Psalm 128:1-6

Een lied der opgangen. 128  Gelukkig is ieder die Jehovah vreest,+Die zijn wegen bewandelt.+   Want gij zult de moeizame arbeid van uw eigen handen eten.+Gelukkig zult gij zijn en het zal u welgaan.+   Uw vrouw zal zijn als een vruchtdragende wijnstok+In de binnenste vertrekken van uw huis.Uw zonen zullen zijn als olijfboomstekken+ rondom uw tafel.   Zie! Zo zal de fysiek sterke man gezegend worden+Die Jehovah vreest.+   Jehovah zal u zegenen vanuit Si̱on.+Zie ook* het goede van Jeru̱zalem al de dagen van uw leven,+   En zie de zonen van uw zonen.+Moge er vrede zijn over I̱sraël.+

Voetnoten

Of: „dus.”