsen in de vrouwenafdeling van het fort

[Illustratie op blz. 20]

Hoofdingang van het kleine fort

[Illustratieverantwoording op blz. 19]

Both photos: With courtesy of the Memorial Terezín